Bond tegen het vloeken heerst langs de velden

KIEV, 13 JUNI. Terwijl de halve samenleving scheldend en tierend door het leven gaat, bewaakt de politie langs het voetbalveld de betamelijkheid nog steeds accuraat. Op de tribune dient volgens haar het fatsoen der burgerij beschermd te worden. Nu het elders bijna onmogelijk is geworden, kan daar de werkelijkheid aldus tenminste nog enigszins gekleurd worden.

In het stadion van Dinamo Kiev zitten vandaag hooguit vijfduizend mensen. Alleen de onderste ring van de eretribune in dit stadion, waar honderdduizend mensen een plaats zouden kunnen vinden, is gevuld voor de wedstrijd tegen Boekovina uit Tsernovets. Het zijn de laatste trouwe aanhangers van een club die ooit alle Europese velden overrompelde, in die roemruchte jaren zeventig/tachtig toen Vladimir Lobanovskij (begin jaren zestig niet meer dan een verdienstelijke spits maar later toptrainer, kortom, de Rinus Michels van Kiev) er nog als trainer de scepter zwaaide en sterren als Blochin, Belonov en vervolgens Protasov, Zavarov, Michailitsjenko en Koetsnetsov er voetballend de lijnen mochten uitzetten.

Nu is er niets meer van over. De grote jongens zijn naar elders vertrokken, voetballen er niet meer zo goed als ze ooit deden maar verdienen naar Sovjet-maatstaven niettemin wel het grote geld. Maar liefst elf van de twintig geselecteerde spelers in het nationale GOS-team, dat in deze weken voor het laatst op een Europees kampioenschap optreedt, voetbalt tegenwoordig in den vreemde. Dat is een hoger aantal "buitenlanders' dan de Duitse Mannschaft (acht) en Oranje (zes) in hun gelederen hebben. Componist Dmitri Sjostakovitsj, een ware voetbal-freak, zou er veel verdriet over hebben gehad.

In eigen land is de sfeer er dus niet naar om naar grote hoogten te stijgen. De Oekraïense voetbalbond heeft sinds dit jaar desondanks een eigen competitie. En dat is te merken. Tegen een vereniging als Boekovino uit Tsjernovtsi - naar Nederlandse verhoudingen te vergelijken met het Wezepse WHC uit de onderste regionen der eerste klasse zaterdag-amateurs - voetbalt het eerste elftal van voormalig Europacup-winnaar Dinamo Kiev als een stelletje oude kranten. Met een treurige 1-0 stelt Dinamo, gesponsord door Lufthansa en Mercedes Benz (voor de eretribune staat een hele rij uit de 190-serie, waarin de heren bestuurders zich zonder gêne laten rijden) uiteindelijk de verhoudingen vast.

Op de tribune vervelen de toeschouwers zich dan ook stierlijk. De entree op de tribune van Oleg Koetsnetsov, tegenwoordig spelend bij Glasgow Rangers en daarom modieus gekleed in een bordeaux-rood leren jack, kan aanvankelijk nog voor enig enthousiasme zorgen.

Als die opwinding voorbij is, rest er nog maar één uitlaatklep: jezelf vermaken. Want na de vaststelling dat de opkomende back Oleg Loezjni het niet haalt bij Ronald Koeman (zijn beslissende doelpunt in de Europacupfinale van Barcelona tegen Sampdoria heeft bij buurman Vova veel indruk gemaakt) is het voetbal-technische repertoire wel uitgeput. Lekker vloeken dus en andere vormen van onwelvoeglijk gedrag, die hier in het kader van het fatsoen maar beter niet gereleveerd kunnen worden. Het begint rustig met yells tegen alle andere clubs op de rest van de aardbodem. Het eindigt uiteraard met onvermijdelijke conclusies als “ .... (job) je moeder”, “jullie ... (bljadski) zonen” en “vuile Boekovinische .... (soeki)”.

Vova vuurt het groepje van tien jongens daar bij aan. Staande op de banken zet hij de leuzen in, die vervolgens door de rest worden overgenomen. Kortom, precies zoals het overal ter wereld gaat. Een politiefunctionaris ziet het een paar minuten aan. Totdat Vova zijn Oekraïense vlag (eveneens de clubkleuren van Dinamo) oppakt en onvertaalbaar “.....(mata, mata, mata)” begint te kraaien. De diender commandeert Vova onmiddellijk naar het hek, spreekt hem bestraffend toe en waarschuwt hem voor de laatste maal. Vova houdt de rest van de wedstrijd keurig zijn mond.

De politie van Kiev volgt aldus het voorbeeld van de stad Roednogo. De gemeenteraad heeft zich daar onlangs ook opgeworpen als publiek orgaan van de Bond tegen het Vloeken. Duizend roebel boete staat er op schelden op straat. Of vijftien dagen hechtenis.

In de voormalige Sovjet-Unie begint de civilisatie daar waar ze bij ons juist is opgehouden: langs het voetbalveld.