President Cossiga legt zijn functie morgen neer

ROME, 27 APRIL. President Cossiga van Italië zal morgen vervroegd aftreden. Hij zei hiermee de vorming van een “sterk kabinet” mogelijk te willen maken dat de politieke kracht heeft om de reusachtige problemen in Italië aan te pakken.

Cossiga's dramatische besluit, gekoppeld aan een felle aanklacht tegen de dominerende politieke partijen, leidt tot een institutioneel vacuüm zoals Italië dat sinds de Tweede Wereldoorlog niet heeft gekend. Het kabinet van premier Andreotti is sinds vrijdag demissionair, een uitvloeisel van de parlementsverkiezingen van 5 en 6 april.

In een emotionele toespraak die op zes tv-zenders tegelijk werd uitgezonden, kondigde de 63-jarige Cossiga zaterdagavond zijn aftreden aan. De president, met voornamelijk ceremoniële functies, heeft de afgelopen twee jaar felle kritiek gespuid op het “verstarde” politieke systeem in Italië. Cossiga zei met zijn aftreden politieke veranderingen mogelijk te willen maken en tegelijkertijd de “partij-oligarchieën” daartoe te willen dwingen.

Kamer en Senaat moeten binnen vijftien dagen in een gezamenlijke zitting bijeenkomen om te beginnen aan de verkiezing van een nieuwe president. Het is vrijwel zeker dat de formatie van een nieuw kabinet pas daarna begint.

De parlementsverkiezingen hebben “een duidelijke roep om een (sterke) regering, om verandering, om hervormingen” laten zien, zei Cossiga. Maar het resultaat is een politieke impasse: de regeringscoalitie, waarin de christen-demcoraten domineren, heeft een minimale meerderheid, maar zij heeft door de sterke winst van protestpartijen veel van haar geloofwaardigheid verloren.

Pag.4: President wil dat Italië zich opnieuw "bevrijdt'

“Ik vraag me af of dit land na de eerste schok van de verkiezingen niet ook behoefte heeft aan de schok van vervroegde verkiezingen van de president en of deze politieke klasse niet moet worden vastgenageld op haar verantwoordelijkheid tegenover het land”, zei Cossiga. De politieke manoeuvres van vorig week rondom de uiterst moeizame verkiezing van nieuwe voorzitters voor Kamer en Senaat hebben volgens hem laten zien dat er nog “duidelijke weerstanden tegen verandering” zijn. Een sterke president zou, bij de aanwijzing van de kabinetsformateur, een grote rol kunnen spelen bij het breken van die weerstand en de vorming van een politiek sterk kabinet.

Cossiga zei dat hij niet kan pretenderen zo'n sterke president te zijn, al zou hij dat graag willen. Een reden daarvoor is dat zijn termijn op 3 juli zou zijn afgelopen. Maar belangrijker is dat Cossiga door zijn scherpe kritiek politiek gezien geïsoleerd is geraakt.

“Ik ben een man alleen en ik heb daarom niet de politieke kracht om me als een sterke man te kunnen beschouwen”, zei Cossiga. “De laatste dienst die ik aan de Republiek moet bewijzen is die van mijn vervroegde aftreden.”

Het was symbolisch dat Cossiga voor de bekendmaking van zijn besluit de 25ste april uitkoos, de dag waarop Italië de bevrijding viert van de Duitse troepen die het land sinds 1943 bezet hielden. De bevrijding waarop Cossiga zo zinspeelde was die van een politiek systeem waarin de grote politieke partijen “de staat en de samenleving ... bezetten, op gevaarlijke, discriminerende en vaak aanmatigende manieren”. Hij heeft de afgelopen maanden fel uitgehaald tegen de vriendjespolitiek en de corruptie bij de overheid en in de staatssector van de economie.

Hoewel Cossiga de afgelopen weken al veel van zijn persoonlijke bezittingen had laten weghalen uit het Quirinaal, de ambtswoning van de president, kwam zijn aftreden als een verrassing. Hij had al vele malen eerder gedreigd op te stappen en velen dachten dat het ook dit keer bij een dreigement zou blijven. De christen-democratische partij, waaruit Cossiga is voortgekomen maar waarin hij weinig vrienden heeft overhouden, zei “onvoorbereid” te zijn op het besluit.

Meteen zijn de politieke manoeuvres begonnen van aspirant-presidenten. De meest-genoemde kandidaten zijn de christen-democraten Giulio Andreotti, Arnaldo Forlani en Ciriaco De Mita; de socialist Bettino Craxi, die eerder heeft gezegd liever premier te worden, maar dan wel van een stabiel kabinet; en de Republikein Giovanni Spadolini, vorige week met brede politieke steun gekozen tot voorzitter van de Senaat en die hoedanigheid vanaf morgen waarnemend president.

In zijn toespraak probeerde Cossiga de politieke agenda op te stellen voor het nieuwe kabinet. Dat moet volgens hem prioriteit geven aan sanering van het vrijwel onbeheersbaar geworden begrotingstekort.

De scheidende president maakte duidelijk, zoals hij in het verleden heeft gedaan, dat hij ervan overtuigd is met zijn aanvallen op het politieke systeem de gevoelens van het volk te vertolken.

“Hoewel ik door het parlement ben gekozen en niet door u, heb ik altijd gemeend zo niet juridisch en politiek, dan toch moreel verantwoording schuldig te zijn aan u, aan u allen, burgers van dit prachtige land dat Italië is”, zo zei hij in de opening van zijn toespraak.

En hij kreeg tranen in zijn ogen en een brok in zijn keel, dat hij moest wegdrinken met een grote slok water, toen hij aan het einde van zijn rede de jongeren opriep “van het vaderland te houden, de natie te eren, de Republiek te dienen en te geloven in de vrijheid en in ons land”.

Ook al noemden vriend en vijand Cossiga's toespraak van zaterdag een waardig afscheid, zijn aftreden betekent het vertrek van een omstreden president. Hij had zich de afgelopen tijd met zijn kritiek veel vijanden gemaakt, met name bij de twee grootste partijen: de regerende christen-democraten (DC), waar Cossiga zelf uit is voortgekomen (de Italiaanse president is per definitie partijloos) en de oppositionele ex-communistische Democratische Partij van Links (PDS).

Beide partijen hebben bij de verkiezingen zwaar verloren. Dit wordt gezien als een teken dat veel kiezers het eens zijn met Cossiga's eerdere uitspraken dat de traditionele tweedeling in de Italiaanse politiek, waaraan deze twee partijen een groot deel van hun bestaansrecht en hun identiteit ontleenden, geen zin meer heeft.

Italië heeft behoefte aan “een sterke ... efficiënte en moedige regering”, zei Cossiga. “Zo'n regering is niet mogelijk en vooral niet geloofwaardig als zij niet wordt gevormd zonder de vermoeiende liturgieën en alchemie van de partijen.”