D66: probleem met inkomens gebleven, wantrouwen gegroeid

DEN HAAG, 28 APRIL. “Het probleem is gebleven, het wantrouwen is gegroeid” schrijft D66 vandaag in reactie op de brief over de ontwikkeling van de inkomens die het kabinet gisteravond laat naar de Tweede Kamer stuurde. “Enverder is er nauwelijks iets veranderd”, zegt de leider van de snelst groeiende oppositie-partij in de Tweede Kamer.

Het kabinet besloot afgelopen vrijdag tot ontkoppeling maar beloofde tevens zich te zullen inspannen om het verlies aan koopkracht van de laagste inkomens te beperken. “En dat doet het nu weer”, aldus D66-leider Van Mierlo.

In de brief van premier Lubbers en vice-premier Kok is weliswaar sprake van een iets geringere denivellering van de inkomens (2¼ procent in plaats van 2½ procent) in 1993. Maar of dat ook werkelijk zo uitpakt, is volgens Van Mierlo net zo onzeker als vrijdag. De fractieleider verwacht op grond van de moeilijke economische omstandigheden zelfs dat “die denivellering uiteindelijk nog wel eens groter dan 2¼ procent zou kunnen worden”.

Over het streven van het kabinet daarin niet te berusten is hij dan ook pessimistisch. “En dat die denivellering economische voordelen heeft waarover Lubbers het vrijdag had, zal de premier nog steeds vinden.”, meent de parlementariër.

Ook D66 zelf “houdt een zekere denivellering voor mogelijk met het oog op de werkgelegenheidseffecten”, aldus Van Mierlo. Maar “de ene denivellering is de andere niet”, voegt hij daar onmiddellijk aan toe. Tweeëneenhalf procent waarvan 1 procent inkomensachteruitgang voor de laagste inkomens zou zelfs voor een centrum-rechts kabinet slecht te verteren zijn geweest, zei hij gisteravond in Veronica's Nieuwslijn. Van Mierlo zelf zit vooral dat laatste, de inkomensdaling van een procent voor de minima, dwars. “Dat is het hardste, meest concrete gegeven. Als die achteruitgang er niet in zou zitten krijg je al een ander beeld.”

Van Mierlo bespeurt verder in de brief van het kabinet iets grotere reserves over de mogelijkheden van een BTW-verlaging. Vreemd vindt hij dat niet want hij betoont zich “sceptisch” over de mogelijkheden die te financieren, zeker als verdere bezuinigingen op de uitgaven van de departementen als financieringsmogelijkheid bij voorbaat worden uitgesloten. “Belachelijk. Daarmee stel je alleen de ministers gerust”, aldus Van Mierlo.

Van Mierlo is al even sceptisch over de positieve gevolgen die een verlaging van de BTW zou kunnen hebben voor de werkgelegenheid. “Volgens het Centraal Planbureau zijn die voor 1994 nul, en voor 1998 achtduizend.” Of dat betekent dat D66 een lastenverlichting in deze vorm afwijst, wil Van Mierlo niet zeggen. Eerst is het kabinet aan zet om de voornemens uit de brief in concrete maatregelen om te zetten.