De wensen van de familie Groen

De huishouding van honderdduizenden mannen en vrouwen heeft nauwe banden met een eigen winkel, werkplaats, praktijk of andere onderneming. Dat grote of kleine bedrijf legt alle geldstromen goed vast en maakt plannen, kijkt vooruit. De toekomstige gang van zaken beïnvloedt natuurlijk sterk de privé geldzaken.

Je verwacht dat ondernemers beide kanten van hun financiële medaille goed in de gaten houden of laten houden. Dat blijkt in de praktijk niet altijd zo te zijn. Vooral de samenhang tussen privé en zakelijk, en in het verlengde daarvan een integrale vermogens- en inkomensplanning voor de toekomst, levert voor een doorsnee eigen baas te veel problemen op. Bovendien kent hij of zij niet alle regels, wetten en gebruiken. Die handicap heeft de notaris, accountant, fiscalist, verzekeringsman, pensioenadviseur, vermogensbeheerder en financiële adviseur ook. Zelfs grote banken, toch bevolkt met duizenden veelweters, besteden fiscale-, notariële- en andere ingewikkelde problemen liever uit aan allesweters op een bepaald vakgebied.

Een zelfstandige, vrije beroeper of eigen baas moet derhalve op zijn hoede zijn voor een deskundige die beweert op alle kermissen tegelijk te kunnen spelen. Om een indruk te geven van een redelijk complex geval volgt hierna een beschrijving van de denkbeeldige familie Groen, die door de adviseurs van een vooraanstaand bankiershuis onderhanden is genomen.

De heer Groen (48 jaar), directeur/eigenaar van Groen Beheer bv, is gescheiden van zijn eerste vrouw en hertrouwd met mevrouw Jansen (33 jaar) op huwelijksvoorwaarden. Uit het eerste huwelijk zijn twee uitwonende en studerende (tot 1993 en 1996) kinderen van 24 en 21 jaar geboren. Meneer heeft een testament, opgesteld in 1984, met ouderlijke-boedelverdeling om de nalatenschap al bij zijn leven te scheiden en delen. Mevrouw heeft geen testament. Meneer is als directeur groot- aandeelhouder niet sociaal verzekerd, heeft geen opvolger in voor het eigen bedrijf, rijdt in een auto van de zaak en heeft een pensioen via de eigen bv geregeld.

Op het familie-overzicht van bezittingen en schulden staan: huis: verkoopwaarde 500 duizend gulden; geschatte waardestijging van 2 procent per jaar. deposito: 400 duizend gulden. auto mevrouw: waarde 25 duizend gulden; waardedaling 15 procent per jaar. aandelen: 60 duizend gulden; groeiverwachting 2,5 procent en dividend 7 procent per jaar. obligaties: 111.500 gulden; aflossingswaarde 100 duizend en couponrente 12 procent. gemengde verzekering: kapitaal 200 duizend gulden uit te keren in het jaar 2008 op 65 jarige leeftijd; huidige waarde 100 duizend gulden. lijfrenteverzekering: uit te keren in het jaar 2003 op 60 jarige leeftijd; huidige waarde 40 duizend gulden. waarde bedrijf: 1,3 miljoen gulden; dividend 2.000 gulden en groeiverwachting 7 procent per jaar. Aan de schuldenkant van de balans staat alleen een hypotheek van 100 duizend gulden. Het vermogen, bezittingen en schulden, bedraagt 2.436.500 gulden. De vermogensgroei schat de bank op 4,5 procent gemiddeld per jaar. In het huis zit 20,5 procent van het vermogen en in aandelen (plus eigen bedrijf) 55,8 procent.

De volgende stap in de meerjaren-analyse is het opstellen van een staat van inkomsten en uitgaven, een berekening van de vermogens- en inkomstenbelasting en de geldstromen. Uit de inkomensopstelling blijkt dat de familie Groen niet op een dubbeltje kijkt. De jaar-inkomsten bedragen bijna 190 duizend gulden en er gaat meer dan twee ton uit aan belasting en andere uitgaven. De rente op het deposito is net voldoende om de tekorten te dekken.

Wat wil meneer Groen eigenlijk? Hij wil het volgende: bedrijf verkopen op 60 jaar of eerder indien voordelig. besteedbaar inkomen van 96 duizend gulden per jaar (inclusief studie kinderen), nu en na de verkoop van zijn zaak. vermogen risico mijdend beleggen; maximaal 20 procent (zaak en privé samen) in aandelen. 100 duizend gulden liquide voor incidentele uitgaven. advies over zijn privé regelingen. een pensioenadvies. De bank stelt, samengevat, het volgende voor. Meer aandelen privé (175.000) en zakelijk (250.000) kopen. Voor 190.000 gulden obligatiegroeifondsen kopen en het deposito afbouwen. De 12 procent obligaties verwisselen voor 6 1/4 procent staatsobligaties. Niet langer 2.000 gulden dividend Groen Beheer. Geen nieuwe lijfrenteremies meer, er is voldoende pensioen, en de hypotheek niet verder aflossen.

Verder krijgt meneer Groen het advies de huwelijksvoorwaarden, in overleg met de notaris, aan te vullen met een Amsterdams verrekeningsbeding of helemaal te laten vervallen. Ook het testament uit 1984 is aan revisie toe. En waarom meneer Groen, vraagt de bank heel voorzichtig, heeft mevrouw geen testament? Zij komt (als tweede echtgenote?) in financieel opzicht niet helemaal uit de verf!