Eenzijdige vragen

Het artikel "Lagere score meisjes deels door eenzijdige vragen' (NRC Handelsblad, 18 mei) begint al met een bekende statistische fout.

“Net als bij de examens in de meeste andere vakken doen meisjes het bij de moderne vreemde talen slechter dan jongens. Dat is opmerkelijk, want meisjes kiezen vaker talen in hun vakkenpakket.” De schrijver van het stuk verwart correlatie met causaliteit. Het toevallige feit dat meisjes vaker talen in hun pakket kiezen betekent niet dat ze er ook beter in zouden moeten zijn. Sterker nog: als het al zo is dat meisjes over het geheel genomen slechter scoren bij hun examens, is het niet opmerkelijk dat dit ook bij moderne vreemde talen gebeurt, het is dan zelfs te verwachten.

De uitdagende kop van het artikel over "eenzijdige vragen' blijkt vervolgens als enige lading een steekproef te hebben van zeshonderd vragen waarvan achtenveertig in het voordeel van jongens zouden zijn en negen in het voordeel van meisjes. Hierover enkele opmerkingen. -1 Het voordeel van jongens ten opzichte van meisjes is dus 39 vragen van de 600. Een voordeel van 6,5 procent lijkt mij geen verklaring voor een significant hogere score. - Het onderscheid tussen vragen in het voordeel van jongens en vragen in het voordeel van meisjes schijnt mij mateloos ouderwets toe. Is het werkelijk nog steeds zo dat jongens zich bezig houden met "techniek, apparaten, auto's, sport, misdaad en economisch en politieke onderwerpen' en meisjes met "gezinsproblemen, intermenselijke relaties en gevoelens'? Als dit al op de sociologisch (gestereotypeerd) niveau waar is, dan toch zeker niet op individueel niveau.

Het onderscheid jongens-meisjes is niet zo interessant bij het beoordelen van deze examenvragen. Hiermee wil ik niet propageren dat we nu vrolijk fluitend verder moeten gaan en net doen of er niets aan de hand is. Sekse-neutraliteit in het onderwijs is zeer belangrijk. Maar richt het onderzoek dan wel op significante verschillen. Laat het onderzoek niet zelf struikelen in de valkuilen van het standaard-rollenpatroon, laat de onderzoeker dan wel de relevantie in het oog houden. Veel interessanter lijkt mij onderzoek dat één stap eerder ligt. Waarom zijn meisjes aanvankelijk beter op school, maar slechter op examens? Zijn examens "mannelijk gedefinieerd'? Dergelijke vragen geven een hele andere zoekrichting dan de vraag of examenvragen uitgaan van standaard jongens /meisjes-interessevelden.