Aanpak van Justitie tegen financiële criminaliteit wordt harder

DEN HAAG/HAARLEM, 4 JUNI. De Tweede Kamer stemt in met een wetsvoorstel van minister Hirsch Ballin (justitie) waarin het instrumentarium van justitie om zware criminelen hun financiële voordelen te ontnemen aanzienlijk wordt uitgebreid.

Tijdens het Kamerdebat gisteren over deze voorstellen bleek dat CDA en PvdA de voorstellen steunen. D66 toonde zich kritisch, de VVD aarzelde.

De bedoeling van de voorstellen van Hirsch Ballin is om de zware criminaliteit aan te pakken op het punt waar het de wetsovertreders om te doen is, namelijk de kolossale inkomsten. Het wetsvoorstel biedt daartoe betere mogelijkheden. Zo kan justitie bijvoorbeeld tijdens een onderzoek naar de inkomens van een crimineel al vast een conservatoir beslag op diens vermogen en goederen leggen om te voorkomen dat de buit verdonkeremaand wordt.

Verder biedt het voorstel de politie de mogelijkheid strafrechtelijk financieel onderzoek te starten, zodra een crimineel wordt verdacht van feiten waarvoor een boete van minimaal 100.000 gulden kan worden opgelegd. Dat onderzoek is geheim; de verdachte weet niet dat het onderzoek wordt ingesteld. Het in beslagnemen van het vermogen is alleen mogelijk als de verdachte uiteindelijk veroordeeld wordt.

Ondertussen ruziën de instanties die de hardere aanpak van (vermeende) criminelen zouden moeten uitvoeren. Zo wil de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst (Fiod) de zogenoemde "kaalplukteams' die jacht maken op vermogens van criminelen in vijf jaar ontbinden. Volgens de Fiod voegen ze niets toe aan de wijze waarop de fiscale recherche en de politie gewoonlijk samenwerken. De Fiod levert veelal de financiële deskundigen aan de acht "kaalplukteams' van de politie, die officieel Bureaus Financiële Ondersteuning (BFO's) heten.

Justitie en Binnenlandse Zaken zijn verrast door het Fiod-oordeel over de "kaalplukteams'. “Het roept plotseling vraagtekens op over de bereidheid van de Fiod tot samenwerken”, aldus H. Stroeve van Binnenlandse Zaken. Hij zegt dat het juist in de bedoeling ligt het aantal BFO's uit te breiden tot zestien á negentien.

In een brief aan een interdepartementale commissie van Financiën, Justritie en Binnelandse Zaken klaagt het hoofd van het 'kaalplukteam' in Arnhem, H.W. Buil, mede namens zijn collega's van de andere BFO's, over tegenwerking door de Fiod bij het werven van financiële deskundigen voor de teams.

Fiod-directeur mr. J. Lunneker ontkent tegenwerking. Volgens hem is de interesse onder Fiod-rechercheurs om naar de politie te gaan niet erg groot. “Een meerderheid vindt het toch gezelliger, leuker en interessanter om bij de Fiod te zijn. Daar zijn ze bezig met zaken op een financieel niveau dat ze bij BFO's in veel mindere mate tegenkomen.”

Op de achtergrond van het conflict spelen de recentelijk opnieuw gehouden pleidooien voor het opdoeken van zelfstandige positie van bijzondere opsporingsdiensten, zoals Fiod, AID en ECD. “Ik ben een Fiod-man en vanuit die achtergrond geef ik tegengas”, aldus motiveert het hoofd van de fiscale recherche, drs. A. Franssen, de aanval van de Fiod op de BFO's.