Denen geven stoot tot Frans drama

Is er ja dan nee een verdrag van Maastricht? Er bestaan een verdragstekst en een aantal protocollen (over de Europese Unie en over de Economische en Monetaire Unie) met daarop de handtekeningen namens twaalf regeringen. Maar sinds de ratificatieprocedure in Denemarken met een negatieve referendumuitslag werd onderbroken, is de vraag gesteld of het zin heeft met de parlementaire behandeling in de andere lidstaten verder te gaan. De Deense regering heeft die vraag voor zichzelf negatief beantwoord met het voorstel de onderhandelingen te heropenen. Pas wanneer er een tekst is opgesteld waarvoor voldoende Deense steun mag worden verwacht, kunnen de procedures worden hervat. Van Deense kant is er maar niet over gespeculeerd, wat er moet gebeuren wanneer de andere elf landen ieder op hun beurt hetzelfde voorrecht opeisen.

Hoewel de problemen worden onderkend die het Deense Nee heeft geschapen, hebben de elf al een consensus in beginsel bereikt dat er met de ratificatieprocedures en vervolgens met de tenuitvoerlegging van het verdrag moet worden voortgegaan. Het duidelijkst sprak de Franse president zich uit toen hij enkele uren na het Deense debâcle zijn besluit bekend liet maken dat het verdrag van Maastricht per referendum ter goedkeuring aan het Franse volk zal worden voorgelegd. Mitterrand wenst zich blijkbaar niets gelegen te laten liggen aan het oordeel dat er van een verdrag geen sprake meer is. Wat hij de Fransen voorlegt, moet wel degelijk als bindend worden beschouwd zodra het Franse volk ermee heeft ingestemd. Het is ondenkbaar dat de president van zijn privilege gebruik maakt om slechts een groot model opiniepeiling te organiseren.

De ratificatieprocedure in Frankrijk was al voor een derde verlopen. De Constitutionele Raad had vastgesteld dat ten behoeve van "Maastricht' de Franse grondwet op een aantal onderdelen moest worden gewijzigd. Dat houdt in een eerste lezing in de Nationale Vergadering en vervolgens in de Senaat die een in beide huizen goedgekeurde gelijkluidende tekst moet opleveren. Vervolgens dient die tekst in de gezamenlijke vergadering, het Congres, een drievijfde meerderheid te verwerven om als aangenomen te worden aangemerkt. De Nationale Vergadering heeft inmiddels met grote meerderheid voor de grondwetswijziging gestemd en de behandeling in de Senaat is begonnen. Maar daar stuit het voorstel op stevig verzet, vooral van de kant van de gaullisten.

Aan de behandeling en stemming in Assemblée en Senaat is in de Franse media een wekenlang debat vooraf gegaan. Alle argumenten die Franse intellectuelen van links en rechts en van pro en contra konden bedenken, hebben in de discussie dienst gedaan. De soevereiniteit van het land stond centraal, evenals de schade die "Maastricht' daaraan kon toebrengen. De republikeinse gedachte, het onvervreemdbare burgerschap, de idee dat Frankrijk uniek is in Europa, zo niet in de wereld, en dat ook moet blijven, werd geconfronteerd met de erkenning dat ook Frankrijk niet in een politiek en economisch vacuüm verkeert. Ultra-links en extreem rechts zijn gesloten tegen, de andere groeperingen reageren verdeeld, bij de regerende socialisten is de anti-stemming beperkt tot een kleine kring rondom ex-minister Chévènement.

In de Senaat spitst het verzet zich toe op het actieve en passieve kiesrecht dat ingevolge "Maastricht' op lokaal niveau moet worden toegekend aan ingezetenen uit andere EG-landen. De senatoren worden gekozen via een stelsel van getrapte verkiezingen, voor een aantal van hen is het onaanvaardbaar dat een "vreemde' stem daarop invloed zou oefenen. De grondwetswijziging die noodzakelijk is voor het verlenen van dit beperkt kiesrecht aan buitenlanders wordt door hen afgewezen.

Mitterrand moet de kansen hebben gewogen en tot de slotsom zijn gekomen dat de parlementaire weg, ondanks het aanvankelijke succes in de Nationale Vergadering, te onzeker is om er zich geheel op te verlaten. In de Vijfde Republiek heeft het staatshoofd het voorrecht om voor kwesties van belang rechtstreeks het volk te raadplegen. Het Franse "presidentiële' referendum is in aanleg en opzet iets geheel anders dan het Deense. Waar het referendum in Denemarken is bedoeld als directe en onvervormde uiting van de volkswil, zonodig als correctie op het parlementarisme, heeft de Gaulle indertijd het referendum geïntroduceerd als een extra onderstreping van het presidentiële gezag tegenover de door hem ontmachte maar nog steeds gewantrouwde vertegenwoordiging der verdorven partijen. Zijn laatste referendum werd de generaal overigens noodlottig.

In deze gaullistische context moet het besluit van Mitterrand worden beoordeeld. Dat de president, gezien de uitslag van de jongste regionale verkiezingen en de stand van zijn partij in de opiniepeilingen, een niet gering risico neemt, laat dit onverlet. Het referendum biedt de president de gelegenheid om over de hoofden van de partijen en het parlement heen het prestige van zijn functie aan te wenden voor een Frans Ja. Frankrijk als de leidende natie in het Verenigd Europa roept zijn zonen en dochters op tot die definitieve daad van plicht en opoffering die Europa redden moet. De Denen hebben zo bezien het toneel gereed gemaakt voor een Frans drama van vèrstrekkende betekenis.

Omgekeerd verschaft het referendum nieuwe mogelijkheden aan Mitterrand zelf, maar ook aan zijn socialistische partij om zich te verlossen uit het politieke lage-drukgebied waarin ze nu al zolang verkeren. De Europese integratie heeft tientallen jaren lang kunnen rekenen op een ruime en vaste aanhang in Frankrijk. De verzoening met Duitsland was de aanleiding en de overtuiging dat voor het eigen land een vanzelfsprekende leidersrol op het continent was weggelegd, vormde het fundament. De afgelopen jaren, zeker sinds de Duitse hereniging, zijn er in het Franse gemoed twijfels gerezen waar het de plaats van Frankrijk in de Europese rangorde betreft. Maar ook al zijn de gegevens veranderd, de slotsom is vrijwel gelijk gebleven: Frankrijk kan niet zonder Europa, Europa niet zonder Frankrijk. Dat zal althans Mitterrands credo zijn in het aanstaande referendum en het zal van dwarsliggende gaullisten nog de nodige inspanning vergen om het verwijt van verraad aan de idealen van de generaal van zich af te slaan.

"Maastricht' is, terugblikkend, het "geschenk' geweest van Mitterrand en Kohl aan Europa. De Duitse kanselier en de Franse president hebben daar de weg uitgestippeld die Duitsland en Frankrijk samen konden gaan en waar het Verenigd Koninkrijk op afstand mocht volgen. Premier Major kreeg in de Limburgse hoofdstad de ruimte voor een eigen Brits tempo. Het is dit uitgewogen onderhandelingsresultaat dat in Kopenhagen werd opgeblazen. Maar met het Deense Nee wordt in de andere elf hoofdsteden geen genoegen genomen. Er staat teveel op het spel.