Kunst waarvan Pistolen Paul watertandt

Jubileum-expositie Bouwman en Weissenbruch-expositie (beide met catalogus), Pulchri Studio, Lange Voorhout 15, Den Haag. T/m 14 juni. Di t/m za 11-17u, Pinkstermaandag 13-17u.

ROTTERDAM, 6 JUNI. In Den Haag is momenteel een expositie te zien met lichte en luchtige kunstwerken uit de Haagse School, waarvan de Amsterdamse koning van de onderwereld Pistolen Paul zou watertanden. De zelfbenoemde gangstervorst is namelijk een groot liefhebber van het genre schilderijen dat de Haagse kunsthandelaar Ivo Bouwman ter gelegenheid van zijn twintigjarig jubileum exposeert in de Haagse Pulchri Studio.

Daar hangen werken van onder anderen Jacob Maris, H.W. Mesdag, Willem Maris (Koeien aan de waterkant), Jozef Israels (geen somber tafereel, maar twee Scheveningse visserskinderen die een klompje laten varen- Het Scheepje) en J.H. Weissenbruchs visie op het Kennemerland: Panoramisch landschap. Van Weissenbruch is ook een overzichtsexpositie ingericht in Pulchri.

Opvallende werken op de jubileumtentoonstelling van Ivo Bouwman in de Pulchri Studio zijn Femmes qui s'embrassent van Jan Sluijters, een bruikleen van het Van Goghmuseum in Amsterdam dat het doek van hem aankocht, en Odalysque, een zittend naakt van dezelfde schilder, dat onlangs door Bouwman werd verworven, en nooit eerder in de handel is geweest. Verder zijn een onbekend werk van Breitner (Op de Lindengracht) en een studie van golf (La Vague) van Gustave Courbet te zien.

Van Isaac Israels zijn aquarellen en schetsen opgenomen, uit de onbekende collectie die Bouwman onlangs ontdekte. Bouwman vindt dat Isaac Israels lang ondergewaardeerd werd, en werpt zich op als promotor van diens kunst. De prijzen voor Isaac Israels werk zijn de laatste tijd aanzienlijk gestegen.

Daaruit blijkt dat hij meer succes heeft dan de Amsterdamse wapen- en horlogehandelaar Pistolen Paul (P.A. Wilking) die ook wel eens in kunst handelde: “Als je mij nou vraagt wat ik echt graag verkoop, dan zeg ik: schilderijen. Ik heb het wel meegemaakt, dat ik iemand voor één rooie een doek uit de Haagse School afpakte, om dat schilderij een half uur later voor twee rooien aan een kennis over te doen. Dat is gauw verdiend.”

Eind jaren zestig hield hij een opmerkelijk pleidooi voor de kunst van Isaac Israels in het boek De roerige wereld van Pistolen Paul, opgetekend door Martin van Amerongen: “Ik moet zeggen: ik ben een vrijer op een mooi schilderij, maar ik zou persoonlijk voor geen prijs een Josef Israels voor m'n treiter willen hebben hangen. Want dat was - in tegenstelling tot zijn zoon Isaac - een vrolijke snuiter, die meneer Josef Israels, die was helemaal gek op plaatjes van bijvoorbeeld de plaatselijke visvrouw, die met vier, vijf kindertjes aan haar rokken stond te planjeren aan het graf van vader. Bedroefde vrouw aan graf van dooie visser heet zo'n doek dan. Godskanonne, het zal wel goed zijn gemaakt, maar k wil het niet voor m'n smoel hebben. Je hebt wel meer van dat soort gevallen: neem nou de Anatomische les van Rembrandt. Als ze mij morgen zeggen: Paul, je kunt de Anatomische les voor drie knaken overnemen, dan zeg ik: verkoop die Anatomische les maar aan m'n concurrent. Ik kan wel leukere dingen bedenken dan een kijkje in de maag van de een of andere opengesneeën gevangenisboef.(-) Nee, dank je wel, geef mij maar een mooi beschaafd portret uit de Haagse School, of een Breitner, of een mooie - maar nu spreek ik als dierenvriend - Paulus Potter.”