Feest in Libië te midden van grote ideologische chaos

Het was gisteren groot feest in de Libische hoofdstad Tripoli. Zoals elk jaar, moest ook nu de bevolking met vuurwerk, optochten en redevoeringen herdenken dat de Amerikanen 22 jaar geleden hun militaire bases in Libië opgaven. Gaddafi is altijd erg trots geweest op de ontruiming van de Amerikaanse bases, één van zijn weinige overwinningen in zijn niet aflatende strijd voor Arabische eenheid en tegen het Westerse imperialisme.

Het aardigste moment kwam, nadat Libische athleten een fakkel hadden aangestoken. Er werd een officiële verklaring voorgelezen, waarin de kolonel bedankt werd voor zijn “strijd voor de onafhankelijkheid”. De aangestoken fakkel, aldus de verklaring, “is om nee tegen te zeggen tegen het imperialisme, nee tegen Amerika, nee tegen het kolonialisme (...) Vijf Amerikaanse bases verlieten ons voor altijd, bases van spionage en van radar. Dank zij jou, Gaddafi, wonnen wij.”

Buitenlandse diplomaten waren verrast over die loftuitingen op de Broeder-Kolonel. Want vrijwel tegelijkertijd beschuldigden de Libische media hem eensgezind dat hij met zijn oproepen tot Arabische eenheid “een luchtspiegeling” najoeg. Het dablad al-Jamahiriya, dat gecontroleerd wordt door de almachtige "Revolutionaire Comité's' zette dinsdag de aanval in met een hoofdartikel op de achterpagina: “Jij zette ons aan om de confrontatie met het Westen aan te gaan en dus deden wij dat. Maar jouw Arabieren negeerden ons, capituleerden en kusten de vlaggen van de vijand. Als dat jouw pan-arabisme is, bewandel die weg dan alleen. Wij zeggen tot jou dat het je vrij staat om de weg te gaan van jouw arabisme en jouw islamitische banden. Wat ons betreft, wij hebben Amerika. Het is veel beter voor ons om met Amerika samen te werken dan met alle Arabieren omdat wij tot het besef zijn gekomen dat onze belangen boven alles gelden. Wij kennen onze belangen, wij kennen ze nu heel goed. Ze liggen bepaald niet bij jouw Arabieren, die ons aan het (door de VN gelaste) luchtembargo hebben overgelaten.”

Het artikel vervolgde: “De échte revolutie is de revolutie die wij uitroepen, die de realiteit zonder verfraaiingen weergeeft zoals die is. Deze revolutie zal al het gehuichel van het verleden wegvagen. Jij moet de realiteit onder ogen zien en tot het besef komen dat er geen Arabische eenheid is, dat onze belangen boven alles gaan, zelfs als ze met die van de joden samenvallen.”

Gisteren werd deze spectaculaire boodschap herhaald, niet alleen door al-Jamahiriya dat voor die gelegenheid met een speciale oplage kwam, maar ook door het dagblad al-Fadjr al-Jedid (de Nieuwe Dageraad) en zelfs door de radiostations, die “persoonlijke standpunten van luisteraars” in nagenoeg dezelfde bewoordingen uitzonden. Ook de luisteraars wensten dat Libië zich van de Arabische wereld afkeert en meer aan zijn eigen belangen denkt.

In zijn hoofdartikel van gisteren, getiteld “Vergeef ons, Muammar”, ging al-Jamahiriya nóg een stapje verder. Het beschreef hoe “gedemoraliseerd” het land was omdat de Arabieren niet hadden begrepen welke offers Libië voor de Arabische eenheid had gebracht. De schrijver wendde zich rechtstreeks tot Gaddafi: “Wij vragen je welke voordelen wij hebben van ons arabisme, als de Arabieren jou vragen onze zonen aan de vijand over te dragen (de twee Libische verdachten in de Lockerbie-aanslag) en te gehoorzamen aan de Westerse eisen en beslissingen (...). De Libische olie zou naar de Amerikaanse arbeiders moeten gaan als zij er profijt van hebben of als wij profijt van hen hebben (...). Dat is beter dan arabisme en islam.”

Alle deskundigen zijn het erover eens dat deze uitspraken van diverse Libische media niet zonder toestemming van Gaddafi verkondigd konden worden. Niets wijst er namelijk op dat er een interne staatsgreep heeft plaatsgevonden. Wél is het duidelijk dat binnen de zeer beperkte kring van de machthebbers een scherp conflict wordt uitgevochten over de vraag hoe het verder moet met Libië en met zijn revolutie, nu het inderdaad akelig door alle Arabische landen, inclusief zijn beschermheer Egypte, in de steek is gelaten.

De sancties tegen Libië leidden elders in de Arabische wereld tot boze commentaren. Maar het kwam nergens tot “spontane volksdemonstraties” voor Libië. En de Arabische regeringen die met de mond hun solidariteit betuigden, gehoorzamen de facto keurig de door het Westen gecontroleerde Veiligheidsraad van de VN. Zelfs de smartelijke klacht dat de Libiërs voor hun bedevaart naar Mekka “nu toestemming moeten vragen aan de Kruisvaarders”, maakte geen indruk.

Evenmin de dreigementen van Gaddafi dat hij zijn terroristen op zijn Arabische broeders zou afsturen en dat hij de Maghreb-unie van Noordafikaanse staten zou verlaten. De Egyptische politici maakten daarentegen overduidelijk dat zij Gaddafi's getreuzel en zijn dubbele tong meer dan moe zijn, terwijl de Algerijnen, die in het verleden Gaddafi's beschermheer waren, te kennen gaven dat zij te veel eigen zorgen hebben om Libië uit zijn zelf gefabriceerde terroristen-puree te halen.

De tegenstrijdige boodschappen van de afgelopen dagen wijzen erop dat de interne strijd van de machthebbers nog niet beëindigd is. Gaddafi was door president Mubarak en door de Egyptische inlichtingendienst die hem regelmatig van de realiteiten op deze wereld op de hoogte houdt, zo murw gepraat, dat hij aanvankelijk bereid was de door de Veiligheidsraad van de VN geëiste maatregelen te nemen - maar op zo'n manier dat hij geen al te groot gezichtsverlies zou lijden. Vandaar Gaddafi's uitspraken dat het de twee verdachten vrij staat om zichzelf uit te leveren.

Abdessalam Jalloud, de Nummer Twee van het regime, is er daarentegen van overtuigd dat berechting van de Lockerbie-verdachten (één van hen is lid van zijn invloedrijke stam) slechts het begin is van de Westerse pogingen om het Libische regime omver te werpen. Maar de niet al te pro-Egyptische Jalloud had - zo zegt men in Kairo - al vóór de dreiging van de sancties ernstige ruzie met Gaddafi, omdat zij beiden op dezelfde vrouw verliefd waren geworden.

Er zou nu een derde groep zijn die het eens is met Jalloud, maar die Gaddafi niet wil laten vallen. Deze groep zou ingrijpende politieke en economische veranderingen willen doorvoeren. Zaterdag komt het Algemene Volkscongres (formeel de hoogste machtsinstantie van Libië) bijeen. Dan zal waarschijnlijk de beslissing vallen of en hoe Libië met zijn terroristische verleden afrekent om enigszins gerust de toekomst tegemoet te gaan.