Kwartaalwinst van ING fors omhoog gegaan

AMSTERDAM, 12 JUNI. De netto winst van de Internationale Nederlanden Groep (ING) is in het eerste kwartaal bijna negen procent gestegen. Herstel bij de schadeverzekering was de belangrijkste oorzaak van de winststijging. Het bestuur van ING handhaaft zijn prognose voor de rest van het jaar.

ING maakte gisteren het resultaat over de eerste drie maanden van dit jaar bekend. De winst kwam uit op 358 miljoen gulden. De netto winst werd niet beïnvloed door rente over de vorig jaar uitgegeven achtergestelde obligatielening, noch door gederfde rente in verband met de uitbetaling van 6,50 gulden in contanten aan certificaathouders van Nationale-Nederlanden die daar bij de fusie met NMB Postbank voor kozen. De eerder uitgesproken prognose dat over 1992 een netto winst per aandeel zal worden gehaald die tenminste gelijk ligt aan vorig jaar blijft gehandhaafd.

Per aandeel steeg de winst 12 procent, van 1,33 gulden tot 1,49 gulden. Die winststijging viel hoger uit dan de winstgroei omdat hier wel een correctie ten opzichte van de cijfers van vorig jaar plaats had.

Het bestuur van ING sprak gisteren van een “bevredigend kwartaalresultaat”. De verbetering van het resultaat kwam vooral tot stand onder invloed van een betere rentemarge in het bankbedrijf en een resultaatomslag in de schadeverzekering. Het verlies bij schade werd omgezet in een winst voor belastingen van vier miljoen gulden. Ook bij de buitenlandse verzekeringsactiviteiten ging het beter. Met name in Noord-Amerika en Australië trok het resultaat flink aan.

Ook het resultaat van het bankbedrijf ging omhoog. De stijging bedroeg 4,5 procent van 244 miljoen gulden tot 255 miljoen gulden. De bancaire kredietverlening nam toe met 3,1 procent van 126,5 miljard gulden eind december tot 130,4 miljard gulden. Bij de buitenlandse kredietverlening bedroeg de toename 13,1 procent.

Het balanstotaal van ING steeg in de eerste drie maanden met 3,6 procent van 297,8 miljard gulden tot 308,6 miljard gulden. Het zichtbare eigen vermogen nam toe met 7,4 procent van 13,9 miljard gulden tot 14,9 miljard gulden. De toeneming van het eigen vermogen is voor een belangrijk deel veroorzaakt door de waardestijging van de aandelenportefeuille.

De opbrengsten van beleggingen en andere activiteiten stegen met twee miljoen gulden tot 136 miljoen gulden. Door de holding doorberekende rentelasten was de oorzaak voor de relatief lichte stijging.