Het meest relevante vraaggesprek met Renee Soutendijk

“Filmster? Zou kunnen. Ze zeggen dat ik op Liz Taylor lijk”, antwoordt Jenny Arean als het meisje uit het vlooientheater op de suggestie van haar verloofde Jacco van Renesse in Willy van Hemerts tv-musical Er valt een ster (1963). Renee Soutendijk was zes, toen ze Arean als haar heldin uitkoos, een meisje met kracht en een droom, en stiekem voor de spiegel hele scènes naspeelde, “in mijn eigen, eerlijke wereld”.

Het aardige van de formule van Zomergasten, waarmee de VPRO nu al voor het vijfde achtereenvolgende seizoen de junimaand vult, is dat niet alleen fragmenten uit meer en minder bekende programma's een herkansing krijgen, maar dat ook door de keuze van die stukjes oude televisie en de toelichting een soort zelfportret ontstaat van de gast van presentator Peter van Ingen.

Filmactrice Soutendijk zei gisteravond van zichzelf dat haar verbale vermogens lang niet zo sterk zijn als haar intuïtie en dat ze daarom altijd problemen heeft met haar eigen teksten in interviews. Dit live-portret van drie uur in beelden kon zo uitgroeien tot het meest relevante vraaggesprek dat Soutendijk ooit voerde, ook al verliep de interactie met de presentator verre van ideaal.

Sinds vorig jaar in een ander VPRO-programma, Jiskefet, de arrogante pose van Van Ingen genadeloos gepersifleerd werd, heeft hij wel wat gas teruggenomen in het psychologiseren en het creëren van quasi-veelbetekenende stiltes, maar nog steeds wordt er gezeurd, slecht opgelet en naar de bekende weg gevraagd: “Je hebt dertig films gemaakt. Hoe kun je dan nog steeds zo onzeker zijn?”. De kwetsbaarheid van echt getalenteerde performers als kracht die hen voortdurend omhoogstuwt moet voor Van Ingen inderdaad een raadsel zijn, maar er waren toch eerder op de avond al genoeg aanwijzingen op tafel gelegd. Bij voorbeeld de abstractie van het acteren in het buitenland, als je ouders niet direct kennis kunnen nemen van die prestaties, en Soutendijks bewondering voor marginale, eenzame zonderlingen, zoals de voddenraapster tante Jenny in Showroom of de door René van 't Hof vertolkte "vieze man' in de theaterproduktie Café Lehnitz.

Andere helden die Soutendijk introduceerde waren Michael Caine, Meryl Streep, Simone Signoret, Wim Sonneveld, Joop Admiraal en de inderdaad onderschatte film- en tv-regisseur Dimitri Frenkel Frank (“hij viel buiten de Nederlandse hokjesgeest, en was dus niet goed te plaatsen”). De meest belangrijke bekentenis moest tot het einde wachten, waar de actrice een fragment uit Mephisto plaatste, over het opportunisme van de acteur die niets anders kan en wil doen dan dat. Er moet vaker lang en live met interessante mensen gepraat worden op de televisie. Het is de voedingsbodem voor stimulerende "Fehlleistungen', zoals die schitterende verspreking van de actrice die een emotionele confrontatie in de privésfeer een "huilscène' noemt.