Bollegraf mist bezieling in kwartfinale

PARIJS, 3 JUNI. Twee maanden in een krachthonk waren voldoende om haar aan een hoogtepunt in haar carrière te helpen. Maar hoe gemakkelijk die progressie in het vrouwentennis klaarblijkelijk is te bewerkstelligen, om de verhoudingen in de top werkelijk te verstoren is iets meer nodig. Niet dat Manon Bollegraf de illusie koestert dat ze dat ooit zal halen. Ze kan leven met de gedachte dat ze niet goed genoeg is om de top tien van de wereld te bereiken. “De eerste twintig of dertig sluit ik niet uit”, zei ze, “daarboven ligt de onbereikbare top.”

Gisteren in haar kwartfinale partij van de open Franse kampioenschappen tegen Arantxa Sanchez Vicario was het af en toe net of ze de bezieling miste om het onmogelijke te willen presteren. In het vrouwentennis lijkt er een denkbeeldige kooi te zijn opgetrokken rondom het kleine aantal echte toppers, waar niemand doorheen kan of durft te dringen. Aan het einde van de dag bleek de indeling voor de halve finales een doorslagje te zijn van vorig jaar: Seles-Sabatini en Sanchez-Graf.

Vanuit die solide machtsverhoudingen benaderen de toppers hun tegenstanders ook. Verpakt in wat beleefdheden (“Ze heeft goed gespeeld. Ik wist dat ze op zou komen naar het net om me aan te vallen”) merkte Sanchez na afloop fijntjes op dat de partij tegen de Nederlandse een aardig opwarming voor haar ontmoeting met Steffi Graf was geweest.

Bollegraf wilde niet van heilig ontzag spreken. Daarvan is geen sprake. “Je moet alleen zo veel goede ballen slaan om punten te maken. En bij mij zaten er te veel missers bij.” Niet dat Sanchez - in 1989 winnares op Roland Garros - zo briljant speelde. Want al nam de 20-jarige Spaanse meteen een 3-0 voorsprong, in de daaropvolgende games liep het allemaal minder vlot. “Ik denk dat ik het iets te licht opnam”, zei het kleine, felle dikkerdje. Bollegraf kwam terug tot 3-2, maar dat was na 29 minuten haar laatste wapenfeit. Het hoopvolle begin in de tweede set met een break en de eigen service kon de Ermelose niet de stabiliteit in scherpte geven die nodig is om een speler van wereldklasse te verslaan.

Op beslissende momenten raakte Bollegraf zelfs de controle kwijt. “Omdat ze zo snel is verloor ik het overzicht bij drop shots.” Ze raakte er niet door gefrustreerd dat de korte beentjes Sanchez razendsnel naar de uiterste hoeken brachten. “Want frustraties ken ik deze week niet.” Bollegraf vertoefde door haar kwartfinaleplaats - sinds Betty Stöve in 1977 is er nooit meer een Nederlandse speelster zo ver gekomen in een Grand-Slamtoernooi - even in de zevende hemel.

Regen beheerste ook de negende dag van de titelstrijd op Roland Garros. Toen het in het begin van de middag ophield met miezeren en hard begon te regenen werden de dekzeilen over de gravelbanen getrokken, gingen de paraplu's open en zochten de toeschouwers voor zover dat mogelijk is een droge plaats op.

De accommodatie van Roland Garros is, net als het nog antiekere Wimbledon, achtergebleven bij de ontwikkeling van het tennis. Traditie verdraagt zich slecht met een sport die een miljoenenbedrijf is geworden. Manon Bollegraf ervoer dat ook. 's Morgens om negen uur stond ze al op de baan om in te slaan, daarna was het lummelen geblazen in een ruimte waar geen enkele vorm van vertier is. Er is in Parijs gewoonweg geen plaats voor. Tegen half zes kon ze pas gaan spelen. “Ach, iedereen heeft er evenveel last van”, vond ze. “Je zit er allemaal uren voor niets.” Hoewel dat laatste een understatement is. Als verliezend kwartfinaliste, na een uur en elf minuten spelen, incasseerde ze ruim honderdduizend gulden. Met haar vaste partner Tom Nijssen bereikte ze gisteren de kwartfinale van het gemengd dubbelspel en met Katrina Adams is ze doorgedrongen tot de laatste zestien van het vrouwendubbel. Bovenop haar verdiensten in het enkelspel, weet ze zich nu al verzekerd van nog eens tweemaal tienduizend gulden. Dat totaal is een verdubbeling van het bedrag dat ze eerder dit jaar al bij elkaar had geslagen.

Bollegraf was voor Nederland de verrassing, maar niet de sensatie van het toernooi. Die bestaat er bij de vrouwen nu eenmaal niet. Monica Seles, de winnares van 1990 en 1991, won moeiteloos van Jennifer Capriati (6-2, 6-2), Gabriela Sabatini had iets meer moeite met Conchita Martinez (3-6, 6-3, 6-2) maar de wijze waarop Martinez negen games op rij moest inleveren vertelde voldoende over het niveauverschil. Steffi Graf worstelde in de tweede set met Natalia Zvereva, de trainingspartner van Brenda Schultz, maar zette haar op het beslissende moment toch resoluut aan de kant (6-3, 6-7 (4-7), 6-3). Als de regen het programma niet verder in de war stuurt begint het toernooi voor de vrouwen morgen echt.