Elke Nederlander eet 5 kilo chocolade

De aanhoudende prijsdaling van cacaobonen die zich de afgelopen jaren als gevolg van voortdurende overschotsituaties heeft voorgedaan wordt in het jaarverslag over 1991 van de Nederlandse Cacao en Cacaoproducten Verening (NCCV) niet voor de eerste keer aan de orde gesteld.

Het is een blijvend gegeven in een markt waarop de in 1987 in werking getreden vierde Internationale Cacao Overeenkomst ook in het afgelopen verslagjaar geen greep heeft gekregen. Het prijsniveau van cacaobonen blijft maar dalen. Na een lichte opleving in de tweede helft van vorig jaar zette begin 1992 een verdere prijsdaling in. In mei werd het laagste niveau van de afgelopen 17 jaar bereikt. Een schoolvoorbeeld van de prijsontwikkeling in een markt waarin het aanbod de vraag voortdurend overtreft. Hoewel in de afgelopen jaren de consumptie een sterke stijging te zien gaf, behield de produktie van cacaobonen de overhand. In het seizoen 1990/1991 werd met een oogst van 2,54 miljoen ton opnieuw een record bereikt. Deskundigen denken overigens dat in 1992 de consumptie de produktie met ongeveer 140.000 ton zal kunnen overtreffen, waardoor de mogelijkheid van een prijsherstel zich begint af te tekenen. Tenzij blijkt dat in hun prognose de oogstramingen te laag zijn geweest.

De cacaomarkt is een voor Nederland zeer belangrijke markt. Nederland behoort met de VS, Brazilië en Duitsland tot de grootste gebruikers van cacaobonen. Nederland onderscheidt zich van de andere drie landen vooral door verwerking van bonen tot cacaoboter en cacaopoeder, halffabrikaten die voor bijna 90 procent zijn bestemd voor de export.

In Nederland is in het afgelopen jaar ongeveer 67.700 ton chocolade gegeten, een stijging van vier procent ten opzichte van 1990. De consumptie van hagelslag en chocoladevlokken meegerekend komt het verbruik 12.000 ton hoger uit op totaal 79.700 ton. Per hoofd van de bevolking betekent dat een verbruik van ruim vijf kilo per jaar. Toch zijn de Nederlanders niet de grootste consumenten van chocolade. Buurlanden Duitsland en België laten een consumptie zien van maar liefst zeven kilo per persoon. Zwitserland spant de kroon met een verbruik van twaalf kilo per persoon, bij welk cijfer moet worden aangetekend dat toeristen verantwoordelijk zijn voor twee kilo. Desondanks eten Zwitsers tweemaal de hoeveelheid die een Nederlander consumeert.

De geldomzet in chocolade steeg in Nederland van 965 miljoen naar 1030 miljoen gulden. Gevulde chocoladerepen (candybars) namen het grootste deel van de afzet voor hun rekening. In 1991 ging voor 330 miljoen gulden over de toonbank (1990: 312 miljoen). Chocolaatjes en bonbons waren goed voor een omzet van 327 miljoen gulden (1990: 300 miljoen).

Chocolade beslaat bijna 20 procent van de zoetwarenmarkt in Nederland. Suikerwerk, bakwaren, hartige hapjes en chocolade komen samen op een omzet van 5,5 miljard gulden. De Nederlandse consument geeft gemiddeld 10 procent van zijn voedingsmiddelenbudget uit aan zoetwaren, winstmatig behorend “tot de meest aantrekkelijke produktgroepen in het assortiment van de detailhandel”, aldus de NCCV.