Alleenheerser van marginaal theater en film; Profiel van Alex van Warmerdam

Twee weken geleden ging de tweede film van acteur, regisseur, schrijver en schilder Alex van Warmerdam (39) in première. Zes jaar geleden debuteerde hij met "Abel', die twee Gouden Kalveren won en door de filmkritiek werd gekozen tot de film van de jaren tachtig.

“Met "De Noorderlingen' gaat het spec-ta-culair goed”, denkt producent Laurens Geels, de vroegere manager van Hauser Orkater en nu directeur van de filmmaatschappij First Floor Features. Na recente flops als "The Last Island' (Marleen Gorris), "My Blue Heaven' (Ronald Beer) en "Oh Boy' (Orlow Seunke) staat er voor hem veel op het spel. De cijfers van het eerste weekeinde lijken hoopgevend: 64.5000 gulden in Amsterdam, 211.000 gulden in het hele land.

"De Noorderlingen' speelt zich af in een straatje op de rand van een zandvlakte. Het is begin jaren zestig, het nieuws wordt beheerst door de Kongo-crisis en de rivaliserende politici Loemoemba en Kasavoeboe. (Marc van Warmerdam: “Dat waren vroeger voor ons een soort cult-namen.”) In het middelpunt staat het wat kleurloze jongentje Thomas en zijn ouders: een wanhopig geile slager wiens vrouw langzaam in een heilige verandert. Er is een onvruchtbare jager die in het bos tevergeefs de orde tracht te bewaren, een postbode die brieven openstoomt, Dikke Willy die een onduidelijke rancune koestert tegen allen dat zwakker is dan hijzelf, een geheimzinnig meisje, een neger.

Maar waar de film precies over gaat? Van Warmerdam zelf weet het niet. De verstikkende burgerlijkheid van de vroege jaren zestig? Maar zeer ten dele, zegt hij. Ook psychologiseren is hem vreemd. “Zo'n impotente jager die met een geweer door een duister bos loopt, daar kan je hele diepe dingen inzien. Maar dat bedoel ik er niet mee.” Wat het dan wel betekent? “In elk geval wilde ik iets zeggen over de verschillende seksuele behoeftes van man en vrouw”, probeert hij. Misschien staat de postbode voor het licht en de neger voor de duisternis. Wie weet. Ook na het verschijnen van Abel had hij de neiging om "Het betekent wèl iets!' te zeggen tegen critici die hem verweten dat het best leuk was, maar weinig betekende. En het daar maar bij te laten.

Alex van Warmerdam werd geboren op 14 augustus 1952, in een woning boven het Concertgebouw van Haarlem. Hij was de oudste zoon van een gezin dat later werd uitgebreid met Marc (1954), Vincent (1956) en de tweelingzusjes Liesbeth en Anne-Marie (1961). Zijn vader, een gewezen banketbakker, was van beroep toneelknecht en daarnaast zeer actief in het amateurtoneel.

“Hij had zo'n blik in zijn ogen alsof hij alles al wist”, zegt zijn moeder, Thea van Warmerdam over haar oudste zoon. Zij noemt Alex een wat ouwelijk jongetje, die altijd van die waarom-vragen stelde waarop geen antwoord mogelijk was. En een "zenuwpees': “Alex was zo nerveus voor zijn verjaardagsfeesten, dat die meestal in het water vielen. We maakten er veel werk van, met indianententen of een schijnwerper uit de schouwburg, maar er hing altijd een onaangename sfeer”, aldus Thea van Warmerdam. Hij neigde naar melancholie, maar had ook vaak explosieve woedeaanvallen, waarbij met borden of asbakken werd gegooid. Kibbelen met zijn broers was een dagtaak.

Vrienden menen dat Alex van Warmerdam rustiger is geworden. Hij is nu bijna veertig, woont samen met de actrice Annet Malesherbes, die in De Noorderlingen de vrouw van de slager speelt, en is vader van twee kinderen. Hij heeft ook minder last van de migraine die hem vroeger kwelde, al kan hij nog wel woedend worden - over recensies. “Zo'n lui pestpokken-ventje die met zijn stompe potloodjes vier jaar werk de grond inschrijft.”

