Citaten

Dr.ir. J.M.M. Ritzen, sedert november 1989 minister van onderwijs en wetenschappen, over werkdruk en salaris van de leraar.

“Ik ben er absoluut niet van overtuigd dat kleinere klassen leiden tot betere prestaties bij leerlingen. Er is geen enkele studie die dat uitwijst. Iets anders is natuurlijk dat kleine klassen prettig zijn voor de leerkracht. De werkbelasting is in zo'n geval duidelijk minder.” (De Volkskrant, september 1982).

“Vergroting van de klassen vind ik iets dat de samenleving nooit zou moeten willen en ook nooit meer zou moeten pikken.” (Het Parool, 18 juni 1991)“De beloning is niet het enige punt. Overal is het percentage hoger opgeleiden sterk gestegen. Leraren weten het dus niet meer altijd beter dan de ouders.” (School, maart 1990)

“Waar blijft die tien procent, waar is die aan uitgegeven?”

(meezingen van lied tegen de tien procent salarisachterstand op manifestatie van onderwijsbonden, Den Bosch, 8 april).

“Ik neem het volstrekt serieus dat blijkens de enquête van de ABOP 77 procent van de mensen vindt dat er extra geld moet komen voor de onderwijssalarissen. Dat moet een vertaling krijgen en niet zo dat het onderwijs als een van de 25 prioriteiten geldt.” (Het Schoolblad, weekblad van onderwijsbond ABOP, 7 maart 1992).

“Ik zit niet gemakkelijk, maar dat hebben we over ons zelf afgeroepen door dat salarisonderzoek te laten doen. Het woord is nu aan de samenleving, om te laten zien wat het voor onderwijs als investering in de toekomst over heeft. We zullen het merken in het kabinet. Het wordt een enorm geknok, geduw en getrek” (Trouw, 4 maart 1992).