Team Krajicek acht paniek rondom wonderkind misplaatst; "Ik had me ingesteld op de hardste opslag van het toernooi, maar hij ging over op een kick-service'

PARIJS, 1 JUNI. Nee, er is geen reden voor paniek. Twijfelen aan zijn rooskleurige tennistoekomst is misplaatst. Het is een hooguit waarschuwingssignaal, geen groot alarm. Tennisser Richard Krajicek werd voor de tweede maal binnen vijf maanden als gevolg van een schouderblessure uitgeschakeld op een Grand-Slamtoernooi. Trok hij zich in januari nog terug voor halve finale van de open Australische titelstrijd, zaterdag verscheen hij in Parijs wel voor drie sets op de baan van Roland Garros maar met 6-4, 6-1 en 6-1 was de partij tegen de onbeduidende Uruguyaan Diego Perez louter een formaliteit.

Ook volgens de begeleiders van de Nederlandse tennisser, dertiende op de wereldranglijst, is er geen directe aanleiding voor bezinning. “Richards programma na Wimbledon is al aangepast. Het is niet nodig daar nog iets aan te veranderen”, reageerde Peter Lawler van het bureau Advantage dat de zakelijke belangen van Krajicek behartigt. Er is na de eliminatie op het Franse gravel in ieder geval geen spoedoverleg geweest over inkrimping van het verdere programma dat de 20-jarige speler de rest van het jaar wacht.

Krajicek nam er royaal de tijd voor mogelijke conclusies die gemakkelijk uit zijn optreden zouden kunnen worden getrokken onklaar te maken voordat ze door de media gelanceerd konden worden. De problemen met zijn rechterschouder, vertelde hij, waren al een dag voor het begin van het toernooi onstaan toen hij een demonstratieset speelde. Bij het serveren forceerde hij een spier enigszins, maar hoewel hij er last van had voor en na de indrukwekkende partijen tegen de Spanjaard Francisco Clavet en de Zweed Magnus Gustafsson, viel de pijn tijdens het spelen mee en hoopte hij dat het tegen Perez, een gunstige loting, gaandeweg ook wel zou verbeteren. Bovendien was het een andere blessure dan die hem in Melbourne in de ziekenboeg bracht. “Dat was aan de voorkant van mijn schouder, nu zat het duidelijk van achteren. Een harde spier.” Het risico werd aanvaardbaar geacht. Haptonoom Ted Troost: “Er is een heleboel door onze hoofden gegaan, maar hij heeft de beslissing genomen toch te spelen.”

Het werd een martelgang. Krajicek serveerde de eerste game weliswaar als vanouds en produceerde drie aces, maar juist toen het talrijke publiek op baan elf voor de tweede maal zijn harde klappen verwachtte verminderde hij zijn kracht met meer dan vijftig procent tot het niveau van een matige dames-opslag. “Iedere service deed pijn. Ook de zachte.” Tegenstander Perez wist niet wat hem overkwam. “Ik had me ingesteld op de hardste service van het hele toernooi, maar hij ging al snel over naar een kick-service. Na een tijdje besefte ik wel dat er iets met hem aan de hand was.”

Krajicek, 1.94 meter lang en 79 kilo zwaar, bleek weer eens uitermate kwetsbaar. Ook al doet hij het voorzichtig aan en speelt zoals in Parijs geen dubbelspel. Hij weet het zelf en wijt het aan zijn nog onvolgroeide lichaam. In de lengte zal er natuurlijk niet veel meer bijkomen, maar in de breedte nog wel. Dat is de conclusie van Ted Troost, maar het blijkt ook uit de röntgenfoto's die gemaakt zijn in het ziekenhuis. “Er moeten nog veel veranderingen in mijn lichaam plaatsvinden. Ik zal er voorzichtig mee moeten omspringen. Ik ben nog een jongen, ik ben nog geen man.”

