Favoriet bewijst voetbal bij opening slechte dienst

STOCKHOLM, 11 JUNI. Drie factoren spelen een belangrijke rol als een organiserend land met succes een groot internationaal voetbaltoernooi wil overleven. Hoe staat het met de veiligheid? Wordt het entertainment in de stadions gedragen door enigszins acceptabel voetbal en hoe sterk is de concurrentie? Met al deze zaken denkt Zweden het op het Europese kampioenschap wel aardig getroffen te hebben.

Er zullen uiteindelijk maar weinig landen ter wereld zijn waar het beeld te zien is van een echtpaar dat met zijn baby in een kinderwagen tussen supporters wandelt die op weg zijn naar de openingswedstrijd van het EK voetbal. Verder is het scenario even dreigend als elders. Helicopters in de lucht, een overmacht aan politie in de ondergrondse en op de toegangswegen naar het stadion, waar supporters die met de verkoop van goedkoop bier met een laag alcoholpercentage zijn weggelokt uit de stadscentra, nauwlettend in het oog worden gehouden.

Euro '92 moet uiteindelijk in meer dan één opzicht een testcase worden voor de vraag of het voetbal in de toekomst nog kans van overleven heeft. De trend onder de belangrijkste trainers en spelers neigt naar een wat offensievere speelwijze dan in het verleden, de elftallen zijn op een enkele uitzondering na het beste wat het Europese voetbal te bieden heeft. Zodat de organisatie van het EK zich eigenlijk niet goed kan voorstellen wat er ten opzichte van de promotie van het voetbal in Zweden nog mis kan gaan.

Toch nog heel wat, zo bleek gisteren op de openingsavond van het EK. Daar kwam een vooraf hoog ingeschatte favoriet als Frankrijk tegen gastland Zweden in de grootste problemen. Alleen aan een bevlieging van Jean-Pierre Papin dankten de Fransen dat zij met een puntendeling (1-1) eigenlijk meer kregen dan zij verdienden.

Het kwaliteitsverschil viel nauwelijks af te lezen tussen Zweden en de zwaarst gesponsorde ploeg van het EK (Frankrijk), waar de spelers bij het eventueel behalen van de titel ongeveer een half miljoen gulden de man mogen opstrijken. De bijna zeventig mille die de Zweedse spelers kunnen verdienen steekt daar bepaald bescheiden bij af. Zoals ook het gedrag van Jan Eriksson na afloop iets verontschuldigends had. De 1.85 meter lange 24-jarige student uit Norrköping gaf het zelfvertrouwen van de "haantjes' een geduchte knauw door de bal na ongeveer een half uur tegen de arrogant maar vergeefs naar een opening zoekende Fransen uit een corner van Limpar vlekkeloos in te koppen.

“Daarna hadden we de zaak volledig onder controle”, herinnerde Eriksson aan de manier waarop de opportunistische Zweden met volle overgave (geel voor Schwarz en Thern) de strijd aanbonden met de vooraf superieur geachte tegenstander. Eriksson: “Maar ja, je weet ook dat je mijnheer Papin niet zo'n kans moet geven als ik deed toen ik hem even losliet. Dan scoort hij.”

De Fransman maakte zijn veertiende doelpunt uit zijn laatste elf interlands toen de ingevallen Perez hem in de ruimte aanspeelde en Papin ineens uithaalde en diagonaal de hoek koos die de Zweedse doelman Ravelli nooit meer op tijd kon bereiken. Een Franse afgang was daarmee ternauwernood afgewend. Hoewel de vraag rijst of het Franse elftal, dat in 1992 nog steeds op zijn eerste overwinning wacht, niet sterk wordt overschat na de vlekkeloze kwalificatiereeks waarin het zich ongeslagen plaatste voor Zweden.

Voor trainer Michel Platini is het allemaal niet zo'n punt. Wel blijkbaar voor de tientallen Franse verslaggevers van kranten, radio en televisie die hem gisteravond bestormden om de domper van opnieuw een teleurstellende prestatie te verklaren. Platini: “Het was van onze kant niet meer dan een gemiddelde wedstrijd die een bijna fatale wending kreeg toen we achter kwamen. We zijn tegen een goede Zweedse ploeg aangelopen. Dat kan gebeuren in het voetbal. Zeker op het niveau van een EK. We zullen moeten leren leven met de gedachte dat we misschien niet de favorietenrol hebben die iedereen in Frankrijk ons toedicht. Als ik een speler als Scifo of Maradona zou hebben, een leider, dan zou ik hem echt wel opstellen. Maar ik beschik alleen over de Franse spelers die ik heb. Ik klaag daar niet over. Dan moeten anderen ook hun mond houden.”

Teleurstellend was vooral dat Frankrijk op momenten dat het nodig was niets kon afdwingen. De ongecontroleerde jacht op de bal waarmee het Zweedse opportunisme na de 1-0 achterstand werd bestreden, leverde Cantona en Angloma zelfs een gele kaart op. Het ideëenloze middenveld vond geen enkele oplossing om Cantona of Papin in stelling te brengen, het soleren van libero Blanc van achteruit oogde soms erg ijverig maar had geen enkel rendement.

Platini begon met drie spitsen. Papin, Cantona en Vahirua, maar leverde de op Tahiti geboren Vahirua in voor Perez toen hij na de achterstand gedwongen was wat zuiniger te gaan spelen. Waarbij het briljante moment van Papin voor de oplossing zorgde. De Fransman heeft zich voorgenomen om tijdens dit toernooi al een privé-oorlogje uit te vechten met Marco van Basten, niet alleen op het EK zijn grootste concurrent voor de topscorerspositie, maar ook volgend seizoen bij AC Milan. “Ik hoop er hier veel in te schoppen”, verklaarde hij zelfbewust. “Hoewel we vanavond door Zweden in het diepe zijn gegooid en niet ontevreden mogen zijn dat we nog gelijk zijn gekomen.”