Gemengde gevoelens over de terugspeelbal

ROTTERDAM, 1 JUNI. Voetbalkeepers mogen vanaf 25 juli een terugspeelbal niet meer in de handen nemen. Behalve als de bal vanuit het eigen strafschopgebied, of met het hoofd, borst of handen (bij een ingooi) wordt gespeeld. Het is een vrij ingrijpende wijziging waarover de hoge heren van de International Board, de spelregelcommissie van de wereldvoetbalfederatie FIFA, zaterdag hebben beslist. Op die manier willen ze het tijdrekken beteugelen en het aanvallende voetbal bevorderen. In het Nederlandse topvoetbal zijn de meningen verdeeld.

Oranje-doelman Hans van Breukelen zegt in een eerste reactie dat hij na invoering van de nieuwe regel misschien beter maar kan stoppen. “Ik ben juist gaan keepen omdat ik niet kan voetballen. Nu moet ik dus toch nog gaan voetballen.” Stanley Menzo, tweede doelman van Nederland, lijkt wat dat betreft in het voordeel. Hij staat bekend als een "meevoetballende keeper'. “Andere keepers zullen zich ook snel aanpassen”, zegt Menzo. “Let maar op. Alles went.”

Van Breukelen vindt dat keepers zich de laatste jaren voortdurend hebben moeten aanpassen aan veranderende regels. “Ik word er niet goed van. Maar het spel zie ik intussen niets veranderen. Nu hoor ik ze weer praten over het vergroten van de doelen. Dat zou een lachertje zijn.”

Oranje-aanvoerder Ruud Gullit vindt de nieuwe terugspeelregel maar niks. “Als verdedigers niet meer kunnen terugspelen, kegelen ze de ballen de tribune in. Ben je nog verder van huis.” Andere topvoetballers vinden het verbieden van de terugspeelbal het proberen wel waard. “Soms word je gek van al die terugspeelballen, vooral die van de middenlijn”, zegt PSV-verdediger Adri van Tiggelen.

Mario van der Ende trad vorig jaar in Italië als scheidsrechter op bij het WK voor spelers onder de 18 jaar, waar de nieuwe terugspeelregel werd uitgetest. Hij was tevreden over de resultaten. “Dat eindeloze terugspelen op de keepers was er niet meer bij.” Bij de test op het WK mocht de doelman ook bij een terugspeelbal uit het eigen strafschopgebied de bal niet in de handen nemen. Dat mag straks wel. Van der Ende vindt het terecht dat deze aanpassing is gedaan. “Op die manier heeft een verdediger die na een lange sprint zijn tegenstander de bal fraai ontfutselt de mogelijkheid de bal nog terug te spelen. Want ook een verdedigende actie kan natuurlijk heel mooi zijn.”

Van der Ende verwacht dat de voetballers niet veel problemen zullen hebben om aan de nieuwe regel te wennen. “Bij het WK is het in het hele toernooi misschien drie keer misgegaan. En dan hebben we nog over jonge spelers.” Als de doelman de bal na een terugspeelbal toch abusievelijk in de handen pakt, krijgt hij een indirecte vrije trap tegen op de plaats waar hij de overtreding heeft gemaakt. Van der Ende: “Dat kan op zeven, acht meter van het doel hele vermakelijke situaties geven.”