Beleggen volgens het boekje (1)

Voor de doorsnee sterveling blijft beleggen een moeilijk te doorgronden bezigheid. Links en rechts om je heen hoor je over het succes van mensen die er in korte tijd veel mee verdienen. Alleen door iedere dag een uurtje te zappen door de pagina's van Teletekst en af en toe even een order door te bellen naar de bank, beweren ze.

Aan de keerzijde van de beursmedaille hokt en mokt een stille meerderheid van beleggers die geen goud behalen of zelfs iets verliezen, aan de zappers onder andere. Winnaars en verliezers vormen de twee zijden van dezelfde medaille. Daarnaast zijn er honderdduizenden rustige beleggers die beleggen voor de lange termijn in vormen en constructies met weinig risico's.

Waar moet je op letten als je wil beleggen en een redelijk rendement behalen? Laten we de vraag eens anders stellen. Waar let je op bij de keuze van een huis? Bij een spaar- of andere verzekering? Hoe kom je aan een passend pensioen of de juiste huwelijksvoorwaarden? In bijna alle gevallen leg je het probleem voor aan een tussenpersoon of adviseur, die rekening houdend met de persoonlijke financiële omstandigheden, graag een goed advies zal uitbrengen.

Bij een bank of commissionair in effecten gaat dat zo niet zo vanzelfsprekend. Dat ligt aan de bemiddelaars, die niet gewend zijn zich te verdiepen in de financiën van hun klanten, èn ook aan de beleggers zelf, die niet of nauwelijks bereid zijn te betalen voor de kennis en de tijd van een adviseur en liefst voor een dubbeltje op de eerste rang zitten. Desondanks kunnen beleggers die zich niet zo snel naar een beleggingsfonds willen laten dirigeren, altijd advies inwinnen bij hun bank of commissionair.

Welke conclusies kan je trekken uit deze inleiding? Onder meer deze. Wie zijn vermogen op peil wil houden of vergroten door middel van effecten en daarvan afgeleide produkten, zal veel zaken zelf moeten bestuderen, tenzij hij of zij dat vermogen laat beheren door een professional.

Waar moet je op letten? In de eerste plaats dit: beleggen is geen doel op zich, maar slechts een onderdeel van het totale vermogensbeheer, net als pensioenen, verzekeringen bij leven en overlijden, onroerend goed, een eigen zaak, een testament, de juiste huwelijksvoorwaarden enzovoort. Je moet het geheel (laten) bestuderen voor je beslist welk deel van het vermogen in effecten belegd dient te worden en met welk doel. Tenzij iemand graag wil spelen op de beurs. Dan gelden andere regels.

Uit welke doeleinden moet je kiezen? Een paar voorbeelden. Het bekende fiscale voordeel van de onbelaste koerswinst op aandelen, opties, warrants, termijncontracten en dergelijke. Je kan willen beleggen om de inflatie voor te blijven. De opbrengst moet dan meer zijn dan het tempo van de inflatie. Dat is lastig. De ervaring leert dat bij oplopende inflatie korte renterekeningen meer bieden dan de inflatie. Obligaties en aandelen dalen in waarde en komen pas terug als de inflatie daalt. Op de lange termijn, maar wat is lang, geven aandelen aan redelijke tot goede bescherming. De groei van het vermogen, dus niet de inkomsten, kan voorop staan en dan komt wellicht een beleggingsfonds in aanmerking dat niets uitkeert, maar alle winst in kas houdt en zo de koers van het fonds opkrikt. Ook de liquiditeit, het vermogen om een bezit snel en tegen een redelijke prijs te verkopen, bepaalt de vorm. Misschien een hoogrentende spaarrekening of een korte termijn deposito? Een vermogen in obligaties wordt afgelost tegen de nominale waarde door de debiteur; de hoofdsom blijft dus intact als de aflosser aan zijn verplichting kan voldoen. De Nederlandse Staat is onze beste debiteur. Ook over de grote financiële instellingen hoef je niet bezorgd te zijn. .j Een belegger kan om slapeloze nachten te voorkomen beleggen in aandelen die nauwelijks bewegen, waarvan de koers op peil blijft. Een gewenst hoog inkomen kan een argument zijn om obligaties met een rente boven de markt (koers boven pari) te kopen. Het verlies bij aflossing à pari wordt voor lief genomen. Ook bepaalde aandelen komen in aanmerking.

Dit zijn bijna alle doeleinden waaruit een belegger zelf of samen met een adviseur kan en moet kiezen. Veel beleggers en adviseurs slaan deze lastige fase over en beperken zich tot de vraag welke aandelen en opties binnenkort meer waard zullen worden. Dat is niet echt beleggen volgens het boekje, maar speculeren. Ook die mensen heb je nodig op de beurs.

(wordt vervolgd)