Broer

De afgelopen tien jaar heeft Hollandia Kloos, het bedrijf van de broer van onze MP, vier keer een opdracht gekregen voor het bouwen van bruggen in Indonesië zonder dat andere bedrijven de kans kregen in te schrijven voor het werk.

Die opdrachten werden gegeven door het ministerie van ontwikkelingssamenwerking, waarbij “een alternatieve procedure (werd) gevolgd die het mogelijk maakte vast te stellen dat Hollandia Kloos de bruggen tegen een concurrerende prijs leverde”, zo meldde deze krant afgelopen zaterdag.

De kneep zit 'm natuurlijk in die "alternatieve procedure'. Ontwikkelingssamenwerking grossiert in alternatieve procedures, maar deze was zelfs voor O.S., zo sprak een woordvoerder, "uniek'. De alternatiefste aller alternatieve procedures bezorgde het bedrijf van de broer opdrachten ter waarde van 130 miljoen gulden.

Omdat ik plannen heb in Indonesië bruggen te bouwen zodra ze daar weer bereid zijn ons geld aan te nemen, heb ik me met mijn Haagse bron, die niet nader genoemd wil worden, verdiept in "alternatieve procedures'.

“Heb je een Broer”? vroeg mijn bron.

“Twee zelfs”, zei ik.

“Een Bróér!” herhaalde hij.

“Ik zei toch: ik heb er twéé!”

Zuchtend schudde hij zijn hoofd. “Dat bedoel ik niet. Ik bedoel een broer met een Hoofdletter. Een beetje zakenman kan niet zonder een broer met een Hoofdletter.”

“Wat doet zo'n Broer?”

“Die kent de alternatieve procedures”, zei mijn bron.

“Maar hoe alternatief is dat nou?”

“Héél alternatief. Dit gaat zelfs Pronks creatieve denken te boven.”

“Kun je iets specifieker zijn? Ik noem je naam niet”! bezwoer ik mijn bron.

“Waar denk je nou aan als ik zeg: alternatief?”

“Eh, dan denk ik aan Provo, aan onbespoten groente, aan vrije liefde...”

Wanhopig sloeg mijn bron zijn borrel achterover. Ik bestelde nog een keer voor hem. Ik was de tel kwijt. De laatste NIPO-enquête voorspelde dat hij zijn zetel zou kwijtraken en er lag hoogstens een burgemeesterspost of het voorzitterschap van een stuurgroep in het verschiet.

“Alternatieve procedures”, fluisterde mijn bron, zich over de tafel buigend, “daar gaat het om in de zakenwereld en in de politiek. Dat bericht over die bruggen, dat daar zo'n gekrakeel over ontstaat, dat komt omdat pennelikkertjes zoals jij” - hij wees op mij - “en die redacteur van het Rotterdamse sufferdje niet beseffen hoe het nou eigenlijk toegaat in de wereld van het grote geld.”

“Leg het me dan uit”, stamelde ik in deemoed terug.

De bestelling arriveerde. Hij staarde naar zijn verse kelkje. “Om te beginnen heb je een Broer nodig.”

“Met een hoofdletter”, vulde ik aan.

“Precies. En sámen met je Broer, met wie je officieel niks te maken hebt, zorg je dat je de alternatieve procedures ontwikkelt.”

Nu werd ik ongeduldig. “Welke dan? Je hebt nog steeds niks onthuld!”

Mijn bron zuchtte. “Begrijp je dat niet? Lieve hemel! Een zakenman en een woordvoerder van O.S. die het over alternatieve procedures hebben! Wat denk je dan?”

Ik dacht daar niks bij. Maar ik begreep wel dat ik, als ik ooit bruggen in Indonesië wilde bouwen, maar op één manier kans maakte op de opdracht van O.S.

Ik vroeg: “Zou jij mijn Broer willen worden?”

Hij ledigde zijn glas en keek me doordringend aan.

“Officieel hebben we niks met elkaar te maken”, waarschuwde hij.

“Okee”, zei ik, “officieel weten we niks van mekaar.”

“Goed. Ik wil je Broer wel zijn”, zei mijn bron. Hij keek even om zich heen en fluisterde: “Hoeveel is je dat waard?”

Eindelijk begon het me te dagen.