Rusland en de andere staten zijn lid van IMF

WASHINGTON, 28 APRIL. Rusland en 13 andere republieken van de voormalige Sovjet-Unie zijn gisteren toegetreden tot het Internationale Monetaire Fonds (IMF). “Het Westen bewijst hiermee dat het zijn verantwoordelijkheid voor dit historische moment neemt. Daar zijn wij heel dankbaar voor”, zei de Russische vice-premier Jegor Gaidar.

De Wereldbank heeft alle republieken met uitzondering van Azerbaidzjan en Turkmenistan als nieuwe leden goedgekeurd. De toetreding van deze resterende republieken wordt in de komende weken verwacht. Azerbaidzjan had zijn aanvrage niet tijdig ingediend.

Na een periode van 46 jaar is het isolement geëindigd waarin Jozef Stalin de Sovjet-Unie manoeuvreerde toen hij de Sovjet-vertegenwoordigers in juni 1944 bij de oprichting van het IMF en de Wereldbank in Bretton Woods opdracht gaf zich terug te trekken. Lewis Preston, president van de Wereldbank, verklaarde gisteren: “De deelnemers aan de conferentie in Bretton Woods wilden een institutie oprichten die de economische ontwikkeling van alle landen in de wereld zou bevorderen. De Sovjet-Unie beloofde zijn steun door de oprichtingsacte te ondertekenen. Na 48 jaar, komen de republieken van de voormalige Sovjet-Unie deze belofte na”.

Vice-premier Gaidar gaf overigens een somber beeld van de vooruitzichten in Rusland. Na de prijsschok van begin dit jaar zal de werkloosheidsschok volgen als de staatsbedrijven gesaneerd worden. Maar “binnen vijf jaar zal Rusland een behoorlijke groei hebben”, zei hij, al voegde hij er aan toe dat de situatie zo onvoorspelbaar is, dat het onmogelijk is om enige zekerheid te geven. “Twee dagen nadat ik minister was vroeg ik hoe groot de financiële reserves in harde valuta van Rusland zijn. Ik kreeg te horen dat ze 60 miljoen dollar waren en dat zijn ze nu, vier maanden later, nog steeds.” Volgens een rapport van het IMF over Rusland zijn de financiële reserves nog veel kleiner, namelijk 12 miljoen dollar.

Pjotr Aven, de Russische minister van buitenlandse economische betrekkingen, gaf aan dat Rusland dit jaar 21 miljard dollar aan rente en aflossingen over de buitenlandse schuld die het van de Sovjet-Unie heeft geërfd, moet betalen. In de schuldenregeling die met de Westerse overheden werd gesloten, is afgesproken dat 11 miljard voor 1992 betaald moet worden, maar, zei Aven, “in feite betalen we minder. Onze situatie staat niet toe dat we kunnen betalen wat we moeten betalen”.

Gisteren keurden de tien rijkste lidstaten van het IMF en Zwitserland de vorming van een stabilisatiefonds voor de roebel van 6 miljard dollar goed. Gaidar zei dat de valutamarkt de koers zou bepalen waarop de roebel gestabiliseerd wordt, waarbij vervolgens een bandbreedte met marges van 7,5 procent naar boven en naar beneden zal worden aangehouden. Hij onderstreepte dat het beste gebruik van het stabilisatiefonds zal zijn “dat er nooit een beroep op wordt gedaan”.

Aan de in werking treding van het fonds is als voorwaarde verbonden dat Rusland eerst moet hebben aangetoond dat het economische programma met het IMF succescvol wordt nageleefd. Pas enige maanden daarna zal het fonds in werking treden, voor een periode van een jaar met de mogelijkheid van verlenging als een nieuw IMF-programma wordt goedgekeurd. De Europese landen hebben ook duidelijk gemaakt dat het stabilisatiefonds niet alleen voor Rusland is bedoeld, maar voor de hele roebelzone, dat wil zeggen voor alle republieken die de roebel blijven gebruiken. De Baltische staten en de Oekraïne hebben voor een eigen munt gekozen, maar deze nog niet ingevoerd. Het precedent met het roebelfonds opent ook voor deze landen de mogelijkheid om te zijner tijd een garantiefonds op te zetten.