Nachtelijke kick tijdens Batavierenrace

Nog voor de start van de grootste estafette-loop van de wereld om twaalf uur vrijdagnacht krioelt het van de mensen op het sportcentrum van de universiteit van Nijmegen. 6750 deelnemers uit tien landen maken zich op voor De Batavierenrace en een zinderende nacht, waarin zij idyllische plaatsen als Niel, Gendringen, Dinxperlo, Barchem en St. Isidorushoeve passeren en finishen op de campus van de Technische Universiteit van Enschede.

In 50 voor Christus deden de strijdlustige Batavieren Nederland aan en zakten in hun veroveringszucht op vlotten De Rijn af. In navolging van deze watertocht gingen studenten in 1973 ook De Rijn af. Met dit verschil dat het in hun geval een hardloop-wedstrijd betrof van Nijmegen naar Rotterdam. De Batavierenrace als estafette-loop was daarmee geboren.

Al in 1974 is de organisatie van de race, de Nederlandse Studenten Sport Stichting (NSSS), genoodzaakt het parkoers vanwege de problemen die het uitzetten van een route met zich meebrengen drastisch te veranderen. De startplaats blijft Nijmegen, maar als finishplaats wordt uitgeweken naar Enschede.

Even voor twaalven is iedereen op het sportcentrum klaar voor de start van de Batavierenrace. Hoewel de organisatie van de twintigste race op dat moment vertwijfeld op zoek is naar de ploeg uit Estland. Maar terwijl de eerste groepen al gestart zijn arriveert de groep alsnog. Het studentikoze gezelschap heeft zich op dat moment al volledig in de race gestort waarbij het curieuze aspect is dat er midden in de nacht wordt gelopen. “Dat is juist de kick”, verwoordt Sylvia van der Geest de mening van de deelnemers. “Iedereen loopt dan het liefste. Dat is het gezelligst.” De stemming zit er rond één uur dan ook helemaal in. Het contingent lopers wordt fanatiek aangemoedigd door mede-studenten. Nadat de lopers van de eerste etappe het sportcentrum verlaten hebben, stapt de massa in busjes en gaat het in een bonte stoet naar de eerste wisselplaats.

Daar aangekomen wordt de loper van de eigen ploeg aangemoedigd en wordt bij afwezigheid van een wisselstokje van hesje gewisseld. Vervolgens stapt iedereen weer in en gaat naar het volgende wisselpunt, het eindpunt van één van de 25 etappes waaruit de Batavierenrace is opgebouwd. Omdat dit tafereel zich keer op keer herhaalt, is het bij elk wisselpunt een drukte van belang.

De begeleider die met elke loper meefietst heeft in de nachtelijke uren een zware taak. Hij moedigt aan, heeft een zaklantaarn gereed en houdt de route in de gaten. Slechts een enkele loper klaagt over de begeleiding. Zo stelt een bebrilde student psychologie geagiteerd dat hij de weg nauwelijks kan zien, omdat de begeleider op het umineuze idee kwam om een fiets zonder licht te gebruiken. Bovendien geeft de zaklantaarn alleen een dimlicht. Het "blind' lopen is hem daarom allesbehalve goed bevallen.

Bij het krieken van de dag betalen de deelnemers hun tol voor de zware nacht. Maar de stemming lijdt er niet onder. De lichten kunnen uit, het zicht is weer goed. Enschede is niet ver meer. Daar wordt het kolderieke spektakel afgesloten met een groot feest. Het is de apotheose van een nacht en dag gezelligheid voor de studenten. Klokslag twaalf uur 's nachts sluit een enorm vuurwerk het vierde lustrum af. De twintigste Batavierenrace is afgelopen.