Belangeloos Welbehagen Tirade 339. Uitg.van ...

Belangeloos Welbehagen Tirade 339. Uitg.van Oorschot, 94 blz. ƒ 17,50.

Esthetiek- supermarkt New Writing. Minerva (via Van Ditmar), 387 blz. ƒ 19,90.

Belangeloos Welbehagen

Negen nieuwe gedichten van Chris van Geel, daar kijk je wel even van op. Het gaat om enkele van de ongeveer honderd gedichten die Tom van Deel en Elly de Waard niet opnamen in de door de dichter voor 1974 bedoelde maar in 1976, dus postuum verschenen bundel Vluchtige verhuizing. Guus Middag koos ze uit en Tirade drukte ze zonder commentaar of poespas af.

Als ik iets hoor is het het vliegverkeer,

de wind, het knagen van de rupsen 's nachts

en soms een trein met niemand onderweg

die in de nacht zijn licht vervoert naar zee.

Ook J. Bernlef is present met nieuwe gedichten, ook negen, maar moeizamere (“Wie verliet daar zo schielings de woning / zonder om te kijken naar het kind / dat de man nazwaait die het werd?”); en daar zijn Rogi Wieg, Tonnus Oosterhoff, en, woest maar toch zacht, H. H.ter Balkt. Hij schreef een gedicht op de mummie "Ötztiman' die vorig jaar werd ontdekt in de Alpen: “Je balzak snel leeggeroofd, je kleine vuursteen / nog bij je. Eén uitvinding achter je, die van 't / wiel, geschiedde alles onder je blinde ogen. // De vleugelslag van de arenden, het suizelen / van de wind, bleven hetzelfde. En het wolkenpak, / snelvoetig reizend. Nu is de alp alleen, Ötziman.”

K. Michel maakte een ultrakort verhaal met als kern het enige probate antisnurkmiddel: in het rugpand van een pyjamajasje vastgenaaide tennisballen. Zijn "Mijnheer Tingeling' kreeg er mooie dromen van.

Twee beschouwende bijdragen aan dit nummer gaan in op de fotografeerkunst. K. Schippers heeft het over foto's van onbetekenende momenten, "onzware gebeurtenissen', "verzwegen bewegingen', "bijgebouwen van de ervaring', enz. Robert Anker bekeek foto's op het uitstralen van aura, met Walter Benjamins essay Het kunstwerk in het tijdperk van zijn technische reproduceerbaarheid uit 1936 erbij. “Dat fotografie een vorm van kunst kan zijn trek ik niet in twijfel, maar ik geloof dat ze dat het meest is daar waar ze dat het minst wil zijn: in het documentaire.” De fotografie moet volgens Anker het mysterie van de werkelijkheid langs mechanische weg ervaarbaar maken. Een niet-echte, geënsceneerde werkelijkheid moet de fotograaf maar aan kunstschilders overlaten, vindt Anker. Behalve Belangeloos Welbehagen kan een "ware' foto vooral ook Troost bieden. “Het beeld dat de foto ook is, vergroot het particuliere lot - van de ander, van onszelf dat we daarin herkennen - tot Het Lot, uiteindelijk van de lijdende mens, van zijn tocht door de woestijn van het leven. We zijn niet alleen en dat troost ons.”

Nicolaas Matsier vervolgt in "Mispelstraat' het afscheid nemen van ouders en van de spulletjes van overleden ouders. “Zoals er een C-14 methode is, die archeologen in staat stelt om aan de hand van hun kennis van de halveringstijd zeer nauwkeurig te berekenen wanneer de afbreektijd begonnen en hoe oud het object in kwestie dus moet zijn, zo moet er in de menselijke geest, in omgekeerde richting, een vergelijkbare metende instantie zijn die op een dag verordonneert: zo is het wel mooi geweest, de bijbehorende sentimenten worden hierbij eervol ontslagen.”

Tirade 339. Uitg.van Oorschot, 94 blz. ƒ 17,50.

Esthetiek- supermarkt

Hedendaagse Engelse literatuur met het waarmerk van de British Council en gesponsord door Booker (de firma achter de literaire prijs), de Whitbread-brouwerij en de boekhandelsketen Waterstone's die vooral door al haar W. H. Smith-vestigingen een flinke invloed heeft op het Engelse literaire bedrijf. Deze instanties brachten onlangs gezamenlijk een eerste bloemlezing uit in wat een jaarlijkse traditie moet worden, New Writing. Samenstellers zijn Judy Cooke en Malcolm Bradbury. Je moet er, kortom, als schrijver toch niet aan denken dat je nét in New Writing terecht komt. Maar eerst moet deze nieuwe jaarlijkse anthologie haar autoriteit nog waarmaken, ook al verwijst de naam naar redelijk beroemde tijdschriften van vroeger.

De eerste aflevering bevat zeventien verhalen, vijf essays, vijftien gedichten, twee interviews, drie overzichtsartikelen en twee strips. Ongeveer de helft van de verkozen auteurs hebben internationale bekendheid; zoals Martin Amis, Graham Swift, Ben Okri, Adam Zameenzad, Angela Carter (zij werd, kennelijk kort voor haar overlijden, geïnterviewd door Lorna Sage), Doris Lessing en Michael Ignatieff.

Bradbury's inleiding bestaat uit necrologieën van Graham Greene en Angus Wilson, beiden vorig jaar overleden. Anderen, David Lodge, Peter Kemp en Valentine Cunningham, proberen wel een samenhangend beeld te geven van de veelvormige Britse literatuur van de laatste jaren. Lodge spreekt van de recente "triomf van het pluralisme' die alle denkbare stijlen en genres toestaat ("aesthetic supermarket'; "everything is in and nothing is out'). Kemp verbaast zich over het feit dat auteurs zich tegenwoordig zelden met de eigen tijd bezig houden: “Perhaps the most striking feature of British fiction of the 1980s is how much of it is set neither in Britain nor the 1980s.”

Doelbewust weerspreekt Kemp zichzelf een paar keer, daarmee ook de pluriformiteit en onvangbaarheid van actuele fictie benadrukkend. “Nooit eerder zullen er in de Engelse literatuur zo veel misbruikte en mishandelde kinderen voorgekomen zijn” beweert hij, in een inderdaad indrukwekende opsomming echter telkens verwijzend naar Dickens. Kemp geeft ook een hele lijst romans uit de tachtiger jaren met het motief van Noachs Ark.

Elke indeling moge inwisselbaar zijn voor een andere, zeker is dat New Writing een fraaie en in zijn gevarieerdheid vanzelf representatieve verzameling Britse teksten van vandaag te bieden heeft. Wat een beetje sponsoring kan doen.

New Writing. Minerva (via Van Ditmar), 387 blz. ƒ 19,90.