Andriessen toont zich hoopvol over handel met China

PEKING, 27 APRIL. De handelsrelatie tussen Nederland en China moet op “zeer korte termijn” worden geïntensiveerd. “De kassa moet rinkelen. De Chinezen moeten met orders over de brug komen en dat heb ik onze vrienden duidelijk gemaakt.” Dit zei minister Andriessen (economische zaken) na afloop van het gesprek met zijn Chinese ambtgenoot Li Lanqing.

Andriessen staat aan het hoofd van een grote delegatie van het Nederlandse bedrijfsleven die afgelopen weekeinde is begonnen aan een zesdaags werkbezoek in China. Het bezoek volgt op het kabinetsbesluit van medio februari om geen vergunning te geven voor de levering van vier onderzeeërs aan Taiwan met een totale waarde van bijna drie miljard gulden (plus een optie op nog zes onderzeeërs). Het kabinet vindt dat het gezamenlijke communiqué van 1984 levering van militair materieel aan Taiwan - in de ogen van China een “afvallige provincie” - niet toestaat.

In 1984 werd de diplomatieke betrekking tussen Nederland en China weer op ambassadeursniveau hersteld nadat drie jaar eerder de relatie was teruggebracht naar die van zaakgelastigden omdat de Rotterdamse werf Wilton Fijenoord twee onderzeeërs aan Taiwan had geleverd. Het communiqué van 1984 bevat twee aspecten: de afspraak dat Nederland geen wapens levert aan Taiwan in ruil voor een intensivering van de handelsrelatie tussen Nederland en China. De regering - gesteund door alle fracties in de Tweede Kamer - wil dat China haar toezegging nakomt. Als dat niet gebeurt, en China andere landen wèl toestaat wapens te leveren aan Taiwan, dan moet het contract worden opgezegd.

De regeringspartijen CDA en PvdA eisten tijdens het debat van minister Andriessen dat hij “met keiharde contracten” terugkomt van zijn handelsmissie als bewijs van de opbloeiende relatie tussen China en Nederland.

“Ik verwacht dat deze reis een groot succes wordt”, zei de minister van economische zaken in zijn toespraak tijdens het welkomstbanket van minister Li Lanqing (buitenlandse economische betrekkingen en handel). In de richting van zijn Chinese ambtgenoot zei Andriessen: “Het Nederlandse parlement kijkt over mijn schouder mee.”Een jaar na ondertekening van het communiqué steeg de uitvoer naar China met 270 miljoen tot 810 miljoen gulden, waarna de export daalde naar 560 miljoen gulden in 1991. In de periode 1984-1991 steeg de import vanuit China van 540 miljoen tot 1930 miljoen gulden.

Twee weken geleden bestond nog het gevaar dat de reis zou worden uitgesteld omdat “er te weinig vorderingen werden gemaakt aan Chinese kant”, aldus topambtenaar Engering van economische zaken. “We hebben toen de Chinezen er nogmaals op gewezen dat we niet met lege handen kunnen terugkomen en die opmerking is niet voor niets geweest”, aldus Engering. Hij wilde - evenals minister Andriessen - geen bedragen noemen waarbij de handelsmissie een succes kan worden genoemd.