De aarde-conferentie II

HET CARNAVAL van milieu en ontwikkeling in Rio beweegt zich naar de eindstreep na een week van ecologische diplomatie. De schermutselingen over het klimaatverdrag en het verdrag over biodiversiteit zijn voorbij.

De EG heeft zich in een groene vlag gehuld met een aparte verklaring om de uitstoot van koolzuurgas terug te dringen; de Verenigde Staten hebben zich door interne verdeeldheid en de weigering om blanco cheques uit te schrijven in de rol van boeman van het milieu laten manoeuvreren. Het alternatieve Global Forum heeft geldgebrek, op de officiële VN-conferentie over milieu en ontwikkeling spitsten de onderhandelingen zich toe op geld. De komende dagen, als de regeringsleiders zich voor de slotacte van UNCED in Rio verzamelen, zal het gaan over de vraag welk bedrag voor de toekomst van de aarde wordt ingetekend en wie daarvoor zal opdraaien.

De UNCED dreigt daardoor te verzanden in de Noord-Zuid-tegenstelling die vanaf de jaren zeventig andere VN-conferenties heeft verlamd. De ontwikkelingslanden verbergen hun onderlinge geschillen achter de verzamelterm "het Zuiden' in de G77 (de Groep van 77 die uit 128 landen bestaat) en stellen zich op tegenover de al even grote verscheidenheid van "het Noorden' waarvoor de G7 (de Groep van zeven rijkste industrielanden) als woordvoerder optreedt. Tussen de G77 en de G7 gaapt een brede kloof over financiële steun aan milieu en ontwikkeling.

NA DE POGINGEN uit de jaren zeventig om te komen tot een grootschalige overdracht van geld van de rijke naar de arme landen, heeft het Zuiden zich op het milieu geworpen om financiële steun te bemachtigen. De zorgen in de industrielanden over de ecologische toekomst van de planeet hebben het Zuiden “een hefboom verschaft zoals die tot nu toe niet bestond”, zoals de premier van Maleisië, leider van de radicale stroming binnen de G77, het uitdrukte.

De rijke landen hebben deze eco-chantage terecht afgewezen. Deze zou een ontkenning inhouden van de eigen verantwoordelijkheid voor milieu-aantasting van de ontwikkelingslanden. De onderhandelingen gaan nu over een realistische vergroting van de hulp ten behoeve van milieubescherming, die gekanaliseerd zal worden via de Global Environment Facility (GEF) van de Wereldbank. De eis van de G77 om het milieufonds onder te brengen bij een VN-organisatie is ingetrokken. De ontwikkelingslanden zijn daarmee beter af: het GEF is na een jaar al met projecten gestart, terwijl een ozonfonds van de VN na twee jaar alleen maar bureaucratie heeft gefinancierd.

DE GEMAKKELIJKE beschikbaarheid van geld in de jaren zeventig heeft bijgedragen aan de ontwikkelingsideologie van snelle groei ten koste van het milieu. Duurzame groei heeft niet alleen betrekking op de Westerse levensstijl, maar evenzeer op die van de Derde wereld. Daar kan - de deelnemers aan de UNCED hebben het met eigen ogen in Rio kunnen zien - nog heel wat aan milieubewustmaking worden gedaan.