"Publieksvriendelijke' acties Duitse vakbonden breiden zich uit; Duisburg solidair met stakers

DUISBURG, 29 APRIL. In een café in de Duisburgse binnenstad kon een 58-jarige man zijn verbazing niet op. “Wordt er gestaakt? Daar heb ik niks van gemerkt”. Hij meende juist zelfs nog een tram te hebben gezien, wat praktisch onmogelijk is omdat die met de bussen van het stadsvervoer sinds gisteren in de remise staan en daar voorlopig nog wel zullen blijven. “Duisburg”, zegt de man, “is een typische arbeidersstad. Als de mensen meer geld willen dan moeten ze wel staken. Mijn zegen hebben ze.”

Hoewel Duisburg, met 530.000 inwoners de elfde stad van Duitsland, graag koketteert met de grootste binnenhaven van de wereld, is het vooral de stad van de kleine man. Veel Duisburgers werken in de staalindustrie met giganten als Mannesmann, Krupp en Thyssen. In de staalindustrie braken vanmorgen waarschuwingsstakingen uit omdat de vakbond IG Metall met de werkgevers niet tot overeenstemming kan komen over een nieuwe CAO: bod en eis liggen op respectievelijk 3,5 en 9,5 procent. De SPD in Duisburg heeft 49 zetels in de gemeenteraad tegen de CDU 20.

Leidster Monika Wulf-Mathies van de vakbond ÖTV (openbare diensten, verkeer en vervoer), die gisteren het Duisburgse stakingsfront bezocht, had het niet helemaal verkeerd toen ze bij de bevolking “volledige sympathie” meende te bespeuren. Dat gold tot vanmorgen in ieder geval in Duisburg. Een Duisburger vader van drie kinderen, die plantsoenarbeider is: “Als je per maand 2.000 mark verdient en 1.000 mark kwijt bent aan huur, dan blijft er niet veel meer over om van te leven.”

Woordvoerder Rainer Hillgärtner van de vakbond ÖTV zegt dat op de speciale telefoonlijn, die men in het hoofdkantoor in Stuttgart heeft geopend voor de burgerij, “weinig scheldkanonnades en zeer veel aanmoedigingen binnenkomen”. En gisteren een, naar achteraf bleek, valse bommelding.

De vraag is echter hoe lang de inschikkelijkheid van de burger zal duren als hij naar zijn werk moet blijven lopen, eindeloze files voor lief moet nemen - vanmorgen stond er alleen al in de deelstaat Noordrijn Westfalen een file van meer dan honderd kilometer - of omkomt in zijn huisvuil dat vanaf vandaag op veel plaatsen in Duitsland niet meer wordt opgehaald. Ook het personeel van ziekenhuizen voegde zich vanmorgen bij het leger stakenden, dat langzamerhand groter wordt en vandaag alleen al in Noordrijn Westfalen op 170.000 wordt geschat. Nochtans noemt de ÖTV de staking “publieksvriendelijk”. Hillgärtner: “De burgers moeten wij aan onze kant zien te houden, maar de werkgevers raken we waar we ze maar raken kunnen”.

In de stad Duisburg werken 34.000 mensen bij de openbare diensten zoals stadsvervoer, openbare werken, politie, ziekenhuizen, scholen en bij post en spoorwegen. Van die 34.000 werken er 9.000 bij de gemeentelijke diensten in het stadhuis. Lang voordat de stakingen begonnen had de gemeente de loonsverhoging voor de 9.000 ambtenaren vastgesteld op 3,5 procent, wat toen nog het officiële bod van de kant van de werkgevers was. Die loonsverhoging zou op jaarbasis een verhoging van de loonkosten van 20 miljoen D-mark betekenen. “Elk procent dat op die 3,5 procent komt, kost de stad”, zegt een gemeentelijke woordvoerder, “zes miljoen gulden extra. Dat kunnen wij niet opbrengen of we zouden de 800 extra plaatsen die in het kleuteronderwijs nodig zijn niet kunnen realiseren of elke vrijkomende plaats in het gemeentelijke apparaat niet meer kunnen opvullen”.

In Duisburg tekent zich op kleine schaal af wat volgens de overheid en vele politici in heel Duitsland aan de hand is. De naar schatting 4,6 miljoen werknemers in de openbare diensten kosten per jaar 250 miljard mark aan lonen. De 0,7 procent extra loonsverhoging die zit tussen het aanbod van 4,7 procent van de werkgevers en de 5,4 procent die een arbitragecommissie als compromis voorstelde, zou een kostenstijging van 2,25 miljard D-mark per jaar betekenen.

Hoewel men allerwegen ervan overtuigd is geraakt dat het aantal werknemers in de openbare diensten moet worden teruggedrongen, groeide het tussen 1987 en 1990 met 75.000. Op elke honderd inwoners zitten er acht in een of andere openbare dienst. In het voormalige Oost-Duitsland, dat buiten de stakingen wordt gehouden, is de verhouding 100 : 10. Daar zouden minimaal 350.000 werknemers ontslagen moeten worden om de zaak weer enigszins gezond te krijgen.

Volgens de ÖTV is een loonsverbetering nodig omdat veel mensen uit openbare diensten overstappen naar het particuliere bedrijfsleven, waardoor er bij de diensten grote personeelstekorten zouden zijn ontstaan. Duisburg lag van dat alles tot vandaag nauwelijks wakker. Een taxichauffeur, die wegens de verwachte toeloop gistermorgen om 4 uur al aan het werk ging, was vrij kort in het antwoord op de vraag of de staking hem extra klanten had opgeleverd: “Scheisse.”