Denen raken niet opgewonden over plotselinge deelname EK

KOPENHAGEN, 1 JUNI. Het zou overdreven zijn te stellen dat de plotselinge deelname aan de eindronde het Europese kampioenschap in Zweden de Denen in vreugde doet uitbarsten of laat overlopen van nationale trots. Er toeterden het afgelopen weekeinde geen auto's met wapperend rood-wit door de straten en er is ruzie over een noodzakelijke verkorting van de competitie.

Sinds woensdag al volgden de Deense voetballiefhebbers de politieke verwikkelingen rondom Joegoslavië met meer dan normale belangstelling. Halverwege de week was er namelijk dat telefoontje van de UEFA, de Europese voetbalbond, gekomen. Hoeveel tijd zou het Deense elftal nodig hebben om eventueel alsnog mee te doen aan het EK, dat volgende week woensdag al begint? 48 uur, luidde het antwoord. “Alle spelers hebben telefoon en Malmö is minder dan een uurtje varen”, verklaart Lars Berendt van de Deense voetbalbond desgevraagd.

Vrijdag en zaterdag ontwikkelde het wel of niet meedoen in Zweden zich tot gespreksonderwerp numer één, naast het referendum over de EG en het mooie weer. Zouden de landen van de Europese Gemeenschap zelf tot sancties besluiten of zouden ze wachten op de Verenigde Naties, dat was waar het in menige kantine om draaide.

Zaterdagavond viel dan ten slotte in de Veiligheidsraad de verlossende beslissing. “Beslissing? We weten officieel nog helemaal van niets”, verzucht Berendt. “Van de UEFA hebben we niets gehoord. Maar ik heb het journaal natuurlijk ook gezien en we nemen maar de vrijheid om met de voorbereidingen te beginnen. Maandagochtend worden de spelers ingelicht.”

Door een gelukkig toeval speelt het nationale elftal woensdag een oefenwedstrijd tegen het team van het Gemenebest van Onafhankelijke Staten. Daardoor zijn de meeste spelers al in het land, ook die vijf die in buitenlandse dienst spelen en wier competities soms al weken geleden zijn afgerond. Wegens de interland van overmorgen hielden zij zich nog wat in conditie door mee te trainen bij de club Bröndby. De vakanties die zij voor daarna hebben geboekt, zullen zij moeten verschuiven. “Misschien maar voor één week, als we meteen worden uitgeschakeld”, zegt Berendt.

Maar voor de voetballers die in Denemarken zelf spelen is het geschenk van de Verenigde Naties minder eenvoudig te aanvaarden. Zij moeten tot drie dagen voor de eerste wedstrijd tegen Engeland (volgende week donderdag) in de nationale competitie doorspelen. Bondscoach Möller Nielsen heeft bij de Deense voetbalbond aangedrongen de laatste ontmoeting van maandag 8 juni in elk geval naar zondag te vervroegen. Maar dat is niet gelukt. Uitgerekend die laatste dag valt de beslissing over het kampioenschap bij B1903 tegen Lyngby. In B1903 acteren verscheidene internationals en die moeten dus woensdag ook al opdraven voor de wedstrijd tegen het GOS. Zondag in plaats van maandag spelen, dat scheelt een rustdag, licht voorzitter Benny Olsen van B1903 toe en er staat te veel op het spel om die zomaar weg te geven. En Olsen is toevallig ook voorzitter van de commissie van de voetbalbond die waakt over het wedstrijdprogramma.

Nog lastiger wordt het voor Lars Elstrup en Johnny Mölby, beiden behorend tot de nationale selectie maar normaal uitkomend voor een Deense tweede divisieclub. Hun competitie loopt nog een week langer door, dus tot na het begin van het EK. Vooralsnog zijn ze niet vrijgegeven.

Hoewel de UEFA Denemarken heeft gevraagd zich beschikbaar te houden voor een invallersrol in Zweden sinds het bij de voorronden in zijn poule tweede achter Joegoslavië werd, is de voorbereiding op het eindtoernooi in de woorden van bondsbestuurder Berendt “nul”. Coach Nielsen was al lang bezig met de voorbereiding op het wereldkamioenschap van 1994. Voordat de voorronden daarvan dit najaar beginnen, spelen de Denen drie oefenpartijen en die van woensdag is daar een van. Oud PSV-er Fleming Poulsen, nu uitkomend voor Borussia Dortmund, heeft daarom al gezegd dat zijn land “in Zweden niets te zoeken heeft”. Maar voorlopig is hij de enige die er zo hardop over denkt. De rest ziet het volgens Berendt als een “avontuur”.

Maar succes staat ook niet bovenaan het verlanglijstje van de Deense voetbalbond. Daar staat onderdak voor de spelers. De hotels in Malmö en Stockholm, waar het team zijn groepswedstrijden zal afwerken, zijn wegens het EK al lang volgeboekt. De bond hoopt het met de Zweedse organisatoren op een akkoordje te gooien en de accommodatie van Joegoslavië over te nemen. Al te moeilijk moet dat niet zijn, want de voetballers uit Servië moesten op last van de politie hun hotel toch al verlaten omdat het te dicht lag bij een kamp voor asielzoekers, van wie er nogal wat afkomstig zijn uit Bosnië-Herzegovina.

Verder is een grote zorg de kaartverkoop. Denen houden van voetbal, Malmö is vanuit Kopenhagen dichterbij dan welke grote Deense stad ook, maar kaartjes zijn er niet. Elk deelnemend land heeft recht op een deel van de beschikbare plaatsen in de stadions waar het speelt, maar in dit geval zijn de kaarten natuurlijk allemaal al weg. Het contingent kaarten van Joegoslavië is voor een groot deel in Zweden zelf verkocht, nadat de voetbalbond in Belgrado er niet in was geslaagd ze alle aan de man te brengen. De kans bestaat nu dat de Deense voetballiefhebbers op eigen houtje de oversteek maken en op de zwarte markt een plaatsbewijs bemachtigen. Dat zou normaal al voor onrust zorgen, zo vreest de Deense politie, maar nu helemaal omdat deze Denen dan in één vak terecht zouden komen met de overgebleven Joegoslaven. En of die hen dat in dank zullen afnemen?