Italië moet offeren voor "Europa'

ROME, 3 JUNI. Terwijl de arbeidsonrust groeit, vooral in de transportsector, wordt de Italiaanse bevolking voorbereid op de offers die zullen worden gevraagd in het kader van een ingrijpend bezuinigingsprogramma dat nodig is voor toetreding tot de Europese Monetaire Unie. Er is nauwelijks nog tijd, zo waarschuwde de gouverneur van de Banca d'Italia, Carlo Azeglio Ciampi, zaterdag in zijn jaarlijkse rede. Het is lang geleden dat een gouverneur van de centrale bank zulke sombere tinten gebruikte in zijn traditionele financieel-economische overzicht.

De nieuwe president van Italië, Oscar Luigi Scalfaro, had in zijn inaugurale rede afgelopen donderdag al gewaarschuwd dat offers nodig zijn om te voorkomen dat Italië de aansluiting bij de rest van Europa mist. Ciampi heeft dat uitgewerkt: nog dit jaar zijn extra bezuinigingen nodig voor bijna 50 miljard gulden en volgend jaar moet nog zeker eenzelfde bedrag worden bezuinigd.

Volgens Ciampi zou verdere Europese integratie zonder Italië ondenkbaar zijn, maar hij zei dat het land zich daar wel veel beter op moet voorbereiden. “Anders komt op ons de zware verantwoordelijkheid te rusten een obstakel te worden voor de bouw (van een verenigd Europa)”, zei hij.

Zijn rede is positief ontvangen en heeft de geruchten versterkt dat Ciampi een van de belangrijkste kandidaten is om in een nieuw kabinet de saneringsoperatie te gaan leiden. Van verschillende kanten is voorgesteld de drie ministeries die zich met financiële zaken bezighouden (Financiën, Schatkist en Begroting) samen te voegen tot één ministerie, waarbij Ciampi een van de beste kandidaten zou zijn om dit te leiden. Waarschijnlijk komt hier nog deze week meer duidelijkheid over. Verwacht wordt dat president Scalfaro morgen een kabinetsformateur aanwijst. De formatie van een nieuw kabinet, na de verkiezingen in april, is vertraagd omdat eerst een president moest worden gekozen. Omdat dat Scalfaro werd, moest eerst een opvolger voor hem als Kamervoorzitter worden gevonden.

Ciampi maakte duidelijk dat er geen mogelijkheid meer is voor een betrekkelijk pijnloze en geleidelijke aanpassing van het begrotingstekort. Voor dit jaar was dit begroot op 132 biljoen lire, maar het tekort stevent af op de 160 biljoen lire en dreigt nog groter te worden. “Het is onaanvaardbaar dat een samenleving die zich scherp bewust is van de natuur en het karakter van zijn eigen problemen, die de instrumenten en methodes heeft bepaald om ze oplossen, die zijn eigen doelen heeft gezet en de middelen heeft om ze te bereiken, niet in staat is om dit alles in daden om te zetten”, zei Ciampi in zijn rede.

Het demissionaire kabinet heeft eind vorige maand een aantal noodmaatregelen genomen, waaronder een investeringsstop voor lokale overheden. De Banca d'Italia heeft banken en kredietinstellingen verzocht zuinig te zijn met hun kredieten. Ciampi heeft vooral gewaarschuwd voor kredieten aan de lokale gezondheidsdiensten, de belangrijkste instanties in de gezondheidszorg, maar vaak inefficiënt en corrupt. Deze hebben de uitgavenstop van de centrale overheid proberen te omzeilen met leningen, maar Ciampi waarschuwde dat de banken er ernstig rekening mee moesten houden dat zij niet in staat zijn hun schulden af te betalen.

Ciampi's recept heeft vier hoofdelementen: betere belastinginning en mogelijk enkele belastingverhogingen; een loon- en salarisstop; sanering van de vaak inefficiënt werkende overheidsdiensten; en vergroting van concurrentiemogelijkheden op alle niveaus van de economie, om zo te komen tot een kostendaling. De loonontwikkeling is de inzet van de gesprekken die werkgevers en werknemers gisteren zijn begonnen over een nieuw systeem van prijsindexering. Eind 1991 is besloten dat de resterende elementen van de scala mobile, het systeem voor prijscompensatie dat in 1984 al ingrijpend werd gewijzigd, zullen worden vervangen door een nieuw stelsel.

Ciampi mengde zich zaterdag in deze discussie door te zeggen dat “het veilig stellen van de koopkracht ... niet zozeer gezocht moet worden in het aanpassen van de nominale salarissen aan de inflatie in het verleden, maar in het voorkomen (van inflatie).” De “excessieve stijging van de arbeidskosten” is volgens Ciampi, samen met het falende economische beleid en gebrek aan initiatief in het bedrijfsleven, de hoofdoorzaak van de huidige problemen.

Het parlement heeft voorgesteld de ambtenarensalarissen dit jaar niet meer te laten stijgen dan de begrote inflatie van 4,5 procent. Dat zou een reëel verlies aan koopkracht betekenen. De inflatie op jaarbasis bedroeg in mei 5,7 procent, een stijging van 0,1 procent vergeleken met april. Ciampi riep de overheid op desondanks de norm strak te handhaven en suggereerde dat zij ook zou moeten gelden in de particuliere sector.

Vooral enkele transportbonden verzetten zich fel tegen deze voorstellen. Zij eisen dat de werkgevers de lopende afspraken over prijscompensatie nakomen. Deze voorzien onder andere in een extra uitkering in mei van circa veertig gulden. De werkgevers zeggen dat de scala mobile vorig jaar is afgeschaft en dat het niet hun schuld is dat er nog geen nieuw systeem is.

Militante bonden binnen de spoorwegen en het luchtverkeer hebben hierop een reeks stakingen georganiseerd die hier en daar al tot forse vertragingen hebben geleid en naar verwachting tot meer chaos zullen leiden. Ook de metaalarbeiders, die vorige maand acties hebben gehouden, hebben met meer stakingen gedreigd.

De drie nationale vakfederaties lijken hun instemming met een koppeling van loonstijging aan de geplande inflatie afhankelijk te stellen van het belastingbeleid. De vakbonden eisen een inkomensbeleid dat voorkomt dat loontrekkers het grootste deel van de belastingen voor hun rekening blijven nemen omdat ondernemers, kleine zelfstandigen en mensen in de vrije beroepen niet of nauwelijks belasting betalen.

Ciampi zei dat de belastinginkomsten tussen nu en 1996 met ongeveer 2 procent van het BNP kunnen stijgen door een betere aanpak van de belastingontduiking en een vereenvoudiging van het belastingstelsel. Hij wees erop dat alleen bij “een grote gelijkheid” voor de fiscus de offers die van de bevolking zullen worden gevraagd, aanvaardbaar zullen zijn.