Dales wil degelijke evaluatie aardbeving

DEN HAAG, 30 APRIL. Minister Dales van binnenlandse zaken wil een degelijke evaluatie maken van de aardbeving in Limburg om in het vervolg beter op dit soort rampen te kunnen inspelen. In een brief aan de Tweede Kamer heeft zij laten doorschemeren dat men in Den Haag de omvang van de aardbeving in Limburg in eerste instantie heeft onderschat. “In de dagen na de aardbeving werd pas duidelijk dat de schade aan gebouwen aanzienlijk is”, schrijft de minister.

Een aardbeving met een kracht van 5,5 op de schaal van Richter is een voor Nederland uniek verschijnsel, aldus de brief. Volgens de minister lag het zwaartepunt van de coördinerende activiteiten “uiteraard” op het regionale en lokale niveau. Ook naar het oordeel van de gouverneur van Limburg, E. Mastenbroek, was geen landelijk gecoördineerde actie nodig, zo schrijft de minister.

Dales vindt het terecht dat gemeentelijke rampenplannen niet in werking zijn gesteld, omdat de aardbeving “een beheersbaar incident” bleek te zijn. Wel wijst zij erop dat “de emotionele reacties van burgers een behoorlijke omvang aannamen, met name toen de omvang van de schade en de uitsluitingsbepalingen van de diverse verzekeringspolissen duidelijk werden”.

Volgens de brief zijn inmiddels ongeveer 4000 meldingen geregistreerd met schadebedragen van 7.500 tot 10.000 gulden. De schade aan particuliere eigendommen zal naar verwachting 40 miljoen gulden belopen, aan kerken 40 tot 50 miljoen. Bovendien is er voor enkele tientallen miljoenen guldens schade aan monumenten.

De aardbeving heeft volgens de minister duidelijk gemaakt dat de openbare telefooncentrales van de PTT niet “aardbevingbestendig” zijn. Tegelijkertijd constateert zij dat het aardbevingbestendig maken van alle PTT-centrales in den lande een “onevenredige investering” zou vergen.