Huren mogen tot 7,5 procent omhoog in '93

DEN HAAG, 27 APRIL. De huren van sommige woningen mogen volgend jaar met 7,5 procent stijgen. Voor andere woningen mag de huurverhoging lager zijn of kan zelfs een huurverlaging worden doorgevoerd. Dit heeft staatssecretaris Heerma (volkshuisvesting) vanmiddag bekend gemaakt.

Heerma had al eerder aangekondigd dat per 1 juli 1993 verhuurders mogen afwijken van de landelijk vastgestelde jaarlijkse huurverhoging, die dit jaar 5,5 procent bedraagt. Met het percentage van 7,5 geeft de staatssecretaris de bovengrens aan. Voor woningen waarvan de huur is achtergebleven bij de kwaliteit, kan de verhoging overigens 9,5 procent bedragen. Een dergelijke afwijking bestaat ook bij het huidige systeem.

Voor de huurverhoging van 1993 heeft Heerma geen ondergrens vastgesteld. Wel schrijft hij voor dat een sociale verhuurder voor het totale aantal woningen dat hij beheert een gemiddelde huurverhoging van 4,75 procent moet doorvoeren. Dat is nodig om de financiële positie van woningbouwverenigingen en soortgelijke verhuurders te waarborgen, zodat ze voldoende geld hebben voor het uitvoeren van woningverbetering en ook om hun zelfstandigheid ten opzichte van de overheid te vergroten.

Deze "huursombenadering', zoals het nieuw systeem wordt genoemd, maakt een einde aan de landelijk vastgestelde huurverhoging. In plaats daarvan komt een jaarlijks "subsidie-afbraakpercentage'. Daarmee wordt aangegeven hoeveel het rijk minder bijdraagt aan de exploitatie van de huurwoningen. Dat percentage bedraagt volgend jaar 5,5; net zo hoog als de huurverhogingen die het kabinet vorig jaar in zijn "Tussenbalans' voor de komende jaren voorzag.

De bedoeling van de huursombenadering is dat woningen die goed in de markt liggen relatief duurder worden gemaakt en moeilijk verhuurbare woningen daarentegen goedkoper. De verhuurders zijn daarin, binnen de door de staatssecretaris aangegeven grenzen, vrij. Wel wil Heerma dat zij over de huurverhogingen overleg met de bewoners voeren. Een huurder houdt verder het recht tegen de huur of de huurverhoging bij een huurcommissie in beroep te gaan.