Voor of tegen, de Denen denken wel na

Het referendum van vandaag, waarin de Deense bevolking zich uitspreekt over ratificatie van de afspraken die de Europese leiders in december maakten, heeft aanleiding gegeven voor uitgebreide, soms felle debatten over de plaats van het land in Europa. Niet onder politici, die zijn vrijwel allemaal voor, maar wel overal elders. Kunstenaars en nationalisten spreken emotioneel over dat onbestemde gevoel door Brussel te worden overheerst, een angst die volgens recente peilingen ook opmerkelijk veel vrouwen tegen "Maastricht' doet kiezen. Het Verdrag van Maastricht over verdere politieke en economische integratie in Europa, dat op dit moment in de parlementen van verscheidene EG-landen wordt besproken, moet volgens een aanzienlijk aantal Denen worden afgewezen.

De tegenstanders hameren erop dat in de monetaire unie het voeren van een zelfstandig economisch beleid onmogelijk wordt. En als een lidstaat zich niet aan de afspraken wil houden, kan het Hof van Justitie van de EG dwangsommen opleggen. Dat is een grove aantasting van de soevereiniteit. Terwijl die bindende Europese besluiten niet eens op democratische wijze worden genomen. De vergaderingen van de Raad van Ministers bijvoorbeeld kunnen door de nationale parlementen noch door het Europese Parlement effectief worden gecontroleerd.

In de "unie' die in Maastricht is opgericht, zullen de grote landen het voor het zeggen krijgen, luidt een veelgehoorde klacht. Er circuleren al plannen om de kleine landen hun zetel in de Europese Commissie te ontnemen, net als hun recht op het roulerend voorzitterschap. “Kijk naar de manier waarop Frankrijk en Duitsland een "Europees' legerkorps oprichten: ongevraagd en zonder ons. En niet alleen zonder ons, ook zonder de nieuwe democratiën in Oost-Europa. De unie wordt een machtsblok van Westeuropese landen, juist nu de integratie met onze voormalige vijanden prioriteit moet krijgen.”

Het verdrag schept verplichtingen waarvan onduidelijk is hoe die worden nagekomen. De noordelijke lidstaten moeten bijvoorbeeld miljoenen guldens overmaken naar een land als Griekenland, dat tot nu toe toch weinig produktiefs heeft gedaan met al die subsidie die het al ontvangt. De bureaucratie in Brussel gaat zich bemoeien met de arbeidsomstandigheden, alsof die in Portugal hetzelfde zouden moeten zijn als in Duitsland. En wat betekent het streven naar een steeds hechtere unie?

Deze argumenten waren de afgelopen weken in Denemarken dagelijks te horen op televisie, op het werk, in cafe's en aan tafel thuis. De nieuwe Europese Unie, voor de meeste Nederlandsers een abstractie, is onder Denen aanleiding tot verhitte debatten.

Waarom maken de besluiten die de EG-leiders in december in Maastricht hebben genomen in Nederland zo weinig emotie of op zijn minst discussie los? Zoveel verschillen Denemarken en Nederland tenslotte niet. Zij behoren beide tot de kleinere landen in de EG, met een taal die door maar weinig mensen wordt gesproken. Zij zijn allebei "Atlantisch' georiënteerd en sinds 1949 trouw lid van de NAVO. Beide zijn bovendien relatief rijke noordelijke landen met een uitgebreid stelsel van sociale voorzieningen, buurlanden van het grote Duitsland en zuivelexporteurs. Maar als Nederlanders zich al opwinden over de EG gaat het over het voorzitterschap of over de manier waarop Nederlandse ministers opereren.

Hoe is dat verschil in betrokkenheid te verklaren? Uit een passage in de Deense grondwet die voorschrijft dat over overdracht van bevoegdheden aan internationale organisaties wordt beslist met vijf-zesde meerderheid in het parlement, of anders per referendum. Blijkbaar zijn de Denen zuinig op wat zij in de afgelopen eeuwen hebben opgebouwd, en hechten zij aan die opmerkelijke verzameling eigenschappen die wel wordt gevat onder het woord nationale identiteit.

Weliswaar nodigt zo'n referendum niet altijd uit tot genuanceerde debatten - soms gaat het zelfs helemaal niet meer over Maastricht - maar er zijn tenminste debatten. Voor- en tegenstanders van het verdrag zijn het er dan ook over eens dat dit goed is voor de democratie. Natuurlijk is er op het niveau van de discussie heel wat af te dingen omdat een ingewikkeld onderwerp als dit zich slecht leent voor een volksstemming. Maar het onbetwistbare voordeel ervan is dat de Denen nu - in tegenstelling tot de meeste van hun mede-Europeanen - ongeveer weten wat er namens hen wordt ondertekend of afgewezen. In Nederland ratificeert dit najaar het parlement het verdrag van Maastricht. Daarna zullen we wel uit ondervinding leren wat de inhoud is van die tweehonderdzoveel nieuwe verdragsartikelen. Zo gaat dat wel vaker bij EG-besluiten die kracht van wet hebben.

Afgezet tegen deze onverschilligheid is een referendum zoals in Denemarken zo gek nog niet.