Krajicek slaat na de Zwitser Marc Rosset de hardste service ter wereld. Vorig jaar werd er een snelheid gemeten van 212 kilometer per uur. Rod Laver heeft hem eens geadviseerd zijn techniek iets te wijzigen en de bal minder vol te raken. Misschien zou hij dan tien kilometer minder snel gaan, maar zijn spieren zouden minder grote klappen krijgen. Hij wil er niets van weten. Op Roland Garros, waar door het gravel de ballen iets zwaarder zijn, stelde hij vast dat hij harder ging slaan. “Ik speel met het meest armvriendelijke materiaal.” De snaren (“van de beste darm”) hebben een lage bespanning (24-25 kilo) opgezet, het racket is flexibel en extra zwaar en zijn service ziet er goed verzorgd uit. “Zo goed dat de mensen vragen: hoe kun jij last van je schouder krijgen.” Maar Krajicek slaat in een partij wel honderd tot honderdvijftig services op volle kracht en dat betekent een enorme belasting voor de schouderspieren.

Die steeds terugkerende aanslag op zijn lichaam en zijn blessuregevoeligheid (hij had al eens last van zijn knieën, voelt regelmatig een lage rugpijn) hebben er voor gezorgd dat met de bewondering voor zijn spel - opgebouwd rondom die machtige opslag - in één adem de voorwaarde wordt genoemd dat hij "heel' blijft. Zelf heeft hij het gevoel dat de enorme sprong op de wereldranglijst naar de dertiende plaats (“Ik sta ongelooflijk hoog voor mijn doen”) sneller is gegaan dan zijn lichamelijke ontwikkeling eigenlijk toestaat. Het kan zich maar moeilijk onttrekken aan het hoge verwachtingspatroon. De verleiding om een vol, lucratief programma af te werken is groot. “Je had dit kunnen verwachten met de vele toernooien die ik heb gespeeld. Na Wimbledon worden het er minder”, voorspelde hij nu al.

Maar behoudens een vakantie van twee weken komt hij toch nog tot een demonstratiewedstrijd in Tokio, drie toernooien in de Verenigde Staten, de US Open en daarna hoogstwaarschijnlijk ook nog de Davis-Cupontmoeting van Nederland thuis tegen Uruguay, de ATP-Masters en de financieel bijzonder aantrekkelijke Grand Slam Cup. Voor succesvolle tennissers staat een pot met goud gereed die menigeen de moeite meer dan waard vindt om de pijn te verbijten. Bovendien zijn de kosten voor een topspeler hoog. Krajicek bezit een flinke hofhouding. Rohan Goetzke voor de tennistechnische zaken, Ted Troost voor de fysieke en mentale begeleiding en het bureau Advantage voor de zakelijke aspecten. Ze zullen hem van de beste adviezen voorzien, maar veruit de belangrijkste raadgeving kan hij halen uit de titel van een boekje dat Troost heeft geschreven: "Het lichaam liegt nooit'.

Zaterdag schreeuwde zijn lijf "nee'. “Maar je hoopt op een wonder. Dat Perez valt of zo. Of dat m'n schouder warm wordt, waardoor je minder last van de spier hebt zoals dat in de twee eerdere partijen het geval was.” De behandelingen van Troost hadden niet het gewenste effect. “Het zijn geen wonderdokters. Het is een wonder dat ik nog twee wedstrijden heb gespeeld”, reageerde Krajicek toen hij een zweem van kritiek op zijn vaste begeleider meende te beluisteren. Achteraf stelde hij echter wel vast dat het spelen van de partij sado masochisme was geweest. Een kwelling voor zijn schouder, maar evenzeer een mentale marteling want geen enkele topper staat graag zo te kijk. “Het stomste wat ik had kunnen doen.”

Hij voorkwam met die pseudowedstrijd wel dat voor de tweede maal in één seizoen in de tennisannalen achter zijn naam kwam te staan dat hij zich had teruggetrokken. Zoiets kan al gauw een kwalijke reputatie worden. In ieder geval zullen organisatoren beseffen dat een contract met Krajicek allerminst een garantie is dat hij ook werkelijk speelt. Deelneming aan het grastoernooi van Rosmalen is onzeker geworden. Hij wil eerst honderd procent zijn voordat hij weer met trainen begint. “Ik heb geen zin om met pijn te spelen. Dat vreet mentale energie.”