Dodelijk omhelsd door 250 kilo; Luchtige roman van Renate Dorrestein

Renate Dorrestein: Ontaarde moeders. Uitgeverij Contact, 246 blz. Prijs: ƒ 32,50.

In haar roman De vermaledijde vaders (1985) stelde Monika van Paemel de mannen aansprakelijk voor oorlog en voor al het geweld in de wereld. Maar ook de vrouwen kwamen er in het felle boek niet zo best af, omdat zij gehoorzaam het manvolk voeden en verzorgen en daarmee het willige kanonnenvlees blijven leveren dat de oorlog in stand houdt. Zij riep op tot een vreedzame revolutie van vrouwen tegen de gevaarlijke mannelijke overheersing.

Ontaarde moeders, de nieuwe roman van Renate Dorrestein zou je kunnen zien als een aanvulling op De vermaledijde vaders, ook al gaat het bij haar niet om het redden van de wereld. Haar vrouwen hebben zelfzuchtiger motieven: zij willen in de eerste plaats hun eigen leven redden. ”Aardig zijn is nooit haar fort geweest', wordt er opgemerkt over zo'n ontaarde moeder, die aan haar ”natuurlijke bestemming': het verzorgen en opvoeden van haar kind ontsnapt is. Dat klinkt als een gepeperd feministisch manifest. Maar Dorrestein zou Dorrestein niet zijn, als niet al in het eerste hoofdstuk geknaagd zou worden aan het trotse zelfbewustzijn van de vrouw die man en dochter verliet om zich te kunnen wijden aan de tropische plantkunde. Zij spreekt zichzelf krachtig toe, maar wordt ineens toch sentimenteel. “”Wat gek - ik huil. Nou ja, een mens moet soms huilen. Dat betekent op zichzelf niets (-). Ik ben juist altijd zo opgewekt, zo zorgeloos, ik ben iemand die nooit problemen maakt. Nergens over'.”

Moralistisch of boodschapperig is Ontaarde moeders niet. Daarvoor gebeurt er in de roman veel te veel: de theorie wordt ruimschoots overspoeld door de veel aantrekkelijkere praktijk. Bovendien is die theorie niet altijd even houdbaar. “Het is immers al tijden bekend”, zo laat Dorrestein een antipathiek kruidenvrouwtje beweren, “dat het mannelijke Y-chromosoom in feite een gemankeerd vrouwelijk X-chromosoom is”. Het is haar wel toevertrouwd om over een zwaar en ingewikkeld onderwerp als het moederschap een luchtig boek te schrijven, met veel spannende verwikkelingen, een ingenieuze plot met verrassende ontknoping en met veel ruimte voor fijne clichés als ”Nu ja: leven en laten leven, dat is mijn motto'.

Ellende

Renate Dorrestein verstaat de kunst van het ouderwets-genoeglijke vertellen met een dreigende ondertoon, dat mij elke keer weer doet denken aan Marten Toonder, de gebroeders Grimm en avontuurlijke jongensboeken. Maar de aantrekkingskracht en het eigene van haar verhalen moeten wel liggen in de combinatie van ouderwets vertellen en de moderne inhoud, waarin de traditionele rolverdeling vanzelfsprekend doorbroken is.

Ontaarde moeders is, zoals te doen gebruikelijk bij Dorrestein, een behoorlijk hardhandige roman. Verkrachting, moord, zelfmoord, en geestelijke en lichamelijke mishandeling behoren tot de hoofdingrediënten. De schuld voor al dit onheil wordt niet alleen bij mannen gezocht. Ook de Moeder, met onheilspellende hoofdletter, treft blaam. Zij meent dat een vrouw - en dus ook haar eigen dochter - die wordt verkracht deze schande uitsluitend aan zichzelf te wijten heeft. “Wie was er dan ook zo dom om zich 's avonds helemaal alleen buiten de bebouwde kom te begeven? Was dat niet rechtstreeks vragen om ellende?”

Deze uit het meest dorre en verzuurde hout gesneden Moeder lijkt op de boze stiefmoeder uit sprookjes. Op zeker moment krijgt zij de rekening voor haar liefdeloosheid gepresenteerd. Na 37 jaar verzamelt haar dochter de moed om zich uit een zombie-achtig bestaan los te rukken en zich naar de plaats te begeven waar zij ooit op brute wijze werd verkracht. In haar verbeelding beleeft zij de vernedering opnieuw en ontredderd sleept zij zich naar Moeder in het bejaardentehuis om alsnog door haar getroost te worden. In al zijn eenvoud levert dat een mooie scène op. Zij nestelt zich bij Moeder op schoot en slaat haar armen liefdevol om de broze gestalte. Een dodelijke omhelzing, als men weet dat zij 250 kilo weegt. Moeder wordt hier voorgoed tot zwijgen gebracht. “Moeder stoot een kreet uit. Zij spartelt met haar benen. Ze probeert iets te zeggen, maar er bestaan immers geen woorden voor wat haar dochter is overkomen, en ze kan alleen zinloze klanken voortbrengen, zoals passend is bij een groot verdriet.”

De hoofdrollen zijn, ondanks de titel, niet uitsluitend weggelegd voor vrouwen. Deze keer mag een archeoloog en alleenstaande vader tegen wil en dank een krachtige partij meeblazen. Want om hem en om zijn haat-liefde verhouding met zijn elf-jarige dochter draait het vooral in de roman. Hij is het type van de verstrooide professor, dat gewend is om met stoere archeologie-studentes om te gaan en zich maar moeilijk kan verplaatsen in het hoofd van een klein meisje. Dat leidt soms tot merkwaardige dialogen tussen vader en dochter. “”Weet jij trouwens', vroeg ze ineens slaperig, ”waarom de ouders van Hans en Grietje hun kinderen naar het bos stuurden?'. ”Dat moet ik even nakijken', zei Zwier. 'Ik weet het werkelijk niet meer. Vraag het anders even aan de meisjes. Ik heb nog een hoop schrijfwerk te doen'.”

Als hij na een jarenlang verblijf in Afrika met zijn dochter naar Sibculo verhuist, raakt hij helemaal de kluts kwijt. In het geciviliseerde Nederland hebben zij sokken en schone kleren nodig en onderdak en voldoende eten. Zelf weet het meisje na een keer bladeren in de Libelle ook dat er heel wat van haar verwacht wordt. “Met pofmouwen ben je er nog lang niet. Je moet ook een bikinilijn hebben, en cellulitis.” Een van de vele tragikomische kanten van de roman is dat de wereldvreemde Zwier zijn dochter argeloos blootstelt aan allerlei gevaren, maar dat hij een goedmoedige oom zonder pardon de tanden uit zijn mond slaat op de onterechte verdenking van incest.

Ontaarde moeders is niet alleen een grappige en onderhoudende, maar ook een gevoelige en inlevende roman. Bij vlagen is hij zelfs hartverscheurend. Steeds weer blijkt dat het het kind is, dat aan het kortste eind trekt en dat maar af te wachten heeft of iemand zo goed wil zijn om voor haar te zorgen. Als Renate Dorrestein al partij kiest, dan is dat niet voor moeder of vader, maar voor het weerloze kind, dat overgeleverd is aan de grillen van onberekenbare ouders. Dat de vader in het laatste hoofdstuk het snode plan laat varen om zijn dochter in de steek te laten, maakt hem nog niet meteen tot de held van de roman. Al is het natuurlijk aardig dat het voor de verandering een vader is, die zich neerlegt bij zijn natuurlijke bestemming.