Op reis door de nacht in de Oekraïne

MOSKOU/KIEV, 6 JUNI. Om de vijftig kilometer heeft de politie controleposten ingericht, met slagbomen en stoplichten en wat dies meer zij. De agenten van de "staatsverkeers-inspectie' (GAI) bewaken deze toegangspoorten, die bij alle provinciehoofdsteden en soms ook nog tussendoor zijn opgericht, met automatische wapens en kogelvrije vesten. De chauffeurs die al deze barrières met hun enorme trucks moeten nemen, hebben ondertussen her en der hun wagens in groepen van minstens vijf langs de kant van de weg geparkeerd voor een tukje.

Het is drie uur 's nachts. We zijn per auto onderweg door Rusland en de Oekraïne. De wegen zijn, op een enkele loslopende koe na, zo goed als uitgestorven. Toch lijkt het alsof er een half oorlogje woedt. Want die bewapende agenten staan er niet voor niets, en de truckers zoeken elkaar evenmin voor de gezelligheid op.

De politie heeft zich her en der geposteerd om het verkeer te controleren op smokkelwaar. In vol ornaat, omdat de nachtelijke passanten niet zelden ook bewapend zijn. Zonder machinegeweren is een controle op het in- en uitgaande verkeer derhalve gevaarlijk. Zeker bij de grens tussen Rusland en de Oekraïne, waar de politie terwille van de symboliek ook nog eens borden met "douane' heeft neergezet, kunnen kogels essentieel zijn. Nu overal in de voormalige Sovjet-Unie de prijzen zich liberaliseren en de prijsniveaus in een "economische ruimte' waar de roebel nog altijd de rekeneenheid is met de dag kunnen variëren, is smokkelen een interessante bezigheid geworden. Zo is de Oekraïne, eens de graanschuur van de Sovjet-Unie, door de "commercialisering' van de economie nu een "duurte-eiland' geworden en dus een interessante markt voor spullen die Rusland terwille van zijn eigen produktie en consumptie juist niet kan missen.

De vrachtwagenchauffeurs op hun beurt slapen gezamelijk om zich te beschermen tegen struikrovers. Allemaal kennen ze de verhalen van collega's die in het donker van hun kostbare waar zijn beroofd. Als een auto met waardevolle goederen uit Moskou richting oosten of zuiden vertrekt, wordt deze informatie namelijk vaak als tip doorgegeven aan een of andere bende "racketeers' die zich vervolgens onderweg opstellen voor hun lucratieve overval.

Wij rijden daar onderwijl tussendoor. Het leidt tot curieuze taferelen. Bij nagenoeg elke GAI-post worden we gecontroleerd op onze papieren. Elke geringe snelheidsovertreding - en dat is niet zo moeilijk omdat er op de meest onverwachte momenten verkeersborden opduiken met het opschrift "40' - kan ter plekke worden afgekocht: met een kletspraatje of met baar geld. Want de jongens van de GAI mogen er dan wel heldhaftig uitzien, ze hebben het met hun inkomen van nog geen veertig gulden per maand ook niet breed in een land waar een citroen 1,50 gulden kost. Zo fungeert de GAI ook als een verkapte belastinggaarder. Wat de inspectie van de fiscus niet kan incasseren, vangen zij.

Pag.5: Bange rit door Oekraïne

Tussen al deze tolheffingen door zijn langs de weg ook nog eens de officieuzere Robin Hoods zichtbaar. Althans, dat gevoel heb je als je alleen over de nachtelijke wegen rijdt. Wat bij voorbeeld te denken van die twee zwarte Volga's die je enige tijd, naast elkaar rijdend, volgen? Gas geven dus maar. Voor de zekerheid. De Volkswagen van deze krant accelereert tenslotte nog altijd sneller dan deze duurdere middenklasser van Sovjet-makelij waarin vroeger de simpelere apparatsjiks zich lieten rijden, die een van de geliefde objecten van diefstal is en bij gebrek aan partijbonzen nu de auto is geworden waarin menig beginnend vrije jongen zich graag laat rijden. Of wat te doen als je om half vier 's nachts midden tussen de weilanden een meisje van een jaar of 25 ziet liften? Eerste opwelling: stoppen. Tweede gedachte: niet doen. Conform het advies van vrienden kan er immers maar één rationele reactie zijn: doorrijden, en hard ook, want tien tegen één dat er zich achter een heester een man ophoudt die andere plannen met je heeft, die al dan niet worden uitgevoerd met revolver of gaspistool. En beide instrumenten heb ik, tegen het advies van dezelfde kennissen in, niet in het handschoenenkastje liggen.

Slaat hier de paranoia toe? Wellicht. Zonder ook maar met één enkele "racketeer' oog in oog te hebben gestaan en slechts genoodzaakt om zo nu en dan een corrupte maar uiteindelijk dankbare politiefunctionaris af te kopen, bereiken we vijf uur 's ochtends immers de plaats van bestemming. Desondanks roept de ambiance een beeld op. Als de auto's koetsen of paarden waren geweest, had iedereen de situatie kunnen benoemen.