Alex van Warmerdam wist naar eigen zegen vanaf zijn zesde dat hij kunstenaar wilde worden. Maar voor de kunstacademie gold de HBS als toelatingseis. Hij had al moeite met de mulo, vooral wegens zijn volstrekte desinteresse voor exacte vakken. Alex werd herhaaldelijk van school gestuurd; eens werd hij van een mulo verwijderd toen hij een lerares in badpak met een sterk vergrootte boezem afbeeldde op een springplank.

In "De Noorderlingen' zitten enkele autobiografische elementen. In 1961 verhuisde het gezin van Warmerdam naar een nieuwbouwstraatje aan de rand van Den Bosch. Achter het huis lag een zandvlakte met stapels bakstenen, waar na twee jaar een nieuwe wijk verrees. De straten werden nog aangelegd en op weg naar school lag een geheimzinnig bos, waar de broertjes Van Warmerdam dagelijks op de fiets doorheen reden.

In Den Bosch domineerde een ingetogen soort katholicisme. Gezinnen met vijf tot tien kinderen, huisbezoeken van de kapelaan en op zondag in kolonne naar de kerk. Het geloof heeft bij de gewezen misdienaar weinig trauma's nagelaten, het is vooral een rijke bron van theatrale verbeelding. Zijn ouders neigden naar vrijzinnigheid, ze baarden in de plaatselijke Bijbelclub opzien door bijvoorbeeld tegen te spreken dat de hostie het lichaam van Christus was.

Toen het gezin in 1966 verhuisde naar IJmuiden, waar vader van Warmerdam toneelmeester werd bij het Velzener Schouwburg, wist Alex via de Grafische School toch door te dringen tot de Rietveld Academie. Het was 1969, op de academie werd de leraar-leerling relatie als buitengewoon onderdrukkend ervaren. Iedereen kon zijn gang gaan; Van Warmerdam wil zijn Rietveld-periode dan ook nauwelijks als "studeren' omschrijven. Intussen richtte vader Peter van Warmerdam in IJmuiden het Witte Tejater op. Op het toneel hield hij een soort bonte avonden, waar lokaal talent optrad. Alex van Warmerdam stortte zich met broer Marc op het experimentele theater. Met straattheater traden ze op in de marge van popfestivals.

In 1971 kwamen de gebroeders van Warmerdam, en de clan die zich rond hen had verzameld, via muzikant Thijs van der Poll in contact met de “uit de hand gelopen schoolband” van de gebroeders Dick en Rob Hauser. Ze mochten wat acts proberen tussen de nummers door. Na twee jaar toeren langs jongerencentra en scholen, een soort verkapte toneelopleiding, kreeg de groep, die inmiddels Hauser Orkater heette, in 1974 via het Shaffy Theater een ingang in het schouwburg-circuit. Dick Hauser: “Daarvoor hebben we wel vier keer een première van ons programma gegeven. We waren beroemd in IJmuiden, maar de pers wilde maar niet komen.” In de loop van de jaren zeventig veroverde Hauser Orkater met hun eigenzinnige mengsel van theater, muziek, mime en acrobatiek de Nederlandse theaters.

Hauser Orkater stopte op het hoogtepunt in 1980, toen de groep met het programma "Zie de Mannen Vallen' in Frankrijk door de pers werd bejubeld. De muzikanten hadden hun aandeel zien teruglopen tot ondersteuning van de acts. Het "komisch duo' Jim van der Woude en Alex van Warmerdam had een haast klassieke verhouding opgebouwd: op het podium waren ze briljant, achter de coulissen was de sfeer te snijden. “We gingen interne scoreborden bijhouden of de eigen bijdrage in het programma wel voldoende uit de verf kwam”, zegt een betrokkene.

