Wiersma hoopt na titelwinst op meer aandacht damsport

SURHUISTERVEEN, 12 JUNI. De terugkeer van de nieuwe Nederlandse kampioen Harm Wiersma in de damtop verliep aanvankelijk minder opvallend dan vier jaar geleden de rentree van Ton Sijbrands die toen met drie winstpartijen opende. Sijbrands voerde praktisch het hele toernooi de ranglijst aan. Wiersma begon veel rustiger en kwam pas drie ronden voor het einde alleen op kop. Toch boekte de Fries uiteindelijk een zege meer dan zijn even opmerkelijke voorganger en zorgde daarmee voor een indrukwekkende rentree.

De 39-jarige Wiersma stelde gistermorgen in de laatste ronde van de nationale titelstrijd snel zijn eerste plaats veilig. Hij stelde al na achttien zetten Arjan van Leeuwen remise voor en dat accepteerde zijn tegenstander. Het betekende Wiersma's zesde Nederlandse kampioenschap. “Ik ben dik tevreden over het verloop van het toernooi”, sprak hij na afloop.

“In het verleden ging ik wel eens freewheelend op de titel af, maar daar kan nu geen sprake meer van zijn. Het deelnemersveld ligt wat kracht betreft nu veel dichter bij elkaar. Daarom was mijn start ook wat moeizaam”, stelde Wiersma die in 1972 zijn eerste titel behaalde met de indrukwekkende score van 19 uit 11, op zes punten gevolgd door zijn naaste concurrent. Van 1974 tot en met 1977, toen Wiersma vier keer de titel veroverde, schommelde het verschil met de nummer twee tussen de twee en vier punten.

In 1981 beëindigde Wiersma zijn dertiende nationale titelstrijd als tweede achter Jannes van der Wal. Drie jaar later, toen hij ook zijn zesde wereldtitel sinds 1976 had behaald, was voor hem het verzadigingspunt bereikt. “De motivatie was verdwenen. Ik had het hoogst bereikbare in handen en wilde wel eens iets anders gaan doen”, aldus de Fries. Zijn kennis leidde tot een trainersfunctie in dienst van de Koninklijke Nederlandse Dam Bond (KNDB). Sindsdien treedt hij op als bondscoach en trainer van de top- en subtopspelers, bereidt deelnemers voor op individuele toernooien en is dikwijls aanwezig als begeleidend coach.

“Dat ik weer ben gaan spelen, komt omdat ik vind dat het dammen meer aandacht nodig heeft. Daarbij denk ik dat het tijd wordt dat de wereldtitel weer in Nederland terugkomt. Of ik daar nu al een eigen bijdrage aan kan leveren ga ik onderzoeken”, aldus de 39-jarige Fries. “Ik heb de wedstrijdspanning zelf weer eens van nabij meegemaakt. Van de andere kant vind ik dat het dammen een belangrijkere plaats in de sportwereld moet krijgen. Ik wil in ieder geval proberen deze sport een positiever image te geven.”

Zijn deelneming aan het wereldkampioenschap laat hij van een aantal factoren afhangen. “Ik ga binnenkort naar Frankrijk om te onderzoeken hoe professioneel de organisatie in elkaar zit. Er zijn positieve berichten uit Toulon gekomen. Met 24 spelers wordt het in ieder geval het grootste wereldkampioenschap uit de damhistorie. Dat kost veel tijd, maar nog meer tijd zal worden besteed aan het belangrijkste doel dat mij voor ogen staat: een Nederlander wereldkampioen te krijgen. Daar ga ik al mijn energie in steken.”