VS kampen met "vies' imago

RIO DE JANEIRO, 5 JUNI. Zijn de Verenigde Staten “de vieze man” van de Wereldmilieuconferentie in Rio? Voor veel deelnemers aan het "Global Forum', de schaduwconferentie van de milieu- en ontwikkelingsorganisaties, lijdt dat geen twijfel. De Amerikanen die er rondlopen, bevinden zich nu in een lastig parket: als zij iemand een hand geven, hoort men ze niet zelden verontschuldigingen maken voor hun nationaliteit.

Woensdag herhaalden de VS hun weigering het zogeheten Biodiversiteitsverdrag te tekenen - en dat is hard gevallen. “Een nieuwe nagel aan de doodkist van de Earth Summit”, zei een Greenpeace-woordvoerder gisteren met een verwijzing naar de rol van de VS bij de onderhandelingen over het klimaatverdrag, dat hierdoor sterk is verbleekt. De machtige lobby beraadt zich nu op de wijze waarop zij zal protesteren, wanneer president Bush op 12 juni Rio aandoet.

Maar de signalen aan officiële kant - met nog zes onderhandelingsdagen en even zovele nachten te gaan - zijn op zijn minst dubbelzinnig. “Niets staat nog vast”, zegt een hoge Nederlandse ambtenaar. “Iedereen deelt nu zijn wisselgeld om straks des te beter kunnen uitpakken en bovendien: diplomaten zijn lui. Als een conferentie twee weken duurt, gebeurt er de eerste week niets, daar kun je donder op zeggen.”

Anderen reageren minder luchthartig: de VS zouden zich door hun scherpe formuleringen nu in een positie hebben gebracht waarin zij weinig concessies meer kunnen doen. Voor degenen die nog een sprankje hoop koesterden voor het door de VS gekortwiekte klimaatverdrag is het bijvoorbeeld te laat. Gisteren werd het opengesteld voor ondertekening, en voor sommige deelnemers aan de plechtigheid, onder wie zich ook de Nederlandse minister van milieu Alders bevond, moet het geleken hebben of zij het condoleanceregister signeerden.

Deze landen zeggen nog steeds te willen streven naar een “alternatieve klimaatverklaring”, waarin zij alsnog beloven hun CO2-uitstoot in het jaar 2000 te hebben gereduceerd tot het niveau van 1990, zoals zij aanvankelijk in het verdrag hadden willen bepalen. Maar of dit initiatief inmiddels vaart krijgt, valt nog steeds moeilijk na te gaan. Portugal en de Polynesische atollen Vanatu en Tuvalu - die reeds bij een geringe stijging van de zeespiegel zullen onderlopen - blijken zich bij Zwitserland, Oostenrijk en koploper Nederland te willen voegen, maar Duitsland en Italië spelen nog stommetje.

Ook aan het biodiversiteitsverdrag, dat vandaag wordt opengesteld voor ondertekening, zal zo goed als zeker niets meer veranderen. Dit verdrag, dat de bescherming van dier- en plantesoorten regelt, is voor de VS - evenals overigens Japan en Groot-Brittannië - onacceptabel wegens twee clausules.

Ten eerste willen de VS geen "royalities' betalen voor het gebruik van planten, dieren of lagere organismen uit andere landen - die zij bij voorbeeld gebruiken voor de veredeling van landbouwgewassen of het maken van farmaceutica - zonder te kunnen bepalen of dat geld ook werkelijk wordt gebruikt voor de bescherming van plant en dier. En ten tweede willen zij hun technische kennis op dit gebied niet zonder meer delen met het land waar zij deze grondstoffen winnen, omdat dat in strijd zou zijn met het Amerikaanse patentrecht.

Gisteren deed Reilly de deur nog even van de grendel door te zeggen dat de VS mogelijk toch zouden tekenen, wanneer een “relatief gering” aantal “kwetsende formuleringen” verwijderd zou worden uit de verdragstekst. Maar dan moesten de anderen wel opschieten, aldus Reilly, die daarmee de veiligheidsketting stevig op de deur hield. Vandaag zou immers ook het biodiversitsverdrag worden opengesteld voor ondertekening.

Deels uit wraak en deels uit eigenbelang dreigen andere landen, zoals de groep van ontwikkelingslanden (de G-77), nu met het dwarsbomen van het derde akkoord dat de VS wél van harte steunen: een verklaring over het behoud van de bossen. President Bush heeft voor dit doel inmiddels 150 miljoen dollar extra beschikbaar gesteld, maar dat gebaar is lauw ontvangen. Bovendien is niet duidelijk waaruit de 150 miljoen bestaat: uit een bijdrage, of uit revenuen uit bilaterale handelsakkoorden tussen landen met bedreigd en de VS.

“Wij voelen ons zeker niet geïsoleerd door de rest van de wereld”, zegt een lid van de Amerikaanse delegatie dat anoniem wil blijven. “Als het moet gaan wij onze eigen weg.”

Dat valt nog te bezien, maar de VS zijn in ieder geval niet huiverig om in de eerste dagen al te veel vrienden te maken. Zo stelde de Amerikaanse vertegenwoordiger tijdens het overleg in het presidium van UNCED de vraag of het “wel nodig is dat de rijke landen hun consumptiepatronen fundamenteel wijzigen”. Daarmee raakte hij aan een van de uitgangpsunten van de "duurzame ontwikkeling' die UNCED moet zien te bereiken.

Wanneer de VS dit principe, dat zij in verschillende teksten hebben onderschreven, werkelijk opnieuw ter discussie zouden willen stellen, maakt dat de uitkomst van de hele conferentie onzeker. Of het bluf is, moet nog blijken. Wel is zeker dat de VS met diezelfde opstelling - de aanval is de beste verdediging - tijdens de voorbereidingen van het klimaatverdrag de EG door de knieën gekregen hebben. Er staat veel op het spel - zoals de reputatie van de laatste supermacht, die zijn morele superioriteit aan het verliezen is - maar anderszijds valt er voor de VS nog veel te verdienen.