Snuiftabak dempt enthousiasme van Zweden voor EG

De verwerping door de Deense bevolking van "Maastricht' kan het verzet in Zweden en Finland tegen toetreding tot de EG wind in de zeilen geven. Bovendien vrezen de regeringen in Stockholm en Helsinki door de uitslag van het referendum vertraging bij de behandeling van hun lidmaatschapsaanvraag.

STOCKHOLM/HELSINKI, JUNI. Snuif beheerst de discussie in Zweden over aansluiting bij de Europese Gemeenschap. Een miljoen mensen (van de 8,4 miljoen) praktizeren deze vorm van tabaksconsumptie en zijn bang dit genot te moeten opgeven als hun land zich bij de EG voegt. Daar is snuiftabak al jaren om gezondheidsredenen verboden, wat tot weinig protesten leidde omdat het aantal snuivers - vooral Duitsers, onder wie Helmut Schmidt - beperkt was.

Na de euforische pro-EG-stemming van de afgelopen twee jaar en nog geen jaar nadat Zweden het lidmaatschap van de EG officieel aanvroeg lijken de Zweden naar de andere kant door te slaan. Geen populaire "EG-prijzen' meer in cafés en geen opiniepeilingen meer waarbij twee derden van de bevolking zich voor aansluiting bij de Gemeenschap uitspraken. Onder het motto "Nee tegen de EG' zijn in het hele land groeperingen actief. De peilingen laten nu zien dat de tijd van grote meerderheden voor het lidmaatschap, althans voorlopig, voorbij is.

“Snuif is een symbolisch onderwerp geworden”, aldus Mats Hellstrom, woordvoerder voor EG-zaken van de sociaal-democratische oppositie in het Zweedse parlement, minister van handel in de vorige regering en krachtig voorstander van toetreding. Hij verklaart de ommekeer in de publieke opinie deels door het overwaaien naar Zweden van het "Maastricht-syndroom', de kritiek die in landen als Denemarken en Duitsland is losgebarsten over het akkoord dat de twaalf lidstaten van de EG eind vorig jaar in Maastricht sloten over een Europese Politieke Unie en een Economische en Monetaire Unie. De uitslag van het Deense referendum van dinsdag, waarbij een meerderheid zich tegen "Maastricht' uitsprak, heeft de anti-EG-stroming extra wind in de zeilen gegeven.

Verder was volgens Hellstrom de Zweedse regeringswisseling van september vorig jaar, met alle gevolgen van dien voor het sociaal-economische beleid, een gunstige voedingsbodem voor het verzet. De bezuinigingen die nu op de sociale voorzieningen worden doorgevoerd worden door de bevolking aan de toenadering tot de EG geweten. En ten slotte is er “het vacuüm” waarin zijn land, en dus de Zweedse bevolking, verkeert: ná "Maastricht' maar vóór de daadwerkelijke onderhandelingen over toetreding. “De echt belangrijke onderwerpen zullen op den duur weer een kans krijgen”, zei hij onlangs hoopvol tijdens een gesprek met deelnemers aan de "Hanze-cruise', een initiatief uit het Vlaamse bedrijfsleven om de relaties met de Oostzeelanden nieuw leven in te blazen. Het Deense referendum zal de snuif sneller naar de achtergrond dringen dan Hellstrom lief is en zal ook Zweedse politici met andere ogen naar hun kiezers doen kijken.

De centrum-rechtse regering van premier Bildt is zeker niet minder pro-Europees dan haar sociaal-democratische voorgangster, die de lidmaatschapsaanvraag een jaar geleden officieel indiende. Eerder meer! Minister van Europese zaken Dinkelspiel staat te trappelen om de onderhandelingen te beginnen en hanteert een voortvarend tijdschema. Hij verwacht dat de Europese Commissie, het "dagelijks bestuur' van de EG, “spoedig een positief advies over de Zweedse aanvraag zal geven”.

Van de Europese Raad, de conferentie van EG-regeringsleiders, zou eind deze maand in Lissabon het groene licht voor de onderhandelingen moeten komen. Deze zouden in de herfst moeten beginnen. In 1995 zou Zweden dan lid van de EG kunnen zijn, net op tijd om aan de besprekingen deel te nemen over nieuwe wijzigingen en aanpassingen van de Europese verdragen - onder meer over defensie - die (nu nog) een jaar later zijn voorzien.

Dat laatste is voor Zweden heel essentieel. “Wij willen volledig meedoen met de Europese integratie”, aldus Dinkelspiel, “ook met de integratie op het terrein van buitenlandse politiek en defensie.” “Want Zweden wil meepraten over verdere verdieping van de samenwerking binnen de Europese Gemeenschap.”

Het aloude Zweedse concept van neutraliteit lijkt afgelegd. De bewindsman achtte het “volstrekt natuurlijk” dat de Europese Gemeenschap een “defensie-identiteit” heeft en ziet die “op de lange duur” ook ontstaan. Zweden zal daar aan meedoen, daar liet hij geen misverstand over bestaan: “Wij staan hiervoor open”.

Ook de Finse regering, die in maart besloot het lidmaatschap van de EG aan te vragen, lijkt alle remmen los te gooien. “Wij kunnen het akkoord van Maastricht helemaal onderschrijven”, merkte een hoge Finse diplomaat bij de EG op. De voorzieningen daarin voor een politieke unie zijn volgens hem voor de regering in Helsinki evenmin een probleem als het begin van samenwerking op defensiegebied. “Neutraliteit speelt in de nieuwe Europese verhoudingen geen rol meer”, meende de diplomaat, die niet uitsluit dat zijn land lid van de NAVO zal worden.

Misschien is het Scandinavische land dat tot nu toe het terughoudendst was in de betrekkingen met West-Europa nu wel het meest enthousiast. In de Finse peilingen groeit de meerderheid voor aansluiting bij de EG en het protest van boeren, die zich net als landbouwers elders in de regio in hun bestaan bedreigd voelen door de Europese landbouwpolitiek, lijkt niet naar de rest van de samenleving over te slaan - al kan het Deense referendum natuurlijk hier een terugslag veroorzaken.

Voor de vijf miljoen Finnen is de Gemeenschap vooral een economische reddingsboei. Het land verkeert sinds de omwenteling in de vroegere Sovjet-Unie en het daarop volgend wegvallen van de voor Finland zo lucratieve handelsbetrekkingen in een ernstige recessie. Alom wordt verwacht dat alleen de EG hierin verandering kan brengen.

Het officiële Zweedse en Finse enthousiasme kreeg op de Hanze-cruise tegengas van de Belgische EG-commissaris, Karel van Miert. Deze wees erop dat onderhandelingen over de toetredingsaanvragen pas kunnen beginnen als duidelijk is dat "Maastricht' in alle twaalf lidstaten wordt aanvaard en dat er een akkoord is over de financiële gevolgen ervan (het zogenoemde Delors-II-pakket). Het Zweedse tijdschema was daarom “wellicht een beetje te ambitieus”, een eufemistische uitspraak die na de Deense volksstemming alleen maar aan dreiging heeft gewonnen. Het onbedoelde effect van het Deense protest is immers dat de toelating van andere Scandinavische landen tot de Europese Gemeenschap wordt opgehouden en dat de regeringen in Stockholm en Helsinki er een zorg bij hebben.