Hoezo rond? De bal is helemaal niet rond

Hoezo: de bal is rond? De bal is helemaal niet rond. De bal is nooit rond. Zelfs niet de bal waar spelers bij het Europees kampioenschap voetbal in Zweden al hun woede, al hun fijngevoeligheid in mogen leggen. En dat is toch een echte high tech bal. Ontwikkeld door balverliefde wetenschappers. Onderzocht door internationale researchinstituten. Uitgeprobeerd in de futuristische windtunnel van Porsche. Een bal met 'geheugen' die meer dan zijn voorgangers aan de voet blijft 'kleven'. Maar niet rond.

In een tijd dat elektronische schakelingen worden gemaakt met diodes die tien keer zo dun zijn als een mensenhaar, is het nog steeds niet mogelijk een volmaakt ronde bal te fabriceren. In een tijd dat robotten personenwagens in elkaar zetten, moet een bal nog met de hand worden dichtgenaaid. Dat heeft te maken met de constructie van de bal.

De bal mag in de loop der tijden een hoge vlucht hebben genomen - van stuiter met vetersluiting via leren monster tot plastic kogel - de opbouw is altijd dezelfde gebleven. De bal bestaat uit een binnenbal, een soort ballon, en een buitenbal die is opgebouwd uit meerhoekige vlakken. Bij de bal die in Zweden gebruikt wordt, vormen de platte oppervlakken van vier vijfhoeken en twee zeshoeken in ontspannen toestand een kunststofkristal. Alleen onder druk van de binnenbal - bij voorkeur tussen 0,9 en 1,1 bar - krijgt die diamant zijn ronde vorm.

Hoe rond, dat hangt af van de kwaliteit van de buitenbal. Zet het materiaal overal in gelijke mate uit? Vooral de raakvlakken, daar waar vijf- en zes-hoeken aan elkaar worden genaaid, blijven voor lichte fluctuaties zorgen. Ook al omdat het mensenwerk betreft. Pogingen het naaien te mechaniseren zijn allemaal op mislukkingen uitgelopen. Om afwijkingen in het naaipatroon te minimaliseren, zijn de gaatjes wel voorgestanst.

Hermann Deininger is productmanager van Adidas, verantwoordelijk voor voetbalattributen als de bal, de beenbeschermer en de keepershandschoen. Hij bekent ootmoedig dat de bal die in Zweden gebruikt wordt maar voor 98,5 procent, voor 99 procent, misschien voor 99,5 procent rond is. Dat lijkt misschien behelpen maar is al een fantastische produktieprestatie, verzekert Deininger. Want als je toch ziet hoeveel eitjes er op de ballenmarkt te koop zijn. Ballen die beginnen te “fladderen” zo gauw ze in de lucht zijn. Bij ballen in Zweden zal dat niet gebeuren. Adidas produceert jaarlijks meer dan één miljoen voetballen, de goedkopere onder meer in Pakistan, de duurste in Frankrijk. En bij die topballen meten sensoren op verschillende plaatsen de diameter. Blijken die waarden meer dan anderhalve procent te variëren, dan verdwijnt de bal zonder genade naar het ballencrematorium.

Adidas levert al sinds 1970 de ballen voor alle grote voetbaltoernooien. Voor elk wereldkampioenschap wordt een nieuwe bal ontwikkeld. Natuurlijk nog vormvaster, nog stabieler, nog waterwerender. En nog sneller. Dat zijn de belangrijkste kenmerken waarop een bal beoordeeld wordt.

Op het WK van 1978 in Argentinië lanceerde Adidas 'de Tango', twee jaar geleden in Italië zag de 'Etrusco Unico' het levenslicht. En daartussen, bezweert Deininger, kolkt een oceaan van kwaliteitsverschil. In Zweden volstaat het concern met een verbeterde uitvoering van de 'Etrusco'.

Verbeterd? Vernieuwd? Net als bij wasmiddelen waarvan alleen de verpakkingen met wervende teksten lijken te wisselen? De stem van meneer Deininger klinkt opeens heel hoog en afgeknepen: “Bij ons is innovatie geen cosmetica.”

Drie ingenieurs op de Adidas-researchafdeling zijn continu bezig met de vervolmaking van de voetbal. Verbetering van eigenschappen komt voornamelijk voort uit gebruik van nieuwe materialen. Balvernieuwing stoelt op de ontwikkelingen in de kunststoftechnologie.

Zo bestaat de buitenbal van de verbeterde 'Etrusco Unico' uit een speciaal kunststofschuim, bedekt met een kunstoflaag die nog eens drie keer is geplastificeerd. Het verschil met de bal van twee jaar geleden zit 'm in het kunststofschuim dat elke schop, elke streling iets langer 'onthoudt'. Elke aanraking betekent een inbreuk op de toch al nooit volmaakte ronding en het materiaal waarvan de bal gemaakt is, bepaalt hoe snel die bolle terugschiet in zijn oude vorm. Het schuim dat voor de verbeterde 'Etrusco Unico' gebruikt is, remt het terugspringen. Ook al gaat het daarbij maar om honderdsten van seconden: dat geeft een speler langer balcontact. Daardoor heeft hij het gevoel dat de bal aan zijn tenen plakt. Hij krijgt meer balcontrole.

Dat is niet zomaar een hersenspinsel, achter tekentafel of bureau ontstaan. Zegt Deininger. De werking is eerst getest in laboratoria, onder andere van de Technische Universiteit in Wenen. Uitgeprobeerd in de windtunnel van automaker Porsche om luchtweerstand en vluchtbaan vast te stellen. En daarna in de praktijk getoetst door topteams uit Europa en Zuid-Amerika, die moesten rapporteren over hun ervaringen met verschillende ballen. Zonder dat ze wisten welk model als prototype diende voor de nieuwe toverbal. “De spelers voelden direct het verschil.”

Het kunststofschuim dat even aarzelt voordat het zijn oude vorm weer aanneemt, zorgt er ook voor dat met de nieuwe bal weer iets harder kan worden geschoten. Dat komt omdat de speler net iets langer de tijd heeft om kracht uit te oefenen op de bal. Maar volgens Deininger gaat het daarbij om marginale verschillen met de oorspronkelijke 'Etrusco'. Ook over verbetering van de vochtwerendheid wil hij niet hoogdravend doen.

Hoezo: verbetering van de vochtwerendheid? In de produktinformatie van Adidas staat toch duidelijk dat de 'Etrusco Unico' al 100 procent waterdicht was? Kan het dan nog beter? Een foutje, geeft meneer Deininger toe. Want net zomin als er volmaakt ronde ballen bestaan, zijn er ballen die geen druppel water inhaleren. De bal die in Zweden wordt gebruikt, is al in extreme mate waterproof. Zelfs al zwemt hij dagen in een vloeistof, dan neemt het gewicht maar met ten hoogste 15 gram toe. Bijna verwaarloosbaar op een totaalgewicht van 430 gram, vindt Deininger. Terwijl ballen van concurrenten soms wel een kwart tot een derde zwaarder worden. Als een spons.

Voorlopig blijft er aan de bal nog genoeg te verbeteren, zegt Deininger tevreden. Zo is de ontwikkeling van de binnenbal die toch het stuitgedrag beïnvloedt, nog een vrijwel braakliggend gebied. Gelukkig maar, want hoe zou Adidas anders over twee jaar bij het wereldkampioenschap in de Verenigde Staten weer een nieuw model kunnen presenteren. Weer beter, ongetwijfeld. Maar nog altijd niet rond.