Dieptepunt sinds 1984; Buitenlandse investeringen in VS dalen 66 pct

WASHINGTON, 10 JUNI. De directe buitenlandse investeringen in de Verenigde Staten zijn vorig jaar met 66 procent afgenomen van 65,9 miljard tot 22,6 miljard dollar. Dit heeft het Amerikaanse ministerie van handel gisteren bekendgemaakt.

Voornaamste oorzaken waren de kwakkelende Amerikaanse economie en de aanzienlijke terugval in het aantal acquisities, bedrijfsovernames en fusies door kapitaalschaarste.

De situatie markeert een dieptepunt in de directe buitenlandse investeringen sinds 1984. In 1988 bereikte het volume een recordhoogte van 72,69 miljard dollar, waarna het vervolgens elk jaar met sprongen daalde.

Japan was vorig jaar de grootste buitenlandse investeerder in de Verenigde Staten. De toename in het Japanse investeringsvolume bedroeg ruim vijf miljard dollar. Toch was deze groei al beduidend minder dan in 1990 (19,9 miljard dollar). Franse bedrijven stonden vorig jaar op de tweede plaats met 4,75 miljard aan investeringen in de Amerikaanse economie.

Voor Amerikaanse bedrijven ziet de toekomst er overigens weer iets beter uit. De Blue Chip Economic Indicators, een economische nieuwsbrief uit Arizona, heeft voorspeld dat de winst vóór belastingen voor Amerikaanse bedrijven dit jaar waarschijnlijk met 16,5 procent en volgend jaar met 13,1 procent zal stijgen, “als gevolg van de ingrijpende reorganisaties teneinde de kosten omlaag te brengen en de produktiviteit te verhogen”.

Blue Chip vroeg vijftig vooraanstaande economen uit het bedrijfsleven en de universitaire wereld naar hun mening over hun economische vooruitzichten voor zijn maandelijkse enquête.

De bedrijfswinsten daalden met 3,8 procent in 1991 onder druk van de aanhoudende Amerikaanse recessie. De ondervraagde economen geloven dat het bruto binnenlands produkt na inflatiecorrectie zal stijgen met 2,1 procent. (AP)