Waterbedrijven tegen milieuheffing

RIJSWIJK, 4 JUNI. De waterleidingbedrijven vinden het plan van het kabinet om een milieuheffing op grondwater in te voeren onaanvaardbaar.

Directeur Th. Martijn van de VEWIN (Vereniging van Exploitanten van Waterleidingbedrijven in Nederland) noemde gisteren de heffing, die 475 miljoen per jaar op moet gaan brengen, “een ordinaire belastingmaatregel”. Hij is van mening dat de heffing niets met het milieu te maken heeft. “Het is zoiets als de hondebelasting, de schatkist heeft geld nodig.” Volgens het wetsvoorstel van de ministers Kok (financiën) en Alders (milieubeheer) moeten de waterleidingbedrijven volgend jaar een belasting van een kwartje per kubieke meter onttrokken grondwater gaan doorberekenen aan de consument. Voor de 4,2 miljoen huishoudens in het oosten, zuiden en noorden van het land die grondwater gebruiken, zal dat een prijsstijging ruim 30 gulden per jaar betekenen. Met de heffing wil het kabinet het gebruik van grondwater afremmen om zo de daling van de grondwaterstand tegen te gaan. De opbrengst van de heffing wordt niet voor het financieren van milieumaatregelen gereserveerd, maar zal worden toegevoegd aan de algemene middelen. VEWIN-directeur Martijn vindt dat de heffing in strijd is met het principe 'de vervuiler betaalt'. Hij vreest dat de heffing averechts zal werken, doordat boeren en industrie de waterleidingbedrijven gaan mijden en meer grondwater op eigen houtje gaan oppompen.