Onderwijsenquête II

Twaalfjarige Nederlanders kunnen worden gerangschikt naar lengte, gewicht, geslacht en nog veel meer, maar iedereen boven de twaalf is alleen geïnteresseerd in de resultaaten voor de Cito-toets van deze hummels. Die sorteert de kinderen op schoolvaardigheid.

Als ze 15 zijn, zullen de meeste lage Cito-scoorders zich links in de balk bevinden en de hoge rechts. (Vbo staat voor voorbereidend beroepsonderwijs, de nieuwe naam voor het lbo.)

Stel: u hebt een twijfelachtige tweeëiige tweeling van twaalf: Job en Jim. Job is dom, Jim is slim. Job heeft een lage Cito-score en een lbo-advies van de basisschool. Slimme Jimn scoort wel 550 en mag van de bovenmeester naar het vwo. Uw huis wordt omringd door scholen, die hijgerig om uw kinderen werven.

De Kemenade-scholengemeenschap (K, zie hieronder) beweert dat de Cito-toets misschien niet klopt. Om een lang verhaal kort te maken: de eerste drie schooljaren zijn ingedeeld volgens dit plaatje.

In het eerste jaar zitten alle kinderen door elkaar - in iedere klas zitten hoge en lage Cito-scoorders. Men noemt dit een homogeen brugjaar. Het tweede jaar is een dakpanjaar. Ze bevat de dakpan "mavo/havo' kinderen die naar verwachting òf naar 3-mavo òf naar 3-havo gaan. Zitten blijven is er op deze school de eerste twee jaar niet bij.

Op het Pais College gaat het anders.

Op deze school worden op basis van Cito-toets en advies de kinderen ingedeeld in de drie dakpannen van het eerste jaar bij de overgang van 1 naar 2 wordt definitief over de toekomst beslist. Het tweede en derde leerjaar zijn categoraal. Ze kunnen blijven zitten.

Er zijn nog vier scholen in de buurt, zogenaamde categorale scholen: het "Uppie vbo (U), de "Lonely mavo', de Havo "Single' en het Exclu-Gymnasium' (E).

Job en Jim moeten naar school. Kruis op het aanmeldingsstrookje hieronder de school of scholen van uw keuze aan en stuur het naar Redactie onderwijs, NRC Handelsblad, Postbus 824, 3000 DL Rotterdam. De uitslag staat over een paar weken op deze plek.