De emoties van E.J Nederkoorn

In Helmond vrezen werknemers van NedCar dat er op termijn niet veel meer van de autofabriek zal resteren dan een assemblagelijn.

Eén eigenaar, Volvo, zou het magazijn willen verplaatsen en een andere, Mitsubishi, ziet niet veel in een volledig opgetuigde ontwikkelafdeling. In Amsterdam, intussen, slikt Fokker-topman Eric-Jan Nederkoorn asperientjes. Hij wil Fokker onderbrengen bij reus Daimler, maar de zelfstandigheid zoveel mogelijk behouden. Zijn pleidooi voor autonomie vindt in de ogen van de Duitsers weinig genade: een “emotionele uitglijder”, noemt DASA-topman Schrempp parmantige verhalen over Nederlandse zelfstandigheid. De diplomatieke uitglijder van Schrempp legt een dubbelzinnigheid bloot die vaker ten aanzien van de nationale industrie valt te bespeuren: Nederland wil èn een meerderheid in zijn bedrijven verkopen èn de zeggenschap behouden. Dat kan niet. Alle verhalen ten spijt zal een meerderheidsbelang van DASA in Fokker het leiderschap - vroeg of laat - in Duitsland leggen. Net zo goed als NedCar een pion zal worden in een mondiale produktiestrategie die uiteindelijk in Zweden en Japan wordt gedicteerd. Alle andere suggesties dienen een politiek doel.