Fransen zijn weinig enthousiast over referendum

PARIJS, 5 JUNI. “Ik weet dat er zoiets als een referendum komt, ja, over Europa of zo. Verder weet ik er niks van. Ik lees geen kranten, ik kijk geen televisie, nieuws deprimeert me.”

De jonge Parisiènne, hooguit dertig en "goed opgeleid' zo te zien, verblikt of verbloost geen seconde als zij haar onwetendheid over het komende referendum in Frankrijk tentoonspreidt. “Gaat het over de akkoorden van Maastricht? Kan best ja, geen idee. Of de rest van de Fransen net zo geïnteresseerd is als ik? Ik denk dat ze zo'n referendum wel aardig vinden. Fransen zijn dol op discussiëren, dus dit is weer een mooie gelegenheid.”

De opiniepeilingen die woensdag, direct na de aankondiging van president Mitterrand dat de Fransen zich in een referendum kunnen uitspreken over Maastricht, mogen dan uitwijzen dat bijna 70 procent van de Fransen vóór ratificatie is, dat betekent nog niet dat zij ook echt enthousiast zijn over het referendum. Want uit dezelfde enquête bleek dat slechts 58 procent de moeite zal nemen om naar de stembus te gaan. Uit een onderzoek dat half mei werd uitgevoerd kwamen heel andere cijfers naar voren. Daaruit bleek dat 15 procent tegen is, 33 procent er onverschillig tegenover staat en 18 procent geen mening heeft. Opgeteld is dat een krappe meerderheid die het nog niet weet.

De dame met het schilderij onder haar arm op de Place de la Sorbonne weet het wel. Zij is niet blij met het referendum. “Ik had liever gezien dat het langs parlementaire weg was besloten. Dit gaat veel tijd kosten en zal waarschijnlijk uitlopen op een debat over de nationale politiek in plaats van op een discussie over Europa.” Echt bang voor Deense taferelen in Frankrijk is zij niet. “Denemarken is veel kleiner dan Frankrijk, het heeft veel meer te vrezen dan wij. Maar ja, als we wel "nee' zeggen, tja, dan betekent dat wel een catastrofe.”

Halverwege een zebrapad stuit ik op twee onvervalste communisten, die al evenmin blij zijn met het referendum. “Laat ik het kort houden”, zegt de ene met zonnebril. “Het markteconomisch systeem is shit, dus is Europa shit. Dat referendum riekt naar De Gaulle en die was ook shit.” “Het enig belangrijke”, zegt de andere met de balletjesjurk, “is het milieu. Als we met een miljard mensen minder zijn, is er weer hoop voor de aarde.” De jongen met de zonnebril voegt er heroïsch aan toe: “Ik ben bereid mijn leven te offeren voor de mensheid.” Het stoplicht springt op groen, onze wegen scheiden zich weer.

Ook de Franse pers is niet echt opgewonden geraakt van het referendum. De meeste aandacht in de media gaat uit naar Denemarken en de reactie van de EG-lidstaten. Vreemd genoeg vraagt ook vrijwel niemand zich af wat er zal gebeuren als ook de Fransen "nee' zeggen. Tekenend voor deze "onderkoeldheid' in de pers is dat Le Monde daags na de aankondiging van het referendum zijn hoofdartikel wijdde aan het bloedbad in Peking, gisteren drie jaar geleden.

Elisabeth Guigou, de Franse minister voor Europese zaken, beklaagde zich zelfs dat er binnen de politiek maar matige belangstelling bestaat voor "Maastricht'. Over een toespraak die zij in de Senaat had gehouden zei zij: “Het probleem was dat maar heel weinig mensen genteresseerd waren. Ik heb wel eens de indruk dat bepaalde politici slechts op de hoogte zijn van het bestaan van het Verdrag van Rome, dat toch al weer zo'n 35 jaar oud is”.

Wat de Fransen het meest lijkt te storen aan het komende referendum is het feit dat de volksstemming een mooie gelegenheid is voor de politici om zich te profileren en hun onderlinge geschilpunten uit te vechten. Een van hen motiveerde zijn scepsis als volgt: “Het zal over veel onderwerpen gaan, behalve over Maastricht”.

Politici met presidentiële aspiraties lijken inderdaad reeds begonnen te zijn met een warming up. Raymond Barre bijvoorbeeld, die in 1988 een vergeefse gooi deed naar het hoogste ambt. Maar vooral oud-president Giscard d'Estaing, die niet onder stoelen of banken steekt dat hij nog wel een keer wil. “Het Europa van Maastricht is het Europa van Giscard, een liberaal Europa”, zei hij gisteren op de televisie, recht in de camera kijkend alsof de verkiezingscampagne al begonnen was.

Ook Jacques Chirac, de burgemeester van Parijs, zou natuurlijk graag naar het Elysée verhuizen, maar hij wordt op het moment nauwelijks serieus genomen wegens zijn uiterst weifelende houding ten opzichte van "Maastricht'. “Chirac oefent in versneld tempo zijn wals in driekwartsmaat: oui-non-abstention”, zoals Libération het zo fraai omschreef.

Het politieke risico dat Mitterrand met het referendum neemt is groot. Te groot, vinden sommigen. “Als de meerderheid in Frankrijk "nee' zegt, zal Mitterrand de man zijn die Europa naar de bliksem heeft geholpen. Hij heeft het recht om via een referendum de verdeeldheid bij de oppositie aan te wakkeren, maar niet om het Europese bouwwerk te laten instorten”, aldus een met het UDF van Giscard geaffilieerde politicus.

Als de Fransen "nee' zeggen, kan de president - die zich de laatste jaren heeft geprofileerd als een fervent Europeaan - weinig anders doen dan aftreden. Wordt het "ja' daarentegen, dan is hij de held van Europa en komt "tonton' de laatste drie jaar van zijn ambtstermijn ook wel door. Maar dan moet hij wel slim zijn en niet openlijk zijn politieke lot verbinden aan de uitslag van het referendum. Want met een impopulariteitsscore van 60 procent kon de uitslag van het referendum dan wel eens een onaangename verrassing worden.