Economische adrenaline is uitgewerkt in Zimbabwe; Lage marktprijzen en ernstige droogte hebben tot een dramatische daling van de voedselproduktie geleid

HARARE, 13 JUNI. Boer Faurai Mugadza hangt een nieuw bundeltje tabaksbladeren in de torenhoge oven. Hij stookt het houtvuurtje buiten het gebouwtje wat hoger op en controleert de slang die de rook naar binnen leidt. “Tabak blijkt onze redding”, zegt hij. “Zonder tabak had ik het niet gered dit jaar.”

Lage prijzen voor voedselgewassen en een zeer ernstige droogte hebben geleid tot een dramatische daling van Zimbabwes agrarische produktie. Ook andere economische sectoren lijden onder het gebrek aan regen. In plaats van de vóór het regenseizoen voorspelde 4 à 5 procent groei zal de economische produktiviteit dit jaar mogelijk met 10 procent afnemen. Alleen de produktie van tabak, dat weinig regenval nodig heeft, groeit met 6 procent.

“De droogte heeft een verschrikkelijk effect op de economie”, vertelt Christaan Poortman, vertegenwoordiger van de Wereldbank in de hoofdstad Harare. “Het anderhalf jaar geleden begonnen economische structurele aanpassingsprogramma (ESAP) ligt een beetje in duigen. Er vindt vrijwel geen agrarische export meer plaats, terwijl er dure mais moet worden geïmporteerd. Sommige mijnbouwbedrijven halen niet meer hun volle capaciteit door gebrek aan water.” In februari beloofden Westerse donoren 1 miljard dollar voor Esap, maar nu blijkt dat door de droogte ruim 500 miljoen dollar economische schade wordt geleden.

Zimbabweanen hebben het sinds de onafhankelijkheid in 1980 nog nooit zo moeilijk gehad. Het liberaliseringsprogramma Esap begon vorig jaar al, nog voordat de droogte toesloeg, hoge sociale kosten te eisen. Consumentenprijzen werden vrijgegegeven, subsidies op voedsel afgeschaft. Behalve de allerarmsten ging de bevolking betalen voor lager onderwijs en gezondheidszorg.

De inflatie liep in mei op tot omstreeks 35 procent. Het aantal patiënten in ziekenhuizen loopt terug, evenals het aantal leerlingen op enkele scholen op het platteland. Het basisvoedsel sadza (maismeel) is schaars en valt soms alleen nog op de zwarte markt te verkrijgen. Volgens gegevens van de Zimbabweaanse Consumentenraad dient een familie van vier leden 743 Zimbabweaanse dollar per maand uit te geven om zichzelf in basisbehoeftes te voorzien. Het gemiddelde minimumloon ligt op 292 Zimbabweaanse dollar per maand. “De situatie is wanhopig”, concludeert Morgan Tsvangirai, secretaris-generaal van de Zimbabweaanse vakbondscentrale ZCTU.

“We zijn pas anderhalf jaar geleden met het aanpassingsprogramma begonnen”, berekent Poortman van de Wereldbank, die de regering in haar nieuwe beleid steunt en adviseert. “Daarom zitten we nog in de crisisperiode, het is een langzaam proces. Er vinden al wat meer buitenlandse investeringen plaats, vooral in de mijnbouw. Het is mondjesmaat, maar er valt een positieve reactie waar te nemen op de hervormingen”.

Tsvangirai van de ZCTU kan geen lichtpuntjes ontdekken. “Ik zie geen enkele indicatie dat de beloftes van Esap worden waargemaakt”, zo hekelt hij het nieuwe economische beleid. “Ik zie niet dat er meer arbeidsplaatsen worden gecreëerd, misschien zal er sprake zijn van de-industrialisatie. Zimbabwe vormde in 1980 de hoop van Afrika. Is het niet zonde dat in 12 jaar die hoop ten onder is gegaan?”

De regering van premier (en nu president) Robert Mugabe erfde in 1980 van het blanke regime een van de betere economieën van zwart Afrika. Het land kent een goede infrastructuur en een relatief sterke industrie. Als gevolg van de internationale sancties moest het illegale blanke regime een groot aandeel in de economische activiteiten nemen. De uit noodzaak geboren beschermde en centraal geleide economie sloot goed aan bij de marxistische idealen van de nieuwe zwarte machthebbers. “De overgang van een fascistische naar een socialistische economie verliep opvallend gemakkelijk”, vat een econoom de eerste jaren van de onafhankelijkeid samen.

