Column

Au

Heerlijke zomer komt eraan. EK, Wimbledon, Tour & Olympische Spelen. Dat worden vierkante pupillen van het televisie kijken. Als deze krant in uw bus valt, loopt het Nederlands elftal te voetballen tegen de Schotten en over anderhalf uur is Michels hopelijk een paar punten wijzer.

De etalages worden langzaamaan oranje en wat dat betreft doet het land een beetje normaler dan twee jaar geleden bij de WK in Italië. Toen moest je het in Yab Yum zelfs met een oranje condoom doen. Althans ik. Nu komt de koorts pas bij de successen en dat is bij elke ziekte beter.

Ik zal de ontknoping niet meemaken. Ergens op een ver, tropisch eiland schud ik de zorgen van me af en hoor bij thuiskomst wel hoe het iedereen vergaan is. Ik slenter door de rimboe en denk dat het me osseworst zal zijn of Becker van Edberg wint, Breukink in het geel rijdt, Veldkamp meegaat, Zwerver goud heeft en/of Nederland kampioen geworden is. Als ik in Amsterdam terugkom en de grachten zijn woonbootloos weet ik genoeg. Ik hoop het niet, want bij mij wonen er allemaal aardige mensen in.

De enige ploeg waar ik me zorgen over maak is het hockeyteam. Afgelopen maandag zat ik in een hoekje van het Wagenerstadion en vroeg me af of Hans Jorritsma 's avonds de telefoon zou pakken om Huijbregts van het NOC te vertellen dat het Nederlands hockey-elftal zich terugtrekt. De achterstand op de Duitsers en de Pakistani is dusdanig dat het voor de Nederlandse jongens beter is om lekker vakantie te houden in Benidorm of Alicante. Alleen de clubloze keeper Leistra was meer dan formidabel en zorgde ervoor dat het geen 9-1 werd.

Even overwoog ik om de naam van mijn broer te scanderen en er kwam zelfs een moment dat ik me zelf wilde gaan verkleden om de spitspositie van Delissen over te nemen. Het lekkere van deze plaats is dat je nooit mee terug hoeft om te verdedigen. Wat dat betreft speelde Delissen eigenlijk wel goed.

Het is altijd een beetje au als je je eigen land zo ziet lijden. Een dolgedraaide Brinkman is per botsauto naar huis gebracht om niet al te cold turkey af te kicken. Zelden is een speler zo dolgedraaid en door zo'n prachtige gentleman. Het was aandoenlijk om te zien. Natuurlijk geloof ik in de theorie van de slechte generale en weet ook ik dat het niet om de oefenpotjes gaat, maar toch ...

Nu is het ook weer zo dat alleen in 't Gooi, Wassenaar en Bloemendaal een paar vlaggen halfstok gaan als het niet loopt bij de hockeyers. Ik bedoel: het is niet zo dat de Albert Cuyp verlamt als onze jongens het niet halen en zeker op de plek waar ik op dat moment zit, gaat alles gewoon door. Honger, dorst en de verschrikkelijkste ellende. En ik ben bang dat ik alles echt vergeet: het EK, Wimbledon, de Tour & de Olympische Spelen. Het is daar namelijk altijd zomer. Of zal ik in een sloppenwijk aan een kermende kreupele vragen: “Heeft u televisie? De hockeyers spelen namelijk zo en de wedstrijd is nogal belangrijk.”

Dit is voorlopig de laatste bijdrage van Youp van 't Hek. Op 1 oktober hervat hij zijn wekelijkse column.