ALPHA OUMAR KONARÉ; Bekeerde communist

Alpha Oumar Kounaré, de zondag met grote meerderheid tot president van Mali gekozen kandidaat van de Alliantie voor de Democratie in Mali (Adema), heeft net als zijn rivaal Tiéoulé Konaté nog heel lang meegelopen in het regime van de in maart vorig jaar aan de kant gezette militaire president van Mali, Moussa Traoré. Pas in 1980 brak Konaré, toen minister van kunst, cultuur en jeugd, met het bewind.

De 46-jarige voormalige leraar - hij studeerde in 1975 in Warschau af in de studierichtingen geschiedenis en archeologie - is zoon van een onderwijzer in Kayes in het westen van Mali. Na zijn middelbare school werd hij actief in de vakbeweging en het onderwijs. Na zijn Poolse tijd werd Konaté in 1978 minister, om zich na zijn breuk met Traoré te wijden aan wetenschapelijk onderzoek, aan vakbondsactiviteiten - hij stichtte de eerste vakbond van onderwijzend personeel in zijn land - en aan de in 1983 gestichte culturele coöperatie Jamana, die zes jaar later werd uitgebouwd tot een persconcern: de nieuwe president is eigenaar van het eerste onafhankelijke blad van Mali, Les Echos, van het jeugdblad Grin-Grin, van het tijdschrift Jamana en van een radiozender. In 1986 werd Konaté bovendien een van de oprichters van het Nationaal Democratisch Volksfront (FNDP), dat de activiteit van de ondergrondse oppositie coördineerde en waaruit in oktober 1990 de door hem voorgezeten coalitie Adema voortkwam, eerder dit jaar de grote winnaar van zowel de gemeenteraads- als de parlementsverkiezingen in Mali. Adema kan worden gezien als de eerste werkelijke politieke partij van het land. Daarnaast schreef Konaté ook nog een aantal boeken, waarvan één samen met zijn politiek actieve vrouw, Adame Ba.

Als president wil Konaté naar eigen zeggen vooral “de wonden helen” die resteren van de 23 jaar durende militaire dictatuur. Daartoe is naar zijn mening een vorm van consensus en samenwerking tussen de rivaliserende politieke partijen onmisbaar: democratie moet worden geleerd. Of Konaté daarvoor de meest geschikte man is, moet worden afgewacht. In het verleden heeft hij zich onderscheiden door communistische sympathieën en in de verkiezingscampagne stond hij ook voor "links' binnen de Malinese politiek. Zijn critici hebben hem ook recentelijk nogal eens een gebrek aan tolerantie en een teveel aan militantie verweten. Bovendien, zo zeggen die critici, is Konaré als minister aangebleven na de arrestatie van en de moord op de leider van de Malinese studentenbeweging, Abdoul Karim Camara, in maart 1980. Ook heeft hij volgens hen na zijn aftreden later dat jaar niet zo rigoureus gebroken met dictator Traoré als hij nu graag beweert. Aan de andere kant: datzelfde kan met nog veel meer reden worden gezegd van zijn rivaal bij de presidentsverkiezingen, Tiéoulé Konaté.