Suriname: andere tekst verdrag met Nederland

PARAMARIBO, 28 APRIL. Het Surinaamse concept van het raamverdrag dat Suriname en Nederland zullen sluiten om de banden tussen de landen te versterken, is in Paramaribo bekendgemaakt. Het Surinaamse concept wijkt op enkele punten af van het Nederlandse concept, dat reeds op 14 februari aan de Surinaamse regering is gezonden.

Het voornaamste verschilpunt is dat Nederland van oordeel is dat voor de financiering van concrete samenwerkingsprogramma's de geldmiddelen van het verdrag van 1975, toen Suriname onafhankelijk werd, aangewend dienen te worden. Suriname vindt daarentegen dat bij voorkeur middelen van buiten het verdrag van 1975 gebruikt moeten worden.

Daarbij denkt Suriname aan eigen besparingen, financiële en technische bijstand van andere donorlanden dan Nederland, investeringen en nieuwe Nederlandse financiële en technische hulp.

Een belangrijk punt is voorts dat de visumplicht niet wordt afgeschaft, ondanks beoogde nauwere samenwerking. Zo lang de visumplicht voortduurt moeten beide landen zich inspannen de procedures zo soepel mogelijk te doen verlopen, aldus de Surinaamse concept-tekst.

In het concept wordt sterke nadruk gelegd op versterking van de democratie en rechtsstaat. Suriname onderstreept daarbij opnieuw dat de nauwere relatie tussen beide landen niet bij voorkeur gefinancierd moet worden uit de verdragsmiddelen. De 26 projecten voor justitie en politie die zijn opgesteld worden daaruit wel gefinancierd. Behalve op democratie en rechtsstaat ligt de nadruk ook op samenwerking op het gebied van buitenlandse beleid en dfensiebeleid. Bestrijding van de drugshandel is ook een belangrijke zaak in het raamverdrag.

Het raamverdrag vloeit voort uit het akkoord dat in november vorig jaar op Bonaire werd gesloten tussen Suriname en Nederland.