De Vries zet premie voor remigratie stop

DEN HAAG, 12 JUNI. De huidige subsidieregeling voor buitenlanders die in Nederland wonen en terugkeren naar hun vaderland, wordt opgeheven. Volgens minister De Vries (sociale zaken) wordt er te vaak misbruik van deze remigratiepremie gemaakt. Het budget dat voor 1992 beschikbaar was, is al uitgeput. Dit jaar kan geen beroep meer op de regeling worden gedaan.

Dit blijkt uit een brief die minister De Vries (sociale zaken) naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. De subsidie bestaat uit een bijdrage in de reiskosten en in de kosten van levensonderhoud voor de eerste twee maanden na remigratie. Gemiddeld wordt aan een huishouden ruim 12.000 gulden uitgekeerd.

Volgens De Vries is de regeling “zeer gevoelig voor onbedoeld gebruik, in het bijzonder voor personen met een Nederlands paspoort”. De minister is al bezig het remigratiebeleid door te lichten en “een kritische herbezinning” op de subsidieregeling vormt daar een onderdeel van. In haar huidige vorm kan zij niet blijven bestaan, stelt De Vries.

Het budget voor dit jaar bedroeg 8 miljoen gulden, waarvan 3 miljoen speciaal is bestemd voor remigratie naar Suriname. Eind april was dit geld opgebruikt. De Vries zegt geen kans te zien dit jaar nog meer geld voor de remigratieregeling beschikbaar te stellen en dat ook niet gewenst te vinden.

Een van de oorzaken van de snelle uitputting van het budget is dat er nog veel aanvragen van Spanjaarden en Portugezen van vorig jaar op afhandeling liggen te wachten. In de loop van 1991 werd bekend dat de EG-grenzen voor Spanje en Portugal al op 1 januari 1992 zouden opengaan (een jaar eerder dan verwacht). Het gevolg was dat met ingang van 1992 Spanjaarden en Portugal niet meer van de remigratieregeling gebruik konden maken. Dat leidde tot een toeloop vorig jaar: 417 aanvragen, tegen 149 een jaar eerder. Arubanen en vooral Antillianen maakten ook in onverwacht grote aantallen gebruik van de regeling, aldus De Vries: in 1991 764 aanmeldingen tegen 480 in 1990.

Een derde oorzaak is dat een voorgenomen bezuiningsmaatregel (de overbruggingsuitkering is van drie naar twee maanden teruggebracht) vertraging opliep, waardoor zij niet in oktober 1991 maar in april 1992 kon worden geëffectueerd.

De remigratieregeling geldt nog voor personen die terugkeren naar Turkije, Marokko, Tunesië, Joegoslavië, Kaap-Verdië, Suriname, Aruba en de Nederlandse Antillen.