Met een grootschalig sociaal programma kwam de regering beloftes van de bevrijdingsstrijd na. In de door blanken veronachtzaamde zwarte gemeenschapsgebieden op het platteland werden wegen aangelegd, scholen en klinieken gebouwd en de kleine zwarte boeren kregen kunstmest en aantrekkelijke prijzen voor hun produkten. Bij de onafhankelijkheid telde Zimbabwe 197 lagere scholen, negen jaar later 1052. De agrarische produktie schoot omhoog, het land werd de graanschuur van de regio en Zimbabwe het succesverhaal van het zwarte continent.

Twaalf jaar later is de adrenaline uitgewerkt. De economie bleek te protectionistisch en mede daarom vonden er geen buitenlandse investeringen plaats. De landbouw- en mijnbouwsectoren zorgen voor een redelijk grote export, maar tegen prijzen die uiterst gevoelig zijn voor weersgesteldheid en schommelingen op de internationale markt. Voor de 300.000 schoolverlaters per jaar komen er slechts 10.000 arbeidsplaatsen vrij, Zimbabwe kent een werkloosheid van ongeveer 35 procent. Bovendien paste vanaf 1989 de regering uit hoogmoed over de spectaculaire successen in de agrarische sector de landbouwprijzen niet meer aan. De produktie liep onmiddellijk terug.

In 1990 ging het roer om. De regering gaf haar leidinggevende rol in de economie op en met tegenzin gooide Mugabe het socialistische model in de vuilnisbak. Architect van het hervormingsprogramma Esap is minister van financiën Bernhard Chidzero. De hoofdelementen van Esap zijn dezelfde als de structurele aanpassingsprogramma's zoals die elders op het continent worden voorgeschreven door het Internationale Monetaire Fonds: devaluatie, sterke bezuiniging op overheidsuitgaven, ontslagen in de ambtenarij, privatisering van staatsbedrijven en liberalisering van de handel. Een van de hoofddoelen is de kleine en grootschalige industriële activiteiten te stimuleren door ze efficiënter en meer competitief te maken, waarna er extra arbeidsplaatsen kunnen vrijkomen.

Vakbondsleider Tsvangirai noemt Esap een louter technocratische excercitie. “Er had consultatie over Esap moeten plaatsvinden, de regering heeft de bevolking nooit uitgelegd wat de economische problemen precies zijn”, meent hij. “Bovendien moet de regering zelf efficiënter gaan werken, er gaat zoveel geld verloren. Onze strijdkrachten zijn veel te groot en waarom hebben we 54 ministeries nodig? We kennen mede een begrotingstekort door het opgeblazen bestuursapparaat.”

De hoge werkloosheid in het bijzonder baart de vakbonden grote zorgen. “De werkloosheid is geïnstitutionaliseerd in dit land”, zegt Tsvangirai. “In de informele sector, waar nu al 2 miljoen Zimbabweanen werk vinden, ligt een oplossing. De regering moet de kleine ondernemers, degenen die werkzaam zijn in hun achtertuin, gaan steunen. Verder kunnen er in de landbouw arbeidsplaatsen worden gecreëerd. Twaalf jaar lang zonden wij kinderen naar school die op een overvolle arbeidsmarkt komen. Hun kennis is niet toepasbaar. Waarom hebben wij niet meer mensen opgeleid voor het boerenbedrijf?”

Gelijksoortige aanpassingsprogramma's als Esap ontspoorden veelal elders in Afrika door het uitblijven van buitenlandse investeringen. De problemen rond de droogte en de onlangs door het parlement aangenomen wet waarmee (landbouw)grond door de staat gemakkelijk kan worden onteigend, maken Zimbabwe nog weinig aantrekkelijk voor buitenlandse investeerders. De meeste economen onderstrepen daarentegen het economische potentieel van Zimbabwe in de regio. Zij zien op de iets langere termijn de economische toekomst van Zimbabwe rooskleurig in.

Uiteindelijk zal doorslaggevend zijn of Esap een politiek draagvlak krijgt. Binnen de regeringspartij Zanu (PF) staat niet iedereen achter de economische hervormingen. Bij gebrek aan zichtbare verbetering bestaat er vooralsnog grote oppositie onder de Zimbabweanen tegen de hoge sociale kosten. Esap heet in de volksmond Satani Aripano, Shona voor "De duivel is hier'. De populariteit van de regering is nog nooit zo klein geweest. Menig Zimbabweaan vraagt om een structurele aanpassing in de politieke top.

Vakbondsleider Tsvangirai geeft de regering alvast een schot voor de boeg. “Er zullen demonstraties komen tegen Esap”, dreigt hij. “Het zal uitlopen op de grootste demonstratie in de geschiedenis van dit land. En als het eenmaal zover is, dan zal er geen weg meer terug zijn, dan komen Esap en de regering in gevaar.”

Foto: Een partij nieuwe schoenen in Zimbabwe, gemaakt van autobanden. (Foto Jan Lankveld)