Richard Meier bouwt "groot huis' voor KNP; Papierfabrikant betrekt nieuw kantoor in Hilversum

HILVERSUM, 2 JUNI. Nog één keer uitten gisteren de bewoners van de chique Hilversumse villawijk in woord en gebaar hun verzet tegen het nieuwe hoofdkantoor van papierfabrikant NV Koninklijke KNP. In de bomen langs de lommerrijke lanen hingen zwarte ballonnen en bij vele oprijlanen stonden borden en spandoeken met teksten als "KNP gemeen(te) foutje' en "KNP gemeente blunder nummer x'. Na een lange juridische strijd met de buurt om de bouwvergunning is het gebouw er toch gekomen, het eerste in Nederland van de Newyorkse architect Richard Meier. Niet voor niets noemde hij gisteren bij de officiële opening het ontwerp voor KNP, die zich in geen geval in een banale kantorenwijk wilden vestigen, "een groot huis'.

KNP is Meiers eerste gebouw in Nederland, maar niet zijn eerste opdracht: in 1986 kreeg hij de opdracht voor het nieuwe Haagse stadhuis, dat niet eerder dan 1994 klaar zal zijn.

Het ontwerp is tweeledig: een kubus (het ontvangstcentrum) die door een luchtbrug wordt verbonden met een balk (kantoren), in totaal vijfduizend vierkante meter. Voorzitter De Wit van de raad van bestuur noemt twee bouwsommen, respectievelijk twaalf en acht miljoen. “Daarmee geven we aan dat het gebouw twee gescheiden functies heeft.” En voegt er ruiterlijk aan toe: “Bovendien klinkt twintig miljoen als zo veel voor een gebouw waarin 45 mensen werken.”

Daar heeft hij natuurlijk gelijk in, maar in één oogopslag is te zien waar dat geld in is gaan zitten. De afwerking is van een - helaas - zeldzaam hoog niveau. Het volkomen gladde stucwerk op een vrijstaande pilaar van zestien meter hoog, bijvoorbeeld, en de bekleding met Spaanse kalksteen van een lange muur die dwars door beide gebouwdelen snijdt en als een scherm aan de boven- en zijkanten uitsteekt. Naast Meiers karakteristieke metalen buitengevels - nu niet meer van geëmailleerd staal maar van geanodiseerd aluminium - geeft het licht beige geaderde natuursteen een subtiel ton sur ton effect en verzacht, samen met de houten vloeren in het ontvangstgedeelte, het helle wit van wanden en pilaren.

Meier is een meester in het manipuleren van licht. Ook in het KNP-gebouw is het in een zorgvuldig geregisseerde overvloed aanwezig. Het stroomt de sobere lobby binnen door de grote glasvlakken rond de entree, het overstelpt de kantoren door de hoge ramen op het dak en tuimelt door de vides die de twee verdiepingen met elkaar verbinden. Voor de wanden van de gang liet de architect speciaal glazen bouwstenen uit Amerika komen omdat de Europese naar zijn zin te groenig van tint waren. De deuren van de kantoren doen ook mee aan het spel van lijnen en vlakken: ze draaien niet op scharnieren, maar op onzichtbare pen-en-gat constructies.

Zoals Gert Staal schrijft in het begeleidend boekje: de ruimtes worden begrensd maar niet afgesloten. Als je bijvoorbeeld in de lobby op de Barcelona-stoelen van Mies van der Rohe gaat zitten, blijk je ineens door lage ramen dwars door het gebouw te kunnen kijken. Een beeldschoon en verrukkelijk luxe detail zijn de stroken glas die langs de onderkant van het gebouw lopen, net boven de grond. Vooral in de schemering komt het gebouw door die transparante plinten van licht los van de grond, het staat op spitzen.

Richard Meier erkent zijn schatplichtigheid aan meesters van de Moderne architectuur als Le Corbusier - een wand met een horizontale spleet erin en de opkrullende luifel op de kantoorvleugel zijn haast letterlijke citaten - en de Nederlanders Rietveld, Duiker en Dudok. “Dit gebouw is een bescheiden infanterie-soldaat in het grootse leger van architectuurstromingen waarin Dudok een generaal was,” schrijft hij in Richard Meier: Architect, het tweede deel van zijn oeuvre-overzicht dat Rizzoli vorig jaar publiceerde.

Strak in de functionalistische leer is Meier niet. Hij gebruikt de Moderne beeldspraak - hoekige vormen, strookramen, relingen - om een weelde te scheppen die ver af staat van de machine esthetic van weleer. De royale trappen, gangen en vides van het ontvangstcentrum zullen ongetwijfeld calvinistisch getinte aarzelingen over de "verkwisting' van zoveel ruimte zonder duidelijk doel. Maar het "doel' is louter het genot van vlakken en lijnen, volumes en massa's en licht, veel licht.

Hilversum heeft de eerste Hollandse Meier: een gebouw van een onderkoelde, abstracte schoonheid. Inderdaad, dit is geen architectuur die zich als een paar oude schoenen genoeglijk naar het lijf van de gebruiker voegt; achteloos neergegooide colberts en rondslingerende kranten worden hier niet geduld. Wil het zijn messcherpe vouwen niet verliezen, dan zal dit corporate office zeer toegewijd moeten worden onderhouden. Tot in de lengte van dagen is KNP nu verplicht zijn "groot huis' even vers en knapperig te laten uitzien als op de dag van oplevering.

Foto: Messcherpe vouwen kenmerken het nieuwe hoofdkantoor van KNP in Hilversum (foto rechts). Het gebouw dat twee functies heeft - een ontvangstcentrum en een kantoorgedeelte (tekening boven) - werd ontworpen door de Amerikaanse architect Richard Meier (foto boven NRC Handelsblad/Maurice Boyer)