Goedkoop draadloos bellen

PTT Telecom nam gisteren in Amsterdam een nieuw telefoonsysteem in gebruik: Greenpoint. Het is een relatief goedkope vorm van draadloze telefonie. De gebruiker ervan is echter wel gebonden aan de onmiddellijke nabijheid van een publiek ontvangststation.

Bij 2.000 openbare gelegenheden - NS-stations, parkeerplaatsen, postkantoren, warenhuizen - heeft de PTT de voorbije maanden Greenpoint-cellen aangebracht. Deze geven de uitgaande gesprekken van een nauwelijks 190 gram wegende zaktelefoon ("Kermit 2000') aan het gewone telefoonnet door. Wie in een straal van 150 meter van deze "telefooncellen' blijft, kan eventueel wandelend telefoneren.

Nadeel is dat het systeem geen binnenkomende gesprekken accepteert. Een Kermit-bezitter kan niet worden gebeld. Wil hij bereikbaar blijven, dan moet hij er een semafoon bij kopen. De PTT heeft het gat in de markt inmiddels onderkend. Eind dit jaar, belooft zij, komt er een Kermit met semafoon.

Voor de beperking van mobiliteit en bereikbaarheid is een simpele verklaring: Greenpoint moet een relatief goedkope vorm van mobiele telefonie zijn. De gesprekskosten bedragen 33 cent per tik (om de twee minuten lokaal, interlokaal elke 47 seconden). Dat is duurder dan bellen via het aardse telefoonnetwerk (tijdens kantooruren 15 cent per vijf minuten binnen het basistariefgebied, daarbuiten 15 cent per 47 seconden), maar goedkoper dan de autotelefoon. Een lokaal gesprek met dit apparaat kost, onder kantooruren, 90 cent per minuut. Daarvoor is de autotelefoon wel in heel Nederland bruikbaar en bereikbaar.

Een groen logo met een blauwe telefoon verraadt de lokatie van een greenpoint-station. In Amsterdam en directe omgeving zijn er 350 van geïnstalleerd, elders in het land is de spreiding minder. Maar de hoeveelheid ontvangststations in Nederland is in feite onbegrensd. Sterker: Greenpoint is een dienst die in principe door iedereen geëxploiteerd mag worden, in dezelfde stad en desnoods in dezelfde straat.

Vooralsnog is PTT Telecom de enige aanbieder op de Nederlandse markt. Toekomstige gebruikers van Greenpoint hoeven zich evenwel geen zorgen te maken: de techniek is gestandaardiseerd, en de randapparatuur is volledig compatibel. Kermit is eind dit jaar ook in Frankrijk en Groot-Brittannië bruikbaar.

De gesprekskosten van Greenpoint zijn hoger dan die van gewone telefoongesprekken, maar verwacht wordt dat de gebruikskosten door toenemende concurrentie zullen dalen. Het abonnement is goedkoper, een tientje per maand, terwijl geen entreegeld wordt gevraagd. Wie voor 495 gulden een Kermit-telefoon koopt, betaalt de eerste zes maanden alleen gesprekskosten. Het is mogelijk om voor 698 gulden een privé-basisstation te kopen, zodat de Kermit 2000 thuis of op de zaak kan worden gebruikt als gewone draadloze telefoon.

PTT Telecom heeft geen idee van de omvang van de markt voor Greenpoint. Wil het de geïnvesteerde miljoenen terugverdienen, dan zijn ten minste 100.000 gebruikers nodig. In Groot-Brittannië werd het vergelijkbare Telepoint geen succes, al lag dat aan een teveel aan aanbieders en niet-compatibele systemen. Die kinderziektes lijken inmiddels opgelost; vandaag begint Telepoint opnieuw.

PTT Telecom zal de telefoons niet terugnemen als Greenpoint mislukt. Slaagt het project, dan kan dit introductie van andere mobiele telefoonsystemen aanzienlijk versnellen, zoals Digital European Cordless Telephone. Met DECT is wèl tweerichtingsverkeer mogelijk. Door de toepassing van digitale technieken en hogere frequenties (1800 MHz) heeft dit systeem bovendien een grotere capaciteit dan Greenpoint.

Op termijn is het de bedoeling dat telefoonabonnees onder een "persoonlijk nummer' overal bereikbaar worden. De vaste telefoonaansluiting zal geleidelijk verdwijnt. Voordat het zover is, doet PTT Telecom eerst een proef met de voorloper van DECT, de DCT900, werkend in de 900 MHz-band.