Deense tegenstanders EG laten het hoofd hangen

KOPENHAGEN, 1 JUNI. Hoewel minister van buitenlandse zaken Ellemann-Jensen naar eigen zeggen “niet de fantasie heeft om zich te kunnen voorstellen dat het gebeurt”, staat een dag voor het referendum over het verdrag van Maastricht alles hier in het teken van de vraag: wat gebeurt er als de Denen morgen nee zeggen?

Niemand weet het antwoord. Maar het ja-kamp heeft de rampspoed die dan op het land zou afkomen tot het centrale, zo niet het enige thema van de campagne gemaakt. Naar het lijkt met succes: in opiniepeilingen, die nu dagelijks worden gehouden, zijn de voorstanders van de Europese Unie uitgelopen naar 49 procent. De tegenstemmers, vorige week nog in de meerderheid, blijven steken op 40 procent.

Het was dit weekeinde heet, voor dit deel van Europa zelfs bloedheet, maar Denemarken vergaderde. In zaaltjes, op grasvelden en op de televisie hield het een nationale vergadering over de toekomst van de Europese Gemeenschap. De verschillende partijen kozen zo vlak voor de eigenlijke stemming voor een campagne op eigen terrein.

De Conservatieven (ja) lieten premier Poul Schlüter, de Zweedse minister van buitenlandse zaken Margaretha af Ugglas en een fanfare met majorettes optreden bi Kongsdal op een landgoed middenin het Deense platteland. Op houten banken op het gazon luisterde de boerenbevolking, die uit de verre omtrek met de auto op het evenement was afgekomen. In totaal waren er niet meer dan honderdvijftig toehoorders, de vier aanwezige televisieploegen niet meegerekend.

Als we het Verdrag van Maastricht afwijzen, laten we een kans lopen om door een snelle toetreding van Zweden en Finland het noorden sterker te maken in de EG, was de boodschap die Schlüter had meegebracht. Het is zelfs de vraag of Denemarken dan zelf nog wel lid mag blijven. En hier op het boerenland hoeft niemand ons te vertellen hoe belangrijk de EG voor ons is.

Christian Nielssen, een 52-jarige veehouder uit het dorpje Sibberup, antwoordde op de vraag wat hij bij het referendum gaat stemmen: “Je hoort toch wat de premier zegt? Het is ja of de chaos.”

De coalitie van ad hoc bewegingen (nee) hield een grote manifestatie in het Faelledpark in Kopenhagen, waar de redevoeringen werden afgewisseld met popconcerten. Op de zonneweide zat jong en zeer jong kris kras door elkaar heen, shirtje uit, broek uit, alles uit. Daaromheen stonden de kraampjes van socialisten, communisten, groenen, milieubeweging, een kleine vakbond van onderwijzend personeel en Carlsberg natuurlijk. Het was een vrolijke bedoening en de stemming steeg alleen maar toen de muzikanten speciale anti-Europa composities ten gehore brachten en alle kinderen een Union Nej-ballon kregen uitgereikt.

De boodschap die een lijst van sprekers de duizenden toeriepen was: wij hebben iets moois opgebouwd in Denemarken, waarom moeten we onze democratie weggeven aan bureaucraten in Brussel en ons leven harmoniseren met dat van de Grieken?

Charlotte Laursen, een 27-jarige verpleegster, antwoordde op de vraag wat zij gaat stemmen: “Ik stem nee, want ik zou niet weten waarom ik ja zou moeten stemmen. Er zit aan die unie niets positiefs voor ons. Integendeel, als klein landje zullen wij geen enkele invloed hebben. De EG is okay, dat is iets voor de economie. Maar die unie gaat veel verder. Misschien nu nog niet, maar over vijf of tien jaar wel.”

Maar Laursen moest bekennen dat ze de moed al een beetje had opgegeven. Volgens haar trekt de premier alle twijfelaars over de streep met zijn sombere preken over het kleine Denemarken na het grote nee.

Schlüter betoogt deze laatste dagen dat het afwijzen van Maastricht het einde van het Deense EG-lidmaatschap kan betekenen, met alle nadelige economische gevolgen vandien. Daarom moeten de Denen het idee verlaten dat ze voor honderd procent achter het verdrag moeten staan om ja te stemmen. Als je maar de helft goed vindt, is het verstandig om toch ook maar voor te zijn, zegt hij. Het gevaar dreigt anders dat de anderen, waar de grondwet geen referendum voorschrijft, zonder Denemarken (en eventueel Ierland, waar later deze maand een referendum wordt gehouden) verder gaan.

Zo'n stap zou vergelijkbaar zijn met het verrassende compromis over het sociaal beleid dat tijdens de top in Maastricht werd bereikt. Groot-Brittannië bleef zich toen almaar verzetten tegen dat deel van het nieuwe verdrag, en de anderen besloten de tekst dan maar over te brengen naar een apart protocol. Dit kreeg de status van een verdrag tussen elf landen, met als inhoud dat de elf volgens EG-procedures en met gebruik van EG-instellingen sociale wetgeving tot stand zullen brengen.

Als het onmogelijk is het Verdrag van Maastricht overal aanvaard te krijgen, zouden tien of elf lidstaten de hele tekst dus als een "gewoon' verdrag in werking kunnen laten treden. Een felle diplomatieke strijd om wijziging van artikelen, eindigend in een totaal fiasco, zou hierbij overigens niet uitgesloten zijn, maar daarover hoor je de ja-partij niet.

De nee-partij wel. Die beschuldigt de premier van valse voorlichting. Als Denemarken, Ierland of welk land dan ook het nieuwe verdrag niet ratificeren maar wel gewoon EG-lid blijven, betekent dat volgens de tegenstanders van de Unie hooguit de geboorte van het Europa van "verschillende snelheden'.

Schlüter voerde daarom zaterdag de druk nog wat op. Volgens hem zouden de elf Denemarken verzoeken in te stemmen met een nog te bedenken constuctie die neer zou komen op uittreding, “en ik moet bekennen dat het voor mij dan heel moeilijk zal zijn om dit te weigeren”.

Overigens staat over uittreding niets in de EG-verdragen, ook niet in dat van Maastricht. Maar er is een precedent. Albanië wilde in 1960 niet meer meedoen aan de Comecon, de handelsorganisatie van de landen van het Warschaupact. Ook het Comecon-verdrag voorzag niet in opzegging van het lidmaatschap. Maar na verloop van tijd werd de facto geconstateerd dat Albanië niet meer aan de activiteiten van de organisatie meedeed en dus niet meer als lid hoefde te worden beschouwd.

Albanië als voorbeeld, dat schrikt zelfs de meest onafhankelijke Deen af. Voor het podium gistermiddag tijdens het Nee-concert stond een doodskist opgesteld met een Europese vlag erover. Eruit staken symbolisch nog wat Deense ledematen. Maar spartelen deden ze niet meer.