Onder de paraplu van stichting Orkater viel de groep uiteen in twee gezelschappen: De Mexicaanse Hond met de Van Warmerdams, en De Horde met de Hausers en Jim van der Woude. Bij De Mexicaanse Hond heeft de basisdemocratie van Hauser Orkater plaatsgemaakt voor de alleenheerschappij van Alex van Warmerdam. Hij schrijft de tekst, regiseert, acteert, ontwerpt decors en posters. “Ik zie Alex nu als de Adolf Hitler van het marginale theater”, zegt broer Marc van Warmerdam gekscherend. De associatie berust op het feit dat Alex meestal precies weet wat hij wil en daar moeilijk van af is te brengen. “Soms praten we met zijn allen over het programma. Dan willen wij rechtsaf, maar Alex zegt gewoon: we gaan linksaf. Dan heb je wel eens iets van "waar lullen we hier dan eigenlijk over?”, zegt een groepslid. Anderen noemen het "prettig' met iemand te werken “die niet eerst X zegt en de volgende dag Y.”.

Zelf is hij er waarschijnlijk niet zo van overtuigd dat hij precies weet wat hij wil. De Noorderlingen begon met een scenario “van zestien kilo”, dat geduldig uitgebeend moest worden. Zijn voorstellingen beschouwt hij zelden als af, er is altijd wel iets bij te schaven. Binnen Hauser Orkater waren de ruzies tussen Alex en Marc van Warmerdam over details legendarisch. “Of een neus nu blauw of rood moest zijn, want dat kleurde dan weer met dat decorstuk of die sierstrip. Iedereen zweeg dan maar, want als je iets zei werd je in de ruzie meegesleurd”, aldus Marc van Warmerdam. Die aandacht voor details is ook een van de redenen dat hij zichzelf geen goede schilder acht. Hij heeft naar eigen zeggen de neiging “te lang door te schilderen.” Mondriaan bewondert hij, niet omdat hij de schilderijen zo mooi vindt, maar wegens “zijn meedogenloze gang naar de eenvoud”.

Hij maakte in de jaren tachtig Abel, omdat de theaterregistraties van De Mexicaanse Hond door regisseur Frans Weisz hem matig bevielen. Weisz zou aanvankelijk ook Abel regisseren. “Hij mocht regisseren, als hij maar precies deed wat ik wilde”, zegt Alex van Warmerdam. Ondanks Abel heeft Van Warmerdam met 'de filmwereld' weinig contact. Wel maakt hij deel uit van een herenclubje van regisseurs, bestaande uit Theo van Gogh, Jos Stelling en Pieter Verhoeff, dat regelmatig bijeenkomt om te eten en te roddelen.

Met Abel kon Alex van Warmerdam een Bekende Nederlander worden. Uitnodigingen voor talk-shows of lezingen sloeg hij echter af. “Alex kan niet even voor de vuist weg een gezelschap toespreken. Het is die typische Van Warmerdam-angst om af te gaan, zonder tekst krijgt hij zenuwaanvallen”, denkt Marc van Warmerdam. Bij de laatste keer dat hij live zou worden geïnterviewd, vluchtte hij uit de studio toen het rode lampje ging branden. Ook voor De Noorderlingen zal hij niet live op televisie of radio verschijnen.

Volgens Van Warmerdam dreigt na tien jaar De Mexicaanse Hond sleets te raken. De muziek zal bij de volgende voorstelling een prominentere rol gaan spelen. Twee vaste tegenspelers, Marc van Warmerdam en Aat Ceelen, moeten het veld ruimen. De volgende film? “Misschien maak ik nu iets zonder décors, in de Bijlmer bijvoorbeeld.”

Een ongecompliceerde lachfilm zal het niet worden. Dat past niet bij zijn visie op humor, die eerder naar Buster Keaton dan naar Charlie Chaplin neigt. Iets wordt pas grappig als het niet grappig is bedoeld. “Als het publiek eenmaal begint met lachen, roept dat een gulzig soort honger op, het moet steeds meer zijn.”, zegt Van Warmerdam. “Veel mensen accepteren bij "De Noorderlingen' niet dat de humor steeds zuiniger wordt. Maar ik wilde bewust dat het lachen het publiek vergaat, steeds pijnlijker worden tot er helemaal niets meer te lachen